Moderne nomaden

Is Koert Lindijer de hedendaagse Wilfred Thesiger?..

Thesiger, de 'laatste ontdekkingsreiziger' bij de nomadenvolken, overleed in augustus dit jaar. Lindijer begint zijn zojuist verschenen boek Bittereinders, over het nomadenleven in Afrika, met een gesprek met zijn hoogbejaarde voorganger.

Lindijer voelt zichzelf een moderne nomade, alleen gelukkig als hij onderweg is voor zijn krant, NRC Handelsblad - al twintig jaar in Afrika. Hij is op zoek naar geestverwanten, een romantische onderneming. Maar helaas: de nomadenculturen die Thesiger beschreef, bestaan nauwelijks meer.

Al meteen in het begin - Lindijer heeft zijn woonplaats Nairobi, de hoofdstad van Kenia, nog maar nauwelijks verlaten - gaat het mis. Hij treft de Masai-leider Ole Timoi, die een gewiekst overlegger met hulporganisaties blijkt. Een van de vele tekenen dat de Masai niet aan de moderne tijd ontsnappen, dat het eens trotse volk in schijn-authenticiteit leeft.

En zo gaat het met de meeste nomaden die Lindijer bezoekt. In het noorden van Kenia is het leven van de Wuaso Boran ontaard in banditisme. Krijgers maken de wegen gevaarlijk in het dunbevolkte gebied dat grenst aan het chaotische Somalië. Dat is geen traditie, integendeel, oude regels worden met voeten getreden. 'In de onmetelijke zandbak vliegen nomaden elkaar steeds frequenter naar de keel.'

In de Sahara treft Lindijer de Tamasheqs (Toearegs), in een armoedige, verloederde staat. De jongeren zijn in opstand gekomen, ze willen een eigen 'staat', de Azawad. Maar de bloedige guerrilla heeft hen vervreemd van de ouderen, de gemeenschap is verscheurd.

Bij de Karimojong in Uganda zijn de traditionele, streng gereglementeerde veediefstallen verworden tot bloedige roofpartijen door krijgers met kalasjnikovs, sommigen nog maar dertien jaar oud.

De San in Zuid-Afrika en Botswana leiden een treurig bestaan, van hun jachtvelden verdreven en aan de drank geraakt; als ze geluk hebben, kunnen ze souvenirs maken in een projectje van een westerse hulporganisatie.

De Somaliërs zijn in meerderheid nomaden, en zij hebben misschien wel de grootste puinhoop van hun land en hun cultuur gemaakt in hun eindeloze onderlinge clanoorlogen met modern wapentuig. In het noorden, dat zich als Somaliland heeft afgescheiden, treft Lindijer voor het eerst iets dat lijkt op een nomadenstaat. Met een minister voor Nomadenzaken. Maar het bijbehorende visioen van een moderne nomade doet hem gruwen: hij 'rijdt in een comfortabele Toyota Landcruiser naast zijn kudde en bezit een draagbare telefoon'.

Uiteindelijk is Lindijer nog het gelukkigst bij de nomaden bij we hij al vele jaren kind aan huis is: de Samburu, het volk van zijn vrienden Lemelem en Kasao.

Bittereinders is een mooi boek, doortrokken van verlangen naar een tijd die Lindijer alleen uit oude boeken kent. Maar zelfs in zijn beeld van die tijd komen barsten. Bij de Afar in Ethiopië praat hij over de beroemde beschrijvingen die Thesiger van hun cultuur gaf, maar daar blijkt weinig van te kloppen. Zijn de Afar penishakkers (snijden zij het lid van hun overwonnen vijanden af)? Dat wisten de Afar zelf niet.

Het gesprek van Lindijer met Thesiger verliep ook al niet naar zijn verwachting. De oude baas bleek zijn romantische gevoelens en zijn empathie met de nomaden helemaal niet te delen. Lindijer blijkt geen moderne Thesiger, eerder zijn tegenpool: geen afstandelijke bezoeker in een romantische tijd, maar een romanticus in een harde tijd.

Zo schreef Lindijer een melancholische kroniek van het kwijnende bestaan van de Afrikaanse nomaden. Weinig romantisch, maar des te indrukwekkender.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden