Column

Moderne kleuters rijmen niet

Beeld anp

Tegen wie keek ik als 6-jarige op? Tegen Jeroentje. Letterlijk, om te beginnen. Wanneer ik gehoor gaf aan mijn Limburgse opvoeding en tijdens het plassen ging zitten - dat moest van mijn moeder, zittend plassen, anders kregen we met de zweep, en als mijn oudste broer dan per se ook staand wilde poepen, wat mij een redelijke claim leek, moest hij in het kolenhok.

Enfin, als ik dus toch maar ging zitten, dan zag ik op één uur het stripje hangen waarin Catootje Jeroentje voorstelt aan haar ouders. (Mijn vader had de wanden van ons toilet betengeld met spaanplaat en ze vervolgens behangen met de Jan, Jans en de Kinderen-afleveringen die mijn moeder uit haar Libelles had geknipt. Dát is nou liefde.)

Maar ook figuurlijk keek ik tegen Jeroentje op. Hij was namelijk een gást, zoals dat tegenwoordig heet. Heel relaxed staat hij in dat klassieke stripje naast Catootje, die vertelt dat haar vriendje de grootste grappenmaker van de klas is en dat ze daarom later gaan trouwen. 'Poep aan je mouwen.' Verder zegt Jeroentje niks. Hij ziet ook niks, trouwens, want zijn sluike haar valt voor zijn ogen. Hij heeft een legerbloesje aan met sergeantsstrepen op de mouw - hoe kwam die dude daaraan?

Zodra Jan of Jans iets zegt, rijmt Jeroentje dat er poep aan zit. 'Poep aan je klit' - ik illustreer maar even. Nou ja, misschien was Jeroentje niet zo drastisch. Of wel natuurlijk! Je weet het niet, het waren namelijk wel de seventies. Het ging er wild aan toe, overal, behalve bij ons, wij zaten zittend te plassen.

Ook cool aan Jeroentje was dat hij geen achternaam voerde. Deed hij gewoon niet. Vond hij niet belángrijk. Net als Waylon, maar dan veertig jaar eerder. Hier houden de overeenkomsten trouwens op. Jeroentje zou nooit aan iets meedoen als het Eurovisie Songfestival. Ja, zegt u, logisch voor een opgeschoten kleuter.

Ten eerste: 'Poep aan je leuter.'

Ten tweede: ik zei íéts als het Songfestival. Kinderen voor Kinderen bijvoorbeeld, daar zou Jeroentje ook never aan meedoen, als u het dan beter snapt.

Kinderen: 'Op een onbewoond ei-hei-heiland.'

Jeroentje: 'Poep op je weiland.'

Dat was vroeger, denk je dan. Zoals Jeroentje worden ze niet meer gemaakt. Bovendien krijgen de kinderen tegenwoordig een Surinaamse opvoeding, stond ergens.

Nu hebben wij hier geregeld spreeuwenbekjes over de vloer, en als Suzy druk is met het af- en aanvoeren van vliegjes en wormen, dan sta ik er zo'n beetje bij en knoop weleens een praatje aan, met de jongste, bijvoorbeeld, die 6 is.

'Zeg, krijg jij zo geen kouwe voetjes zonder je sokken?'

'Jij krijgt zelf kouwe voetjes zonder je sokken.'

Kijk eens even aan, moderne poëzie. Daarbij vergeleken was Jeroentje een brave rederijker.

'Je bent zelf een brave rederijker.'

Kent u Geert-Jan Knoops, de strafpleiter? Zo'n mondje trek ik. 'Doe toch maar even je sokjes aan, dametje, want het is fris.'

'Je bent zelf een fris dametje.'

Bert Groenman, mijn oude chef, wiens jasje ik vorige week nog in Amerika liet hangen, die bulderde in zulke gevallen: 'Kalm aan kleintje, trek het je niet aan. We zijn er om elkaar beter te maken.'

'Je bent er zelf om elkaar beter te maken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden