Modefeest verhult gebrek aan sex-appeal

De beste Nederlandse modeontwerpers hebben het vak niet daar geleerd, en de leerlingen kunnen niet in hun schaduw staan: zo uitbundig als FIA het eerste lustrum viert, zo mager zijn tot dusver de resultaten van deze Arnhemse mode-opleiding....

Hoe het gaat met de Nederlandse mode? 'Kijk maar hoe weinig mensen hier weer zitten', moppert een beginnend ontwerper. Mikpunt van zijn ongenoegen is een symposium met de beroemde Britse modehistoricus en -criticus Colin McDowell, donderdagmiddag in het Hilton Hotel in Amsterdam. Behalve een paar jonge Nederlandse ontwerpers, een handjevol door de Mondriaanstichting ingevlogen buitenlandse modejournalisten en de medewerkers van organisator FIA (Fashion Institute Arnhem), zijn er precies twee mensen op afgekomen.

Vooral beginnende Nederlandse modeontwerpers hebben het ongekend moeilijk. Het Fashion Institute Arnhem (FIA), de postacademische opleiding van de Arnhemse Hogeschool voor de Kunsten, werd opgericht om juist dat te voorkomen. De eenjarige cursus, die besloten wordt met een gezamenlijke show in Parijs, moest de kloof tussen kunstacademie en praktijk overbruggen en studenten voorbereiden op een succesvol eigen label of een baan bij een groot modehuis.

Inmiddels is de vijfde lichting halverwege de opleiding, maar grote triomfen zijn er tot nu toe niet te melden. De enige Nederlandse ontwerpers die het echt goed doen in het internationale circuit, Viktor & Rolf en Ronald van der Kemp (hoofdontwerper bij het Franse huis Celine), hebben de opleiding nooit gevolgd. Van de zo veelbelovende eerste lichting (onder meer Oscar Suleyman, Keupr/Van Bentm, Niels Klavers), waarvan vijf duo's op zeker moment hun collecties toonden in Parijs, showt alleen Francisco van Benthem nog daar, met zijn mannenlijn Wolf. De meeste FIA-afgestudeerden kunnen zelfs niet leven van hun ontwerpen.

Toch werd het vijfjarig jubileum deze week uitbundig gevierd. Met het bezoek van McDowell dus, die nog nooit in Nederland was geweest.

McDowelss advies aan de ontwerpers: concentreer je op de lokale markt en probeer váák op tv te komen. Maar vooral, een dag eerder, met een grootse, drukbezochte en, met dank aan sponsor Moët & Chandon, met roze champagne overgoten modeshow in het Amsterdamse Concertgebouw.

Als podium stond in het midden van de zaal een gigantische witte taart van zes verdiepingen. Vijf daarvan toonden telkens een jaargang van het FIA, als slagroom was er een speciaal voor de gelegenheid gemaakte theatrale creatie van Michiel Keuper. Begeleid door een in Dutch Design gestoken kamerorkestje kwamen ruim honderd modellen op.

Ondanks die immense taart met de beste ontwerpen van 34 van de meest fanatieke Nederlandse ontwerpers(duo's) wilde het maar niet indrukwekkend worden. Want hoe mooi en bijzonder sommige kleren op zichzelf ook zijn, ze toonden vooral wat er ontbreekt aan Nederlandse mode: lichtheid en sex-appeal. Nederlandse ontwerpen zijn geen trendy hebbedingen, maar conceptuele zoektochten. Bij elkaar werd het zelfs een beetje een hoekige, seksloze eenheidsworst.

Is het toeval dat de makers van de meeste uitschieters niet in Nederland geboren of opgegroeid zijn? Suleyman Demir van Oscar Suleyman (supervrouwelijke mode) en Hamid Ed-Dakhissi (sprookjesjurken van recycled materiaal) komen uit Marokko, Woijchiech Dziedzic (poëtische materiaalexperimenten) is een Pool, Angelos Bratis (vrouwelijke couture) een Griek, Marcel Moerel en Percy Irausquin (vrolijke, sexy vrouwenkleren) Antillianen.

Die laatste nam overigens twee dagen van tevoren al een voorschotje op de festiviteiten: in het Cobramuseum in Amstelveen, waar hij in het restaurant werkt, organiseerde hij maandagavond zijn eerste eigen presentatie. Tussen de schilderijen van Jan Sierhuis liepen veertien modellen in sexy latino jurken, driekwart broeoen, knap gemaakte, soepelvallende tops. Een enkel ontwerp deed erg denken aan het werk van de Franse couturier Christian Lacroix, waar Irausquin het afgelopen jaar stage liep, een ander leek verdacht veel op de jurk waarmee Hamid Ed-Dakhissi onlangs een prijs won op een internationaal modefestival, maar toch: feestelijke, draagbare, moderne kleren. Op een fijn, intiem showtje. Dat zou Nederland vaker kunnen gebruiken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden