Mode uit een dorp naast Schiphol

Na het Centraal Museum in Utrecht, waar tot een paar weken geleden Dutch Modernism, over jonge ontwerpers, was te zien, springt ook het Amsterdams Historisch Museum in op de belangstelling voor Nederlandse mode....

De beroemde Nederlandse couturiers - Frank Govers, Max Heymans, Edgar Vos, Frans Molenaar en Mart Visser - zijn uiteraard vertegenwoordigd. Maar er zijn ook kleren te zien van minder bekende namen als Liesbeth Royaards en Colette van Landuyt, couturiers met een vaste, kleine klantenkring, en moderne prêt-à-porter ontwerpers als Aziz en Saskia van Drimmelen. Een aantal prominente namen is echter opvallend afwezig. Waar is bijvoorbeeld de al sinds mensenheugenis in Amsterdam werkende Sheila de Vries? En waarom is Ferry Offerman wel opgenomen, maar Rob Kröner niet?

Het is een vrij willekeurige selectie, zegt conservator Annemarie den Dekker: 'We willen op de eerste plaats een groot publiek kennis laten maken met verschillende soorten mode die in Amsterdam gemaakt worden.'

Behalve kleding en een wel zeer ruime sortering accessoires zijn een paar voorbeelden van moderne materialen opgehangen, die voor de verandering mogen worden betast. Zo hangt er een stukje van een met synthetische coating bedekte stof zoals die wordt gebruikt door Aico Dinkla, die tweedehands kleren ombouwt tot heel nieuwe, barokke kledingstukken.

Hoogtepunt zijn de oude filmpjes. Een twintigjarige, pedante Frans Molenaar in Parijs, waar hij begin jaren zestig bij verschillende couturiers werkte. Of, net zo schattig, een jonge, langharige Frank Govers die nog vast van plan is de hele wereld te veroveren.

Tot ver in de jaren zestig was de Amsterdamse mode - en daarmee dus ook de Nederlandse mode - een letterlijke vertaling van wat 'Parijs' voorschreef. Zoals in een filmfragment wordt verteld: 'Parijs geeft de toon aan, en Nederland volgt die op de voet.' Nederlandse ontwerpers kochten patronen bij Franse couturiers en namen die het seizoen erop in productie, aangepast aan de minder verfijnde Hollandse smaak.

Met de opkomst van de op jongeren gerichte confectie kwam een einde aan de allesoverheersende invloed van de Parijse couture. Ontwerpers, ook de Nederlandse, keken nu ook naar andere dingen, het straatbeeld bijvoorbeeld. Frank Govers, samen met Frans Molenaar goed beschouwd de eerste Nederlandse couturier met een eigen stijl, liet zich een periode inspireren door de hippies in het Vondelpark. Zeker vanaf de jaren tachtig gingen Nederlandse ontwerpers geheel hun eigen gang. Met hun conceptuele 'Dutch Modernism' zijn een aantal onder hen zelfs een internationaal begripje geworden.

Opmerkelijk is het verschil in opvatting over de stad bij de verschillende generaties ontwerpers. In de jaren vijftig en zestig was Amsterdam nog een mekka, waar vooral homoseksuelen uit de provincie - wat de meeste couturiers tenslotte waren - eindelijk zichzelf konden zijn en een beroep konden uitoefenen dat elders gezien werd als een vrouwenberoep.

Ook voor het echtpaar Puck & Hans, dat in 1998 hun winkel aan het Rokin sloot, speelde de stad een grote rol. Hun eerste winkel openden ze in Den Haag, maar met hun vestiging in de hoofdstad zaten ze opeens dicht bij het vuur. Hier kochten mensen meer van hun trendy, maar redelijk betaalbare, dingen en hier zaten de redacties van modebladen als Avenue, waarin hun kleren in de jaren tachtig en negentig dan ook maandelijks terugkeerden.

Een paar uitzonderingen daargelaten, is de huidige lichting vooral gericht op het buitenland. Van Nederlandse kopers moeten de jonge Nederlandse ontwerpers het toch al niet hebben. Nederlanders die echt dure kleren kopen, nemen liever een bekend buitenlands merk.

Saskia van Drimmelen, Aziz en Niels Klavers noemen Amsterdam in video-interviews dan ook vooral een relaxte plaats, een dorp dat net stad genoeg is, lekker dicht bij Schiphol en dus de rest van de wereld.

En zodra de rest van de wereld zijn belangstelling heeft getoond, is het afgelopen met het Amsterdams ontwerper zijn. Dan afficheert een ontwerper zich liever niet meer nadrukkelijk als Nederlands. Reden dat Alexander van Slobbe en Viktor & Rolf, op dit moment de enige Amsterdamse ontwerpers met aanzienlijk buitenlands succes, ook de enige genodigden zijn die niet aan de tentoonstelling wilden meewerken. Van Viktor & Rolf opent zaterdag wel een overzichtstentoonstelling in het Groninger Museum.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden