Mister Korfbal zwaait af

Rebel, innovator, missionaris en coach, Ben Crum (69) is het allemaal in de korfbalsport. Maandag werd hij uitgeluid door het KNKV.

Hij herkende de ironie van het grootse afscheid na een dienstverband van 33 jaar bij het Koninklijk Nederlands Korfbalverbond, want de rebel in Ben Crum zal nooit verdwijnen. 'Ik was net een maand bondscoach, toen ik in mijn eerste interview riep dat het middenvak moest worden afgeschaft', zegt de 69-jarige Crum op Papendal.


'Dat heeft nog twaalf jaar geduurd, maar het was vloeken in de kerk. Ik moest meteen op het matje komen bij de oude Cor van Dijk, toenmalig KNKV-preses en vader van de latere bondsvoorzitter Cort. Van Dijk was een bestuurder van de oude stempel. Afspraken werden vastgelegd op de achterkant van een sigarendoos. Hij zei: Ben, wees nou verstandig. Misschien heb je gelijk met dat middenvak. Maar praat er niet over.


'In 1984 werd ik wel tijdelijk ontslagen als bondscoach, omdat ik tegen de afspraken in toch was ingevallen bij mijn club DKOD. Ik moest weg, maar drie maanden later werd ik weer aangenomen. Als speler en coach ben je een frontsoldaat. Je weet als eerste of je goed bent geequipeerd of niet.'


In 1995 velde Crum in Het Parool een hard oordeel over zijn sport. 'Ik had het korfbal in deze tijd niet willen uitvinden.' En nu, 16 jaar later? Crum: 'De zaalfinale in Ahoy verdient een upgrade. In de VS wordt een sportfestijn geopend met het volkslied. Je mag erom lachen, maar waarom zouden wij het Wilhelmus niet zingen voor de zaalfinale?


'Waarom spelen we één wedstrijd en geen best-of-5 tussen de sterkste ploegen van Nederland? Ik mis het debat in het korfbal en dan bedoel ik niet het moddergooien bij Ajax. Het enige waar Johan Cruijff gelijk in heeft, is dat de sport centraal moet staan. Nu draait het bij Ajax om de organisatie en de poppetjes en niet om het voetbal.


'Misschien ben ik na al die jaren een don quichot geworden. Ik heb altijd weerstanden opgeroepen. Maar ik wilde slechts mijn sport verbeteren. Bij het KNKV wordt juist te weinig over korfbal gesproken.'


Crum maakte de sport dynamischer zonder middenvak en stond aan de basis van de Korfbal League voor tien topclubs. Hij introduceerde de schotklok om het spel te versnellen, werkte aan een nieuwe korf en sleutelde aan diverse regels. 'De omgeving verandert en dus moet het korfbal veranderen. We zijn er nog lang niet. In het ijshockey worden complete aanvalslijnen gewisseld, waarom doen wij dat niet?'


Crum is innovator én missionaris tegelijk. Zo blijft hij pleiten voor internationalisering. 'Anders zakken we terug naar het niveau van 1902 en worden we een speeltuinsport. Zonder internationale uitstraling wordt het korfbal afgeschreven door NOC*NSF en het ministerie van VWS. In 60 landen wordt nu gekorfbald, zelfs in Pakistan en Nepal.


'Nederland zal altijd leidend blijven door de kracht van onze competitie. Kijk wat er gebeurt in sporten waar talenten al op jonge leeftijd naar het buitenland vertrekken. We hebben nu een zieke, totaal kapot gemaakte volleybalbond die nauwelijks een fatsoenlijke competitie kan organiseren.'


In 2005 voorspelde Crum dat korfbal in 2016 olympisch zou zijn. Hij heeft zijn doelen moeten bijstellen. 'Het KNKV had allang bij NOC*NSF op de stoep moeten staan om een voortrekkersrol te claimen in het olympisch plan. Als Nederland in 2028 de Spelen mag organiseren, hoort korfbal daarbij. Korfbal zit diep in de Nederlandse genen.


'Ook ik heb gezegd dat het gemengde karakter de korfbalsport een truttig imago heeft bezorgd. Toch ben ik ervan overtuigd dat we juist dat unieke aspect moeten benadrukken. Het is de ziel van korfbal, maar we zijn ingehaald als familiesport.


'In het Amsterdamse Bos zitten drie hockeyclubs met elk ruim tweeduizend leden op elkaars lip. Hockey is toch niet enorm gegroeid door dat rare spel met een stokkie en een bal? Er zit een sociale wereld achter. De middenklasse die zich thuisvoelt in het clubhuis, maar ook de captains of industry die zich verdringen om het hockey te financieren. Het korfbal heeft de slag gemist in het onderwijs.'


Met het Nederlandse team werd Crum Europees- en wereldkampioen en won hij de World Games. Als clubcoach ontbreekt de ultieme triomf: de nationale zaaltitel. Met PKC staat Crum vanavond in de halve finales van de play-offs tegenover titelverdediger Koog Zaandijk. 'Ik zeg niet dat ik de beste coach ben, maar ik hoef mezelf niet meer te bewijzen.


'Ik heb het korfbal ook als trainer trachten te vernieuwen. Zo heb ik de rollen in de sport gerelateerd aan dieren. De hoofdaanvaller is de tijger, de tweede aanvaller is de panter. De wolf is de aangever en de beer speelt in de rebound. Op die wijze kan ik ook het karakter van de korfballers accentueren. Die metaforen spreken de jeugd aan.


'Bij PKC vorm ik een duo met mijn voormalige pupil Jan de Jager. We vullen elkaar feilloos aan. Jan is de vriend van iedereen. Met Jan drink je een kopje thee. Die rol ligt mij niet, ik ben soms de klootzak die heilige huisjes omver wil trappen. In juli word ik 70 jaar en ben ik bejaard. Maar zo voelt het niet. Ik vind het nog heerlijk om te doen.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.