Missie imagoboost

Diplomaten en militairen roepen het vaak en hard: meedoen aan missies vergroot Nederlands internationale invloed. Is dat waar? En zo ja, wat levert deelname in Mali dan op?

De Amerikanen waren naar verluidt zo boos toen de Nederlanders besloten te vertrekken uit de Afghaanse provincie Uruzgan, dat we voor straf niet meer mochten meedoen met de G20, een jaarlijks topoverleg van negentien industriële landen en de Europese Unie. Oud-premier Balkenende had zich in juni 2010 voor het laatst mogen wentelen in het gevoel een potje mee te voetballen met wereldleiders. Wat hij aan tafel in het Canadese Toronto met Obama, Cameron en Sarkozy had bereikt? 'Het is meer dan een kommaatje op een andere plek', beweerde hij trots. Concreter dan dat werd het niet. Maar een ding is zeker: na het vertrek uit Uruzgan is Nederland niet meer uitgenodigd voor de G20.


Voorstanders van internationale samenwerking verwijzen vaak naar deze anekdote om aan te geven dat alles anders moet. Zij juichen het toe dat Nederland wil meedoen met een omvangrijke en potentieel zeer gevaarlijke missie in het Afrikaanse Mali. Want dat soort missies zou goed zijn voor de internationale reputatie.


Behalve 'een veiligere wereld' winnen we er ook die felbegeerde internationale invloed mee, bepleiten diplomaten en militairen vaak en gretig. Maar is dat wel zo? Waar blijkt dat concreet uit? En - als het waar is - is het erg als we niet meedoen?


'Zo'n missie als Uruzgan, dat is enorm gunstig voor onze internationale positie geweest', zegt oud-minister Ben Bot. 'Het land manifesteerde zich. Stond op de kaart. Daar profiteerde de handel van. We kregen gemakkelijker toegang tot regeringsleiders en staatshoofden. Als dat wegvalt, zoals nu een beetje het geval is, heeft dat geen voordelen. Integendeel. In de ogen van de VS, Rusland en China zijn we gereduceerd tot een van de kleine landen. Je telt minder mee.'


Ons aanzien in Europa is sinds enkele jaren ook 'aanzienlijk verschrompeld', zegt Bot, die van 1992 tot 2003 permanent vertegenwoordiger van Nederland was bij de EU in Brussel. Dat mag vaag klinken, maar een diplomaat die iets voor elkaar probeert te krijgen, merkt dat volgens hem wel degelijk. 'We horen niet meer bij de vertrouwde cirkel waar alle grote onderhandelingen worden voorgekookt. In mijn tijd werd ik overal bij betrokken, dat was mede omdat men Nederland een belangrijke speler vond. Als je aan de kant wordt gezet, mis je mogelijkheden.'


Ook defensie- en veiligheidsexpert Rob de Wijk merkt dat Nederland minder vaak aan internationaal overleg deelneemt. 'Ik hoor continu diplomaten klagen dat ze niet meer worden geconsulteerd', zegt De Wijk. 'Ik kom onze ministers, diplomaten en de hoogste militairen nog maar zelden tegen bij conferenties. Dat komt omdat Nederland internationaal niet meer meedoet. Daarmee is Nederland het informele, maar invloedrijke circuit uit gegaan.'


Polenmeldpunt

Het gevolg? Daar is niet altijd even makkelijk de vinger op te leggen. 'Er wordt niet meer naar je geluisterd. Je hebt geen stem meer en wordt buiten discussies gehouden. Je kan het landsbelang niet meer verdedigen', zegt De Wijk. Ben Bot: 'Op korte termijn is het effect moeilijk te meten. Maar als land dat zijn boterham voor meer dan de helft in het buitenland verdient, moet je een goed uithangbord hebben. Niet één, maar meerdere.'


De oud-minister memoreert hoe hij in 1999 met onder anderen de Britten een deal heeft kunnen sluiten over de nettobijdrage van Nederland aan de EU en ook hoeveel er weer terug zou komen. 'We haalden omgerekend zo'n 2 miljard euro extra binnen. In dat soort onderhandelingen, als men je wat gunt, weten ze ook wel: met dat eerste bedrag kunnen ze thuis niet aankomen. Dus zijn we vooraf met twee of drie hoofdrolspelers in een kamer gaan zitten. Daar kan je het verschil maken.'


Volgens De Wijk zijn er meer economische gevolgen als het beleid van Nederland zich naar binnen keert. 'Er is een directe link tussen de mate waarin een land geglobaliseerd is - via deelname aan internationale instellingen en de openstelling van markten - en de economische groei', zegt hij, verwijzend naar wetenschappelijk onderzoek van het KOF Swiss Economic Institute.


En dan gaat het niet alleen over wel of niet deelnemen aan militaire missies, ook interne politieke discussies kunnen een rol spelen. 'Dat idee van de PVV over het Polenmeldpunt bijvoorbeeld, heeft ons een deal gekost in Oost-Europa', zegt De Wijk. Ook europarlementariër Hans van Baalen (VVD) legt die link tussen het relletje over het Polenmeldpunt en het sneuvelen van een deal in Oost-Europa. Het zou gaan om de uitbreiding van de haven van Constanta in Roemenië. Daar wordt jaarlijks voor 40 miljoen ton aan goederen verscheept. Van Baalen: 'Nederlandse bedrijven die zouden mee bouwen, zijn orders misgelopen.'


Het idee van het Polenmeldpunt had ook 'direct negatieve invloed op de Nederlandse slagkracht in het Europees Parlement', vindt Van Baalen. 'We moeten in Brussel vaak proberen een meerderheid te halen. Oost-Europeanen zeiden destijds: we stemmen even niet voor jullie.'


De Wijk haalt het voorbeeld aan van China: aan de geschiedenis van dat land kun je volgens hem zien wat de gevolgen zijn van een naar binnen gekeerd beleid. 'Dat land ging na de 15de eeuw ten onder omdat de toenmalige keizers hadden besloten dat er niet meer gevaren mocht worden buiten de territoriale wateren. Pas eind jaren zeventig van de vorige eeuw gingen de luiken weer open. Dan zie je dus dat zo'n land heel hard gaat groeien.'


Zeker in Azië en het Midden-Oosten hangen beslissingen vaak van één persoon af, heeft oud-minister Bot ervaren. 'Als je jarenlang investeert in een goede reputatie bij de president, de sjeik of de emir, betaalt zich dat uit als je het nodig hebt.' Hij wil maar zeggen: zo'n goede internationale reputatie, gezien worden en ergens aanwezig zijn, is van groot handelsbelang.


Vuile werk

Maar betekent dit ook dat we dan altijd maar klaar moeten staan? In Uruzgan hadden we onze aanwezigheid al een keer verlengd - met de belofte dat het de laatste keer was - waardoor er buitengewoon veel van het leger werd gevraagd. De vraag kwam toen al op hoelang een Nederlands leger zo'n missie kan volhouden. Die vraag is alleen maar urgenter geworden na de vele bezuinigingsronden bij de krijgsmacht. Defensie zet alle zeilen bij om de Patriotmissie in Turkije te bemannen bijvoorbeeld. Hoelang we mee kunnen doen in Mali is nog niet bekend.


Internationaal is er 'geen begrip' voor dit soort praktische bezwaren van een klein land als Nederland om 'niet mee te doen', zegt defensie-expert De Wijk. 'Want dat slinkende budget en het kleine leger zijn een politieke keus.' In internationale kringen is ook 'beperkt begrip' voor regeringen die worstelen met binnenlandse kritiek om minder geld te spenderen in het buitenland. De Wijk: 'Als je om die reden weigert mee te doen aan een missie, zeggen andere landen: ja hoor eens, moeten wij in ons eentje het vuile werk opknappen? Het wordt niet gewaardeerd als Nederland alleen maar militairen naar het relatief veilige Timboektoe stuurt bijvoorbeeld. Er wordt verwacht dat een bondgenoot als Nederland meedeelt in het dragen van de lasten en risico's. Nederland moet niet zeuren, maar gewoon meedoen.'


Het kabinet-Rutte II lijkt het tij te willen keren en probeert uit alle macht de internationale reputatie te herstellen, vertellen diverse betrokkenen. VVD'er Hans van Baalen prijst niet alleen zijn partijgenoten premier Rutte en minister Hennis in dat werk, maar ook de PvdA-ministers Dijsselbloem, Ploumen en Timmermans: 'Ze doen het internationaal echt goed.' Pogingen om alsnog mee te doen aan een VN-missie in Mali en de lobby voor een tijdelijke zetel in de VN-Veiligheidsraad: het wordt volgens hem, De Wijk en Bot in internationale kringen gewaardeerd en gezien.


De Wijk: 'Staten zijn net mensen. Het draait voor een groot deel om de gunfactor. Als ik jou aardig vind, gun ik je meer dan de buurman. Dat betaalt zich altijd uit'. Van Baalen: 'We beginnen weer een hogere gunfactor te krijgen, dat merk je ja. Je kunt de gevolgen niet mathematisch berekenen. Dat het zus of zoveel extra opdrachten voor bedrijven oplevert. Maar kijk naar het gewone leven. Als je geen goede contacten hebt met je collega's of buren, dan hoor je niks, ze helpen je niet uit de brand als je problemen hebt.' Bij het internationale krachtenspel gaat het volgens de europarlementariër net zo: 'Je moet dingen horen en erbij horen. Zeker voor Nederland als handelsland is dat belangrijk. Want iedere goede ondernemer weet: succesvol handel drijven doe je met goede producten. Maar een hele hoop komt ook neer op gunnen.'


WIENTJES


GESPONSORDE AMBASSADES

In de discussie over de Nederlandse mogelijkheden om internationaal invloed uit te oefenen, worden altijd de bezuinigingen op het ambassade- en consulatennetwerk betrokken. Iemand die tegen die bezuinigingen is, is Bernard Wientjes, voorzitter van werkgeversorganisatie VNO/NCW. Diplomatieke posten helpen Nederlandse bedrijven in het buitenland vaak met het 'openen van deuren' bij lokale autoriteiten en het organiseren van handelsmissies die Nederlandse ondernemers veel geld opleveren. Volgens Wientjes verdient Nederland de helft van het geld in het buitenland. 'Daar bezuinigen doet denken aan een bedrijf dat de exportafdeling sluit in het land waar ze het meeste geld verdient. Dat is penny wise, pound foolish.'

Begin oktober maakte Wientjes bekend dat bedrijven bereid zijn om mee te betalen aan het openhouden van vijf consulaten-generaals die minister Timmermans van Buitenlandse Zaken binnenkort wil sluiten. Het gaat om de posten München, Milaan, Antwerpen, Osaka en Chicago, die gezamenlijk 7,5 miljoen euro per jaar kosten.

Wientjes deed in de Tweede Kamer een 'dringend beroep' om de consulaten open te houden. 'Wees verstandig, sluit ze niet. Indien een bijdrage van het bedrijfsleven nodig is, dan zijn wij bereid daarover te praten', aldus de aanvoerder van ondernemers. Regeringspartijen VVD en PvdA noemen het aanbod van Wientjes 'serieus'. Minister Timmermans buigt zich er nu over.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden