Minivisor (1975 - jaren tachtig)

In Memoriam Apparatus

Sommige apparaten zijn te vroeg voor hun tijd. Dat gold zeker voor de in Nederland ontwikkelde Minivisor-echoscoop.

Beeld -

Bij zijn geboorte werd hij door medisch technologen beschouwd als de crème de la crème van de echoscopie. Artsen daarentegen hadden geen flauw benul wat ze ermee aan moesten.

De Minivisor was zijn tijd veel te ver vooruit. Medici moesten nog aan het idee wennen dat echografie een goede manier was om menselijke organen in beeld te krijgen. Tot 1971 gebruikte een handjevol specialisten M-mode-echografie: een techniek waarbij één enkele ultrageluidsbundel op het orgaan werd gericht. Om een volledige doorsnede van een orgaan te verkrijgen, moest een patiënt doodstil blijven liggen, waarbij de bundel telkens een stukje werd verschoven. Het resulterende beeld was modderig en een doorsnede verkrijgen van een bewegend hart zat er niet in.

Daarin kwam verandering toen ingenieur Klaas Bom kwam werken bij de afdeling cardiologie van het pas opgezette Thoraxcentrum van de Rotterdamse Erasmus Universiteit. Hij had ervaring opgedaan met geavanceerde sonartechnieken bij de Nederlandse marine. Wat bij onderzeeërs al mogelijk was, zo redeneerde hij, moest ook in de geneeskunde zijn toe te passen. Hij ontwierp een apparaat waarbij twintig ultrageluidsbundels op een rij onderling elektronisch werden geschakeld. Het resultaat werd wereldnieuws in 1971: een echoapparaat dat een volledige doorsnede van een werkend hart in beeld bracht.

Paddestoel

Het eerste exemplaar was zo groot als een koelkast. Vooruitziende geesten bij het Thoraxcentrum zagen het nut in van een draagbare versie met batterijen. Samen met Organon Teknika ontwikkelden ze de Minivisor: een grote, gele paddestoel waar de omzetter van de ultrageluidsgolven en alle elektronica waren ingebouwd. Op zijn hoed droeg hij een beeldscherm met het formaat van een flinke postzegel.

Wat een uitvinding! Gynaecologen hoefden de paddestoel maar boven een zwangere buik te houden om leven te zien. Huisartsen en ambulancepersoneel konden hem overal mee naartoe nemen.

De medici zelf haalden er hun schouders over op. Ze hadden vooral moeite de beelden te interpreteren. Ze hadden nooit geleerd hoe een gezond orgaan er op een echo uitziet; hoe zouden ze dan een afwijking moeten herkennen op het friemelschermpje van die paddestoel? Organon gooide de ene na de andere vertegenwoordiger in de strijd om de artsen deze kennis bij te brengen, maar het mocht niet baten: het bedrijf verkocht ongeveer duizend exemplaren en gaf het uiteindelijk op. Pas in 1998 kwamen andere versies van draagbare echoapparaten op de markt.

Post mortem krijgt het apparaat toch nog de eer die het verdient: een Minivisor die een toenmalige projectleider van Organon Teknika jaren had bewaard op zolder, is onlangs bijgezet in het Museum Boerhaave in Leiden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.