Reconstructie

Ministerie betaalde bij coronadeals miljoenen aan geheime provisie

null Beeld Rein Janssen
Beeld Rein Janssen

Niet alleen Sywert van Lienden profiteerde van mondkapjesdeals met het ministerie van VWS, ook een grote commerciële partij boekte forse winst en bedong daarnaast heimelijk commissies. De inkooporganisatie van VWS kwam daar per toeval achter.

Frank Hendrickx en Tom Kreling

Bouw de brug terwijl je er overheen loopt. Het is de titel van het glanzende tijdschrift dat de overheid in oktober 2020 uitgeeft om het succes te vieren van het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCH), de in allerijl opgezette inkooporganisatie die de schrijnende tekorten aan beschermingsmiddelen tegen corona heeft bestreden. Ziekenhuizen, commerciële bedrijven en het ministerie van VWS werkten zij aan zij om met overheidsgeld honderden miljoenen mondkapjes, handschoenen, schorten en brillen te kopen voor de zorg.

In oktober hangt het ministerie van VWS de vlag uit: de magazijnen puilen uit. Topambtenaar Mark Frequin prijst in de glossy de ‘eendracht’ en ‘gedrevenheid’ van alle betrokken partijen. ‘Een unieke samenwerking van mensen uit het private en publieke deel van Nederland. Een samenwerking waarbij het niet ging om eigen, maar om gedeeld belang.’

Wat het tijdschrift niet vermeldt, is dat het prestigeproject van VWS dan al barsten vertoont. Bij twee deals van het LCH zijn de zorgen zo groot dat het forensisch bureau Grant Thornton wordt ingeschakeld om onderzoek te doen. De eerste kwestie draait om de dan bij het grote publiek nog onbekende deal met het bedrijf van Sywert van Lienden, de man die zei ‘om niet’ te werken, maar uiteindelijk miljoenen verdiende.

Bij het tweede dossier is het Britse beursgenoteerde bedrijf Bunzl betrokken, blijkt nu uit onderzoek van de Volkskrant. Het ministerie heeft de kwestie tot dusver nauwgezet uit het nieuws weten te houden. De Tweede Kamer krijgt alleen summier te horen dat er ‘een onregelmatigheid’ is geconstateerd door Grant Thornton.

Verwonderlijk is de geheimzinnigheid niet. Niet alleen blijkt dat er heimelijk commissies zijn bedongen bij leveranciers van de overheid, ook is er een miljoenenwinst geboekt door Bunzl, terwijl de belofte was om ‘zonder winstoogmerk’ te werken. Dat het ministerie zich terughoudend opstelt, heeft ook een reden: de afspraken binnen het LCH zijn nooit goed vastgelegd. Juridisch gezien lijkt de overheid amper wapens in handen te hebben.

Mondmaskers uit Shanghai

Op papier is het een mooie deal die in de tweede week van mei 2020 op tafel ligt. Een in Shanghai gevestigd bedrijf kan 20 miljoen chirurgische mondmaskers leveren aan het Landelijk Consortium Hulpmiddelen. De kwaliteit oogt goed en de prijs valt binnen de marges die de inkooporganisatie van de overheid hanteert: 0,43 dollar per stuk. Totale prijs: 8,6 miljoen dollar (ruim 7,5 miljoen euro).

De deal wordt voorgedragen door een ervaren inkoper van Bunzl, een aan de beurs in Londen genoteerde groothandelaar in beschermingsmiddelen met vestigingen in dertig landen. Het LCH drijft op mensen zoals hij. VWS-topambtenaar Frequin mag dan samen met Rob van Kolk, een divisiedirecteur van ziekenhuis AMC, de leiding hebben over de organisatie, de echte kennis van de wereld van mondkapjes, schorten, spatbrillen en jassen zit bij de experts die door grote bedrijven als Bunzl, Mediq, Brocacef en OneMed zijn uitgeleend aan de overheid.

Het LCH keurt de aankoop van de 20 miljoen mondmaskers goed. Wat de door VWS gefinancierde inkooporganisatie alleen niet weet, is dat Bunzl ook een eigen schaduwdeal heeft met de Chinese leverancier. Van elk mondkapje dat de overheid koopt van de Chinezen, is 5 dollarcent bestemd voor het Britse bedrijf. Als vergoeding voor de bemiddeling. Dat lijkt weinig, maar op 20 miljoen stuk gaat het om één miljoen dollar commissie.

De constructie van de zogenoemde kickback zit eenvoudig in elkaar: het Chinese bedrijf ontvangt 8,6 miljoen dollar van het LCH en sluist daarvan één miljoen dollar door naar Bunzl.

Zo staan er meer deals in een intern document dat door de Volkskrant is ingezien. Het LCH koopt een miljoen jassen bij een ander Chinees bedrijf voor 2,35 dollar per stuk. Van dat bedrag is 15 cent bedoeld voor Bunzl – een commissie van in totaal 150 duizend dollar. Een deal voor een partij brillen voor 1,23 dollar per stuk? 3 cent vloeit terug naar Bunzl, goed voor een kickback van 30 duizend dollar.

In totaal sprokkelen de inkopers van Bunzl zo voor circa twee miljoen euro aan commissies bij elkaar, bevestigt het bedrijf zelf. In de wereld van handelaren is het bedingen van dit soort vergoedingen geen ongebruikelijke zaak, maar toch begint de directeur van Bunzl Nederland te steigeren als hij de deals begin juni onder ogen krijgt. Hij keurt de commissies af.

Waarom?

Zwijgen

Dit is de uitleg die Bunzl geeft als de Volkskrant navraag doet: ‘Aangezien bij LCH het uitgangspunt was dat wij onze hulp zonder winstoogmerk zouden verlenen, hebben wij die commissies teruggedraaid toen die afspraken bekend werden bij het landelijk management. Wij hebben dus geen enkele betaling van de leveranciers ontvangen.’

Toch is er iets merkwaardigs aan de hand: Bunzl blijft tegenover het LCH zwijgen over de kickback-constructies. In een reactie stelt de multinational dat de inkooporganisatie van de overheid niets hoefde te weten, omdat de commissies nu eenmaal niet zijn ontvangen.

Voor de overheid blijft de schade desondanks hetzelfde. VWS betaalt nog steeds twee miljoen euro extra voor de spullen. Alleen gaat de heimelijk bedongen commissie niet naar Bunzl, maar mogen de Chinese leveranciers het geld houden.

Waarom speelt Bunzl geen open kaart? Zeker is dat het bedrijf begin mei een nog veel groter ijzer in het vuur heeft bij het LCH. Dochteronderneming Majestic mag voor minstens 80 miljoen euro chirurgische mondmaskers leveren aan de overheid. En de potentiële winst van die deal is een veelvoud van de commissies die zijn bedongen bij de Chinese leveranciers. Het opbiechten van de kickbacks kan de goede relaties met het LCH op het spel zetten en daarmee de deal van Majestic.

Wat de overwegingen ook zijn bij Bunzl, de overheid blijft die zomer in het ongewisse over de commissies. De kans dat de zaak ooit aan het licht komt, is minimaal. Alleen de Britse groothandelaar en de Chinese leveranciers weten van de kickbacks. Niemand zal erover praten.

Wat kan er mis gaan?

null Beeld Rein Janssen
Beeld Rein Janssen

Scepsis

De oprichting van het Landelijk Consortium Hulpmiddelen midden in de eerste golf van de coronapandemie is een noodgreep. De markt is in februari 2020 op drift geraakt en schimmige tussenpersonen vragen woekerprijzen voor beschermingsmiddelen. Het ministerie van VWS en de ziekenhuizen blijken soms zonder het te weten tegen elkaar op te bieden om mondkapjes veilig te stellen.

De oplossing: er moet één centrale organisatie komen om de inkoop voor de gehele Nederlandse zorg te organiseren. Alles moet snel en al improviserend worden opgezet. De selectie van de commerciële partners gebeurt op opportunistische wijze. Het ministerie schuift Mediq naar voren, een groot Nederlands zorgbedrijf dat in handen is van een private-equityfonds. Vanuit de ziekenhuizen wordt OneMed voorgesteld. Dan volgen Brocacef en Bunzl – het laatste bedrijf meldt zich op eigen initiatief.

Concurrenten van die uitverkoren bedrijven tonen zich dan al sceptisch. Lang niet iedereen gelooft dat de ondernemingen louter altruïstische redenen hebben om de helpende hand te bieden. Azen ze op grote orders van de overheid? Dat het ministerie van VWS bezweert dat iedereen ‘zonder winstoogmerk’ meewerkt aan het Landelijk Consortium Hulpmiddelen en daarover afspraken op papier zijn gezet, verandert niets aan het wantrouwen.

Vertegenwoordigers van Mediq, OneMed, Brocacef en Bunzl hebben wel allemaal een convenant ondertekend met als kernafspraken: ‘Alle deelnemende partijen werken mee zonder winstoogmerk met betrekking tot de huidige problematiek.’ En: ‘Alle deelnemende partijen maken geen misbruik van onzekerheden en schaarste in de huidige situatie.’

Het is de bedoeling dat de bedrijven met hun netwerk gaan helpen om goede leveranciers te zoeken voor de overheid. Dat ze zelf ook als leverancier gaan optreden, ligt niet voor de hand. Belangenverstrengeling ligt dan al snel op de loer. De gedetacheerde inkopers moeten bepalen wat redelijke prijzen zijn voor beschermingsmiddelen. Hoe objectief zijn ze nog als hun eigen bedrijven ook zelf belang hebben bij leveranties? Bovendien is er sprake van voorkennis: de inkopers weten precies wat de overheid bereid is te betalen.

Een bedrijf als Mediq zegt dan ook nooit zelf te hebben geleverd aan het LCH – ‘op één uitzonderlijke levering van in totaal 35 duizend euro na’. De onderneming stelt bovendien dat ook andere commerciële partijen geacht werden niet zelf spullen te verkopen aan de overheid. ‘Alle partijen die onder het convenant in het LCH samenwerkten werden geacht zonder winstoogmerk te werken. We hebben andere partijen erop aangesproken om ook niet als leverancier op te treden.’

Vreemde mail

Het probleem is volgens ingewijden dat de aansturing van het LCH rommelig verloopt en de regels onduidelijk blijven. Niet iedereen vindt het een probleem dat de commerciële partners zelf willen leveren. ‘Het was oorlogstijd’, aldus een direct betrokkenen. ‘Als een bedrijf als Bunzl goede spullen kan leveren, waarom zouden we daar geen gebruik van maken?’

En dus krijgt Bunzl via dochteronderneming Majestic begin mei een paar grote orders voor in totaal minstens 80 miljoen euro. De Britse onderneming ziet er geen kwaad in. De overheid krijgt goede spullen voor een prijs die binnen de door het LCH gehanteerde marges blijft. Dat Bunzl ‘om niet’ kopers uitleent, betekent niet dat alle ‘normale bedrijfsactiviteiten’ stil komen te liggen, zo luidt het verweer. De multinational, die stelt dat de order ‘op verzoek van het LCH’ plaatsvond, levert tijdens de coronacrisis ook aan andere overheden.

De vraag is alleen of Bunzl echt een goede prijs in rekening brengt. Volgens een ingewijde die op de hoogte is van de prijsstelling, wordt er een flinke marge van zo’n 15 procent gerekend. Dat is minder dan gebruikelijk, maar de kosten zijn bij de levering aan het LCH ook lager dan normaal. De grootste kostenposten – transport en de distributie – neemt de overheid helemaal voor haar rekening.

Toch gaan Bunzl en het LCH rond de zomer op goede voet uit elkaar. Het bedrijf heeft zijn bijdrage geleverd door gratis drie inkopers te detacheren en daarnaast is er een mooie partij mondmaskers geleverd. Iedereen tevreden.

Dat verandert als het LCH daarna de administratie op orde probeert te brengen en er opeens een vreemde mail in de inbox opduikt. De mail is van een bedrijf uit de Chinese havenstad Ningbo dat na bemiddeling door Bunzl beschermingsjassen heeft geleverd aan het LCH. De Chinezen hebben een vraag die alle alarmbellen doet afgaan.

Waar moet de commissie voor Bunzl naartoe?

Geheim rapport van Deloitte

Voor Bunzl is de ontdekking van de kickback-constructie even onverwacht als pijnlijk. Er zit voor de multinational weinig anders op dan met de billen bloot te gaan bij het LCH. Het bedrijf erkent dat er commissies zijn bedongen, maar houdt vol die nooit te hebben geïnd.

De groothandelaar neemt de vlucht naar voren en huurt Deloitte Forensic & Dispute Services in om onafhankelijk onderzoek te doen naar de transacties bij het LCH. Dat rapport blijft geheim, maar Bunzl zelf beweert dat Deloitte tot een duidelijke conclusie komt: de bedongen commissies zijn nooit ontvangen.

Het ministerie van VWS schakelt zelf Grant Thornton in. Dat onderzoeksbureau constateert dat er wel sprake is van ‘een onregelmatigheid’ in de zaak met Bunzl, maar de precieze inhoud van het rapport blijft geheim. Het ministerie beraadt zich nog op vervolgstappen.

Bunzl wijst in een reactie aan de Volkskrant naar andere commerciële partijen binnen het LCH. Die zouden ook commissies hebben bedongen en ze bovendien hebben geïnd. ‘Uit het Grant Thornton rapport is ons gebleken dat andere deelnemende partijen wel hebben kunnen werken met commissies.’ Welke partijen dat precies zijn, zegt Bunzl niet te weten. Het ministerie van VWS wil er niks over zeggen.

De vrees van de concurrenten die in maart 2020 door het LCH buiten de deur zijn gehouden, lijkt zo bewaarheid te worden. Blijkbaar hebben Bunzl en andere partners binnen het LCH toch kunnen profiteren van hun hulp aan de overheid in tijden van nood.

Voor mensen die het internationale jaarverslag van Bunzl over 2020 lezen, komt dat niet als verrassing. Op pagina 40 wordt bij de deals in ‘continental Europe’ stilgestaan bij de mooie meevaller die het bedrijf in Nederland heeft geboekt. ‘We profiteerden van een substantiële order van mondmaskers van een overheidsorganisatie.’

Bunzl erkent dat de passage gaat over de levering aan het LCH, maar weigert te vertellen hoeveel brutowinst er is gemaakt. Op basis van de gehanteerde marge van zo'n 15 procent gaat het in elk geval om minstens 10 miljoen euro. Samen met Sywert van Lienden, die via zijn bedrijf ruim 28 miljoen verdiende, was de Britse multinational in dat geval een grootverdiener binnen het LCH.

Landsadvocaat

De vraag is of het ministerie er nog veel aan kan doen. Het convenant van het LCH bevat mooie woorden, maar de juridische betekenis is beperkt, constateert de Landsadvocaat in juli van dit jaar in een uiterst kritische analyse. De kernafspraken zijn zo onnauwkeurig geformuleerd dat onduidelijk is welke partij op welk tijdstip ‘zonder winstoogmerk’ moest werken, aldus de juristen.

Wat er gaat gebeuren met de twee miljoen euro aan commissies die het LCH onbedoeld betaalde, blijft ook onduidelijk. Volgens Bunzl ‘ligt het niet voor de hand’ dat de Chinese leveranciers de berekende commissies terugstorten naar de Nederlandse overheid, omdat de miljoenen een teken van waardering waren voor de langdurige relatie met de Britse groothandelaar.

Het ministerie van VWS houdt zich in een schriftelijke reactie op de vlakte. ‘Op dit moment wordt nagegaan wat de juridische positie van en de mogelijkheden voor de Staat zijn. Het gaat hier om belastinggeld en daarom wordt alles in het werk gesteld om onregelmatigheden recht te zetten.’

Voor het departement komt de kwestie ongelegen. Het ooit zo geprezen LCH heeft al zorgen genoeg. Slechts zo’n 15 procent van de 2,5 miljard aangeschafte spullen is daadwerkelijk naar de zorg te gaan. De rest ligt in pakhuizen opgeslagen, terwijl er amper nog vraag is en de houdbaarheidsdatum van honderden miljoenen mondkapjes in zicht komt. Er is inmiddels al voor zo’n 300 miljoen euro aan spullen afgekeurd.

Er loopt ondertussen ook al vele maanden een groot onderzoek van Deloitte naar de gang van zaken bij het LCH. De uitkomsten worden op z’n vroegst in het eerste kwartaal van 2022 verwacht. Eén les kan er volgens een betrokkene inmiddels wel getrokken worden: een brug bouwen terwijl je er overheen loopt, levert ook een hoop problemen op.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden