Minister wil 1 juni akkoord beschermingsconstructies: Zalm geeft fondsen en beurs nog extra tijd

Minister Zalm van Financiën heeft de Vereniging van Effecten Uitgevende Ondernemingen (VEUO) en de Amsterdamse effectenbeurs twee maanden extra tijd gegeven om een akkoord te bereiken over nieuwe regelgeving op het gebied van beschermingsconstructies tegen onvriendelijke overnames....

Van onze verslaggever

DEN HAAG

Dat heeft een woordvoerder van de minister maandag gezegd. De oorspronkelijke deadline lag op 1 april. 'De wetsvoorstellen liggen kant-en-klaar op de plank.'

Bij de Amsterdamse effectenbeurs en de VEUO was men maandag nog niet op de hoogte van de nieuwe uiterste datum. VEUO-secretaris R. Enschedé gaat er vanuit dat 1 juni haalbaar is. 'We zijn de afgelopen dagen een stuk dichter bij elkaar gekomen.' Op 15 mei is de jaarlijkse ledenvergadering van de VEUO. Enschedé verwacht dat er rond die tijd een akkoord is.

Een woordvoerder van de beurs zei te verwachten dat het uitstel toereikend is voor een gezamenlijke tussentijdse rapportage. 'Dat kan een akkoord zijn, maar ook een tussentijdse stand van zaken of een mislukking.'

De VEUO en het beursbestuur zijn november vorig jaar begonnen met onderhandelingen over een nieuw beschermingsregime. De oude regelgeving, die sinds 1992 van kracht is, had een geldigheidsduur tot 1 april dit jaar. Dit oude reglement voorziet in twee permanente beschermingsconstructies, zoals certificering van aandelen, de uitgifte van preferente aandelen of prioriteitsaandelen.

Eind vorig jaar presenteerden partijen een voorstel om overnames door een zogenoemd 'take-over-panel' te laten beoordelen. Volgens dit plan, overgenomen uit Groot-Brittannië, zou een groep onafhankelijke deskundigen een oordeel moeten vellen over de vraag of een potentiële bieder, die een bepaald belang in een bedrijf heeft opgebouwd, een bod mag uitbrengen.

Over de normen die het panel moet hanteren, liepen de meningen nogal uiteen. Volgens VEUO-secretaris Enschedé bestaat over deze criteria inmiddels overeenstemming.

Beursgenoteerde bedrijven, verenigd in de VEUO, en het beursbestuur verschillen nog van mening over de hoeveelheid aandelen die een bieder minimaal moet bezitten om naar het panel te kunnen stappen. Ook de tijd die moet zijn verstreken voordat hij een bod mag uitbrengen, vormt onderwerp van discussie.

De beurs vindt één jaar voldoende, terwijl beursgenoteerde bedrijven, bang voor uitverkoop van Nederlandse bedrijven, twee jaar prefereren. Over de hoeveelheid aandelen die de bieder moet bezitten, verschillen partijen eveneens van mening. Het beursbestuur vindt een belang van 66,6 procent voldoende, terwijl de bedrijven 75 à 80 procent als ondergrens willen hanteren. Enschedé noemt de verschillen op beide punten - tijd en percentage - niet onoverbrugbaar.

Bekend is dat Zalm streeft naar drastische vermindering van het aantal beschermingsconstructies. Vorig jaar oktober lekte uit dat hij samen met zijn collega's nieuwe wetgeving voorbereidde, waarbij samenwerkingsverbanden tussen bedrijven en grote aandeelhouders, zoals pensioenfondsen en verzekeraars, zou moeten leiden tot een meer natuurlijke bescherming.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden