Analyse Landbouwbeleid

Minister Schouten beweegt zich behoedzaam op groen mijnenveld: nieuwe visie op kringlooplandbouw verre van baanbrekend

Bij een pluimveehouder wordt kippenmest opgehaald die wordt vervoerd naar de energiecentrale waar het wordt verbrand om daar energie uit op te wekken. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Wie stiekem had gehoopt dat minister Carola Schouten (Landbouw) een revolutie zou ontketenen met haar plannen voor een kringlooplandbouw, kan die verwachtingen na maandag weer opbergen: een grote ommezwaai komt er vooralsnog niet. Er wordt hooguit een beginnetje mee gemaakt.

Maandag presenteerde minister Schouten haar visie op een duurzame landbouw in Nederland. Aan ambities geen gebrek: Nederland moet in 2030 het gidsland zijn voor kringlooplandbouw, verklaarde de minister vorig jaar al. Dat is een vorm van landbouw waarin niet de productie van zo veel en zo goedkoop mogelijk voedsel centraal staat, maar een die zich kenmerkt door een duurzame omgang met natuurlijke hulpbronnen zoals bodem, lucht en water.

Schouten voerde het afgelopen jaar talloze gesprekken met betrokkenen uit de agrarische sector. Naar de invulling van haar ideeën werd reikhalzend uitgekeken. Maar wie het maandag verschenen document met de weinig wervende titel Op weg met perspectief doorploegt, ziet toch vooral een minister die zich behoedzaam beweegt door een groen mijnenveld.

Dood spoor

De landbouw met zijn grootschalige productie en overmatig gebruik van kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen zit op een dood spoor. Dat roept niet alleen een handjevol milieuactivisten al jarenlang, dat zeggen ook steeds meer gerenommeerde wetenschappers en instituten in binnen- en buitenland, zoals de Raad voor de Leefomgeving en het RIVM.

De kwaliteit van het landschap holt achteruit, de biodiversiteit daalt dramatisch, het klimaat warmt op; de landbouw is een van de belangrijke aanjagers van het broeikaseffect. Om die beweging te keren, moeten we anders gaan produceren én eten: meer plantaardig en (veel) minder vlees vooral.

Sinds de Tweede Wereldoorlog hebben boeren alles op alles gezet om goedkoop eten voor iedereen te produceren. Dat is gelukt: voedsel is nu goedkoper dan ooit. Maar we zijn erin doorgeschoten, waarschuwen deskundigen. Met ons huidige productie- en consumptiepatroon putten we de aarde uit. Het zal anders moeten, en snel ook.

Verre van baanbrekend

Wat Schouten daartegenover zet zijn vooral goede voornemens, onderzoeken en experimenten. Er komt een ‘nulmeting’ van de bodemkwaliteit in Nederland. Vijf regio’s (de Achterhoek, Twente, De Peel, Flevoland en Noord Nederland) mogen experimenteren met vormen van kringlooplandbouw onder soepeler regelgeving.

Onderzocht gaat worden of fosfaat (een belangrijke, schaarse meststof) kan worden teruggewonnen uit menselijke uitwerpselen. Het gebruik van kunstmest wordt ontmoedigd ten faveure van compost en dierlijke mest.

Schouten zet een ‘team reststromen’ aan het werk om te kijken hoe voedselresten en etensafval beter kunnen worden hergebruikt als voer voor de dieren. Een ‘Taskforce Verdienvermogen’ moet nieuwe, duurzame verdienmodellen ontwikkelen voor boeren. Schouten trekt dit jaar 135 miljoen euro uit (dat is eenzesde van haar begroting) voor de kringlooplandbouw. Maar wat ze ermee doet, klinkt verre van baanbrekend – en dat is het ook niet.

Halvering veestapel

Onlangs zetten in de Volkskrant twee hoogleraren van Wageningen Universiteit hun visie op kringlooplandbouw uiteen. Daarbij hanteerden zij twee uitgangspunten: goede landbouwgrond mag alleen worden benut voor het produceren van plantaardig voedsel voor mensen. De hoeveelheid vee die boeren kunnen houden, is afhankelijk van het aanbod van biomassa die oneetbaar is voor mensen. Denk aan gras, gewasresten en voedselresten uit huishoudens en de industrie. De facto zou dat voor Nederland neerkomen op een halvering van de huidige veestapel.

Dat is een grote omslag die vraagt om fundamentele keuzes. Op dit moment wordt wereldwijd 40 procent van het akkerland gebruikt om veevoer te verbouwen. Nederland, met zijn akkers vol voedermaïs, zal daar niet ver vanaf zitten. Vanuit de kringloopgedachte bezien is voer verbouwen voor dieren, die dat via een omweg (en met verlies) omzetten in vlees en melk, pure verspilling.

Schouten gaat die keuzes uit de weg. Het woord visie komt in het 42 pagina’s tellende stuk welgeteld 72 keer voor. Maar een veelomvattende visie zelf ontbreekt. Er zullen stappen moeten worden gezet naar een duurzame veehouderij, schrijft de minister. Maar als het om vee en klimaat gaat, heeft de minister vooral het verbeteren van het stalklimaat op het oog.

Lange adem

Dat is deels begrijpelijk. Voor een al te radicale omslag krijgt de minister de agrarische sector niet mee. Die zal ze hard nodig hebben voor het verwezenlijken van haar ideeën. De verandering richting kringlooplandbouw is een zoektocht die ‘een lange adem vergt’, schrijft de minister niet voor niets.

Dat kun je realisme noemen, je kunt er ook een gebrek aan daadkracht in zien. Het zou al wat zijn geweest als Schouten ten minste het taboe had doorbroken dat nu in Nederland nog rust op het verminderen van de veestapel en het terugdringen van de vleesconsumptie. Dat is kennelijk nog steeds een paar stappen te ver.

In een interview voorafgaand aan de presentatie van haar plannen waarschuwde Schouten dat de consument in de toekomst meer moet gaan betalen voor zijn eten, zodat de boer meer kan verdienen. Uitgerekend deze regering verhoogde de btw op voedsel van 6 naar 9 procent. De consument is wel meer gaan betalen voor zijn voedsel, maar de boer ziet daar geen cent van terug. Dat verdwijnt in een andere kringloop.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden