Minister Schippers roept ruziënde gynaecologen en verloskundigen tot de orde

Minister Schippers (Volksgezondheid) roept vandaag de beroepsverenigingen van verloskundigen en gynaecologen tot de orde. De twee beroepsgroepen staan lijnrecht tegenover elkaar in de strijd tegen babysterfte. Zes jaar na een adviesrapport over de verbetering van de geboortezorg, is het overlegorgaan van de twee beroepsverenigingen uit elkaar geklapt.

Minister Schippers. Foto epa

In Nederland heerst al jaren een hevige discussie over de oorzaken en oplossingen voor de relatief hoge babysterfte. Volgens het laatste vergelijkende onderzoek, uit 2010, had Nederland op vijf landen na de hoogste babysterfte van Europa. Sindsdien daalde dat sterftecijfer, waardoor Nederland nu ergens in de middenmoot lijkt te zijn beland.

'De strijd tussen verloskundigen en gynaecologen gaat om de vraag wie het voor het zeggen heeft bij de begeleiding van de zwangere en de bevalling', zegt hoogleraar Koos van der Velden van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij stelde in 2009 het adviesrapport Een goed begin op. Geld speelt volgens Van der Velden ook een rol in de discussie. 'Terwijl er slechts één ding centraal zou moeten staan: moeder en kind.'

Onlangs wees de beroepsvereniging van verloskundigen, de KNOV, een plan af waaraan ze twee jaar samen met de gynaecologen hadden gewerkt. Vervolgens stapte de KNOV woedend uit het College Perinatale Zorg, dat als doel heeft de babysterfte te bestrijden. Aanleiding waren uitspraken van de voorzitter. Die zei in Medisch Contact: 'De KNOV wil gewoon niet veranderen. Zij willen per se dat verloskundigen de risicoselectie alleen blijven doen. Nou, dat is nou net wat er niet goed ging de afgelopen twintig jaar.' Verder beweerde de voorzitter dat de verloskundigen zich laten leiden door financiële prikkels.

Wel zo veilig: de gynaecoloog ernaast

In het Brabantse Bravis Ziekenhuis bewijzen gynaecologen en verloskundigen dat samenwerken kan. Maar: 'We hebben er jaren over gedaan.' Lees hier de hele reportage (+).

'Risicoselectie'

De verloskundigen verzetten zich tegen plannen voor gezamenlijke 'risicoselectie'. Daarbij wordt bepaald of een zwangere bij de verloskundige blijft of naar de gynaecoloog gaat. Nu screenen verloskundigen meestal zelf. Ze zijn bang dat gezamenlijke risicoselectie de zwangerschap zal medicaliseren.

Onzin, zegt voorzitter Guid Oei van gynaecologenvereniging NVOG. 'Je moet gewoon laagdrempelig samenwerken en naar elkaar kunnen verwijzen. Er zijn verloskundigen die vinden dat ze zo autonomie verliezen. Maar de enige die autonomie moet hebben, is de patiënt zelf.'

In de geboortezorg spelen bovendien 'perverse' financiële prikkels: voor iedereen loont het om de zwangere zo lang mogelijk bij zich te houden. Als de vrouw tijdens de bevalling naar het ziekenhuis moet, krijgt zowel de verloskundige als de gynaecoloog betaald.

Het zijn vooral de beroepsverenigingen die strijd voeren. 'Op de werkvloer gaat het best goed', zegt hoogleraar Van der Velden, 'maar zolang je met koepels om de tafel zit die om geld strijden, kom je er gewoon niet uit. Nu zijn het vooral de verloskundigen die zich militant opstellen, maar onder de gynaecologen bevinden zich ook hardliners. Zij schamen zich voor buitenlandse collega's, omdat hier nog steeds zoveel thuisbevallingen zijn.'

Minister Schippers zinspeelt op een 'integraal tarief' om samenwerking af te dwingen. 'Ik snap dat de minister haast heeft', aldus Van der Velden. 'Zij wil dit op haar naam hebben staan. Maar ze moet oppassen: als je één bedrag voor geboortezorg geeft zonder dat de rollen goed georganiseerd zijn, wordt dit gevecht achter de deur uitgevochten. Dat is niet goed voor moeder en kind.'

De KNOV wil niet reageren.

Meer over