Minister die terrein wil winnen, moet vandaag alert zijn

Tijdens het zogeheten constituerend beraad worden vandaag de werkterreinen van de ministers vastgelegd. En dat luistert nauw.

Het Binnenhof.Beeld anp

Welke minister krijgt de medisch-ethische kwesties? Bruno Bruins (VVD) voor Medische Zorg of Hugo de Jonge (CDA) van Volksgezondheid, Welzijn en Sport? Wie wordt verantwoordelijk voor de persoonsgebonden budgetten in de zorg: De Jonge of Bruins ? Blijft Integratie bij het ministerie van Sociale Zaken of verhuist het naar Binnenlandse Zaken?

Dergelijke kwesties worden vandaag beslecht. Aankomend ministers met territoriumdrift moeten toeslaan. Het omgekeerde geldt ook: als ze van politiek brisante onderwerpen af willen, moeten ze die vandaag wegschuiven. Tijdens het zogenoemde constituerend beraad van de nieuwe ministersploeg worden de werkterreinen van de ministers vastgesteld.

Dat luistert nogal nauw. Wie punten wil scoren, moet alert zijn. Wat bijvoorbeeld te doen met die twee ministers op Zorg? De Jonge wordt formeel baas van het ministerie, want hij is minister van VWS. Bruins wordt minister voor Medische Zorg en maakt gebruik van het ministerie van VWS. Komt er één begroting voor deze twee ministers of krijgen ze er ieder één?

Dezelfde vragen dienen zich aan bij de minister van OCW, Ingrid van Engelshoven (D66), en de minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs, Arie Slob (CU). Ook Sander Dekker (VVD), minister voor Rechtsbescherming, moet zijn territorium veroveren bij Ferdinand Grapperhaus (CDA), minister van Justitie en Veiligheid.

Het overleg is aan het eind van de middag in de zaal van de Rijksvoorlichtingsdienst op het ministerie van Algemene Zaken. Niet in de Trêveszaal, want daar vergadert vrijdags de ministerraad. Die is er formeel pas na de beëdiging. Meteen na het constituerend beraad is het startberaad op het Catshuis, de ambtswoning van de minister-president, enkele kilometers verderop in Den Haag. Daar komen ook de staatssecretarissen. Dat heeft meer het karakter van een eerste schooldag. Een kennismakingsbijeenkomst. Want hier komen de meeste nieuwe bewindslieden elkaar voor het eerst tegen.

Premier Mark Rutte is de enige die iedereen al heeft gesproken. Hij heeft het resultaat van het 'feitenonderzoek' van justitie, Belastingdienst en veiligheidsdiensten met alle kandidaten doorgenomen. Maar hun vooral gevraagd of er 'enig beletsel is in het heden of verleden van de kandidaat om de functie te aanvaarden'. Dat geldt ook hun gezondheid. Rutte vraagt zijn bewindslieden of zij zich bewust zijn 'van de zware fysieke eisen die het ambt stelt en of hij/zij zich daar toe in staat acht'. En hij heeft hun het Blauwe Boek meegegeven.

Dat heet officieel Handboek voor Bewindspersonen, maar wordt sinds jaar en dag het Blauwe Boek genoemd. Want ooit, voor de digitalisering, was het een blauwe multomap. Het is een basiscursus staatsrecht over de omgang met het parlement, de Raad van State en de Algemene Rekenkamer. Maar het gaat ook over de rechtspositie van een minister en staatssecretaris. Over het wachtgeld na ontslag (drie jaar en twee maanden) en het pensioen. En over de dienstauto.

Vooral gezellig

Al voor het bezoek aan Rutte is het gros van de aankomend ministers en staatssecretarissen aan de slag gegaan. De partijleiders hebben al grove afspraken gemaakt over de werkterreinen van ministeries toen zij die voor Medische Zorg, voor Rechtsbescherming en voor Basis- en Voortgezet Onderwijs bedachten. Natuurlijk proberen de bewindslieden dat met hun directe collega nog voor het constituerend beraad uit te werken - zo veel mogelijk in goed overleg, al is de minister wel de baas.

Het is de bedoeling dat er geen grote hobbels meer liggen voor het constituerend beraad en het startberaad, zodat het daar vooral gezellig wordt. En iedereen donderdag welgemoed aan de eerste werkdag kan beginnen met de beediging door de koning, de bordesfoto, het ondertekenen van het 'overdrachtsdossier' door de vertrekkende en komende minister op het ministerie en daarna de televisieuitzending van de NOS waarin alle ministers en staatssecretarissen zich kunnen voorstellen aan de kiezers.

Alleen op deze dag is het ministerschap 'leuk', liet oud-minister Hans Wiegel ooit optekenen. Daarna wordt door de meesten reikhalzend uitgezien naar de laatste dag van het ministerschap. Hij adviseert bewindslieden om de verlichting op de ministerskamer 's avonds altijd aan te laten zodat voorbijgangers en ambtenaren denken 'dat daar nog wordt gewerkt'.

Vrijdag begint het echte werk met de eerste ministerraad in de Trêveszaal. Daar wordt informeel de pikorde vastgesteld met de tafelschikking. De premier zit in het midden van de langwerpige tafel, met de vicepremiers tegenover zich. Hoe ouder het ministerie hoe centraler de plek. Wee degeen die op de flanken van de tafel terechtkomt. Die heeft een lastige uitgangspositie om tijdens de ministerraad de aandacht van voorzitter Rutte te trekken en het woord te krijgen.

Na het vaststellen van de tafelschikking worden de begrotingsregels vastgesteld waaraan de ministers en hun staatssecretarissen zich te houden hebben. Meevallers zijn voor de minister van Financiën, tegenvallers moeten op de eigen begroting worden opgevangen. Tenzij anders wordt besloten natuurlijk. Maar de eerste ministerraad zal bij gebrek aan grote voorstellen kort zijn. Tijd genoeg om nog even langs het ministerie te gaan en daarna snel met de dienstauto naar huis.


Het Jachthuis Sint Hubertus

Bewindslieden hebben voorrechten. Een van de leukste is logeren op de Hoge Veluwe. Ze mogen logeren in het Jachthuis St. Hubertus, iets dat voor gewone stervelingen niet is weggelegd. Met maximaal acht personen mogen zij er maximaal drie nachten blijven. Tegen betaling, dat wel. Ze worden ontvangen door de directeur van het Nationale Park De Hoge Veluwe. Het jachthuis is eigendom van de staat en wordt beheerd door de Rijksgebouwendienst. De bewindslieden mogen er ook dineren of de lunch gebruiken met maximaal 24mensen. Wat een verblijf hun kost, wil de Rijksvoorlichtingsdienst niet zeggen. Ook niet welke ministers of staatssecretarissen er de afgelopen jaren hebben gelogeerd of gedineerd.

Het Jachthuis Sint Hubertus op de Hoge Veluwe.Beeld ANP

De dienstauto

Iedere minister en staatssecretaris krijgt een auto met chauffeur. Die moeten ze om 'redenen van bereikbaarheid en veiligheid' altijd gebruiken, ook privé. Alleen als ze op vakantie gaan, moeten ze met eigen vervoer. Maar dan nog geldt de vuistregel die tien jaar geleden werd afgekondigd: 'Wel kan de bewindspersoon in voorkomende gevallen besluiten - met name om veiligheidsredenen - de dienstauto met chauffeur te gebruiken voor het brengen naar (en eventueel halen van) de vakantiebestemming.' Het kan ook zijn dat de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) eigen vervoer geen goed idee vindt en gebruik van de dienstauto adviseert.

Maar het staat ministers en staatssecretarissen natuurlijk vrij om in Den Haag zelf de straat op te gaan, lopend of op de fiets. De ministeries liggen vrijwel allemaal op loopafstand van het parlement en het werkpaleis van de Koning. Zo'n wandeling wordt vaak als uitje gezien.

Hunkerbunker

Een minister of staatssecretaris maakt lange dagen. Om te voorkomen dat hij of zij achter het stuur in slaap valt, krijgt hij (zij) een auto met chauffeur. Maar zij kunnen ook een verhuisvergoeding krijgen als zij bij beëdiging meer dan 50 kilometer van hun ministerie wonen. Het nieuwe huis moet dan wel dichtbij zijn, maximaal 25 kilometer van het departement.

Degenen die niet verhuizen, maar minimaal 50 kilometer van Den Haag wonen, kunnen een gemeubileerd appartement 'ter beschikking' krijgen. Dat ligt maximaal 25 kilometer van hun ministerie.

Van de nieuwe bewindslieden , kunnen bijvoorbeeld minister van Financiën Wopke Hoekstra (Bussum, circa 82 kilometer), Kajsa Ollongren (Amsterdam, circa 70 kilometer) en Ank Bijleveld (Goor, circa 180 kilometer) aanspraak maken op zo'n pied-à-terre.

Veel Kamerleden huren zelf zo'n 'hunkerbunker'. Maar zij hebben dan ook geen auto met chauffeur die hen na een lange Kamerdag bij nacht en ontij naar huis kan rijden.

Het Kabinet Rutte III

Zij worden genoemd voor een ministerspost in kabinet-Rutte III - goede keuzen?
Halbe Zijlstra, Eric Wiebes, Wopke Hoekstra. Het zijn de eerste namen die concreet worden gelinkt aan een post in het nieuwe kabinet. Goede keuzen? Lees het hier.

Rutte III krijgt nu snel vorm: Dekker naar Veiligheid, UWV-baas Bruins op Onderwijs
De formerende partijen hebben gekozen voor vertrouwde namen die al ervaring hebben opgedaan op en rond het Binnenhof, voor of achter de schermen. Lees hier hoe dat in zijn werk ging.

De belangrijkste plannen van het nieuwe kabinet
Na een historisch lange formatie is het kabinet Rutte III er eindelijk. Wij gidsen je door het regeerakkoord. Hoe wordt het geld verdeeld? Wat hebben de partijen binnengesleept? En op welke punten gaat de coalitie het moeilijk krijgen? Bekijk het Rutte III-filter.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden