MiniManhattan

De voltooiing van het IJDock nadert, met een nieuw gerechtsgebouw, appartementen en bedrijfsruimten. Joekelarchitectuur in het hart van Amsterdam, kan dat? Ja, het zicht op de oude stad blijft met dit sluitstuk behouden. Stedenbeleid van nu, met uitbreiding van binnenuit.

Soms lopen de dingen raar in de architectuur. De oude, historische stad en architecten die nieuw, groots en hoog willen bouwen, dat verhoudt zich doorgaans als water tot vuur. Maar op het nieuwe IJDock, een kunstmatig eiland met vijf grootsteedse gebouwen, hebben de nieuwe stad en het oude Amsterdam elkaar juist opgezweept tot een opmerkelijke vorm.


IJDock ligt tegen het oude centrum aan, tussen de stad en het IJ. Deze locatie is typisch een gevalletje van stadsverdichting: het nieuwe beleid om geen huizen en bedrijven aan de stadsrand bij te bouwen, maar de dure centrumgrond zo intensief mogelijk te benutten. De plek ligt 500 meter ten westen van het Centraal Station Amsterdam en grenst aan een van de dichtst bebouwde stukken grond van Nederland: tot 300 woningen per hectare zonder dat de hoogbouw hoger reikt dan 35 meter.


Het schiereiland IJDock schuurt ongemakkelijk aan tegen de monumentale stad, met bouwvolumes van 44 meter hoog, en 80 duizend vierkante meter vloeroppervlak op een stuk grond van 60 meter breed, 180 meter lang. Er staan vooral kantoren op deze plek, een hotel, een paar woonappartementen, een jachthaven, een bureau voor de waterpolitie en, het belangrijkste, het nieuwe gerechtshof van het ressort Amsterdam.


Dit is het sluitstuk van een groot en ambitieus project om de zuidelijke IJ-oevers in Amsterdam opnieuw te ontwikkelen, een project dat al ruim twintig jaar loopt. Het eiland is zo goed als af. De waterpolitie vaart al met zijn bootjes af en aan naar hun eigen havenhoofd. Het Paleis van Justitie is vorige maand opgeleverd en alleen aan het hotel en de jachthaven wordt nog gebouwd.


Alle gebouwen liggen aan een straatje genaamd IJdok (zonder c) dat het eiland in de lengterichting van west naar oost doorsnijdt. Dat straatje is een wonderlijk straatje geworden. Van de oever of het water af bezien, komt het schiereiland met kantoorblokken behoorlijk vlak en kolossaal over. Maar het mirakel zit van binnen, dat ontdek je pas als je vanuit dat straatje naar buiten kijkt.


De straat IJdok oogt smal en hoog, de rooilijn vormt een grillig patroon van pieken en dalen, van inkepingen en uitstulpingen. Het is bijna filmische architectuur, als het Metropolis van Superman, grotesk en wonderlijk. De bouwhoeken zijn scherp als strijkijzers en doen denken aan het fameuze Flatironbuilding in New York uit 1902. De hoogte, de nauwte en de compactheid bewerkstelligen dat je je 180 meter lang in een echte grote stad waant: een mini-Manhattan aan het IJ.


Dat scherpe en groteske lijnenspel wordt veroorzaakt door de voorgeschiedenis van dit ontwerp. Toen IJDock op de tekentafel lag, was het duidelijk dat gebouwen van 44 meter hoog slecht vallen bij de clubs die het oude stadsgezicht willen beschermen. Anders dan in Rotterdam is in Amsterdam alles wat de hoogte van een kerktoren benadert, verdacht. De masterplan-architecten Bjarne Mastenbroek en Dick van Gameren maakten een maquette van een massief bebouwd eiland. Met lampjes trokken ze zichtlijnen vanaf de grachtengordel naar de bouw-locatie op het IJ. Op de plekken waar het licht het bouwblok schampte, sneden ze plakjes van hun plan af, zodat het zicht vanuit de oude stad op het IJ gerespecteerd zou blijven.


De architectuur is dus indirect geboetseerd door de oude grachtenstad. Als je boven op het eiland kijkt, lijkt het of ze hatsekidee met een karatehand dwars op de maquette een diepe V hebben geslagen. Dat is de zogeheten Keizersgrachtsnede - genoemd naar de zichtlijn vanaf die gracht. Het is de opvallendste van de in totaal vier zichtlijnen die het eiland doorsnijden. De Keizersgrachtsnede ploegt een diep spoor door het hotel en het appartementencomplex en zorgt voor de scherpe hoeken en de onverwachte vormen.


De V kruist het enige wooncomplex op het eiland, een ontwerp van Zeinstra van Gelderen architecten, overdwars op driekwart van het gebouw. Het dak duikt naar beneden en klimt dan weer steil omhoog. Daardoor blijft er een curieuze puntige en kleine toren als restruimte over. Dat vormt een koopappartement van negen etages hoog, met een totaal vloeroppervlak van 'slechts' 330 vierkante meter. De topkamer is 4 vierkante meter groot. Maar je woont dan wel in het gekste en scherpste torentje van Amsterdam met uitzicht op het IJ.


Amsterdam heeft in zijn recente geschiedenis, de afgelopen 150 jaar, een moeizame relatie ontwikkeld met het IJ, wat toch de geboortegrond is van de stad. Het water is grotendeels verdwenen achter het Centraal Station. Maar aan de reparatie wordt gewerkt. Iconische gebouwen als het EYE Filminstituut (2012) op de noordoever en Muziekgebouw aan 't IJ (2005) in oost moeten het gemis deels goedmaken. Het IJDock vormt het voorlopige westelijke sluitstuk van dit nieuwe 'waterplein' dat tussen deze drie gebouwen en het Centraal Station ligt.


Belangrijkste publieke gebouw op IJDock is het nieuwe Paleis van Justitie (ontwerp Claus en Kaan Architecten). Dat dit gerechtshof na jaren van getouwtrek toch voor het centrum van de stad is behouden - het zat twee eeuwen lang om de hoek bij het Leidseplein - is goed nieuws voor Amsterdam. De verhuizing van de lagere rechtbank naar de buitenrand van de stad wordt achteraf niet heel gelukkig bevonden. De rechtspraak moet in de stad zitten, niet erbuiten.


Ook de opvatting over hoe een gerechtsgebouw eruit moet zien, is behoorlijk gewijzigd. Dat is goed zichtbaar in het ontwerp van Claus en Kaan. Het juridische complex bestaat uit twee delen, een kantoor voor het Openbaar Ministerie en het hof met de zittingszalen, verbonden door een loopbrug. Het Paleis van Justitie is een chic pand in vele tinten wit uitgevoerd. Met onder een grote oversteek een pleintje dat toegang geeft tot een entreehal die glimt van het chroom en wit marmer.


Als deze architectuur iets wil zeggen, is het dat de rechterlijke macht de tijd is gepasseerd van gerechtsgebouwen die vooral alledaagsheid uitstralen. De 'gewone' rechtbank die in de jaren zeventig en tachtig in Amsterdam is gebouwd, is niet te onderscheiden van andere kantoorgebouwen. Dit hof echter ademt gezag en statuur. Ook de wat verheven naam Paleis van Justitie was lang taboe, maar prijkt nu weer trots op de gevel.


Maar dat witgetinte paleis kan niet verhullen dat het IJDock van buitenaf een massief kantoorvolume is geworden dat tegen de oude stad aanleunt. Het lijkt de onvermijdelijke consequentie als je belangrijke functies voor de binnenstad wilt behouden. De architectonische compensatie zit in de binnenruimte van het eiland. Vooral de bijdrage van Zeinstra van Gelderen architecten is een verademing. Hun woonblok is bespikkeld met erkers en balkonnetjes die van een ragfijn metalen sierhekwerk zijn voorzien. Het is zo bont en druk als een Indiase stadsstraat. Enorm over de top, maar daarom vormt het het juiste tegenwicht tegen de zakelijke kantooromgeving.


IJDock vormt een mooie casus voor het stadsverdichting in Nederland. Planologen zien vandaag de dag meer heil in het compact bebouwen van binnensteden dan in het aanwijzen van nieuwe vinexlocaties. Maar simpel is verdichten niet. Bouwen in het hart van de stad vraagt om veel architectonische kwaliteit. En vooral dat complexen als deze niet alleen bestaan uit inwisselbare kantoren, maar belangrijke publieke functies in zich bergen. Dat is de enige rechtvaardiging om een joekel als dit complex in het IJ af te zinken. Dankzij de architectuur van het binnenstraatje en de aanwezigheid van het Paleis van Justitie is de optelsom van IJDock voor de stad niet negatief uitgepakt.


IJDock, Amsterdam. Masterplan: Bjarne Mastenbroek en Dick van Gameren. Ontwerpen: Zeinstra van Gelderen, Jan Bakers en Ben Loerakker en Claus en Kaan. Ontwikkeling: ASR Vastgoed. Bouw: 2010-2012. De zittingszalen van het Paleis van Justitie openen in april 2013.


Nieuw Paleis

Het gerechtshof Amsterdam houdt vanaf 16 april zitting in het nieuwe Paleis van Justitie op het IJDock. Dan komt een eind aan bijna twee eeuwen rechtspraak in het oude hof aan de Prinsengracht in Amsterdam. Dat gebouw, dat stamt uit 1663 en oorspronkelijk als aalmoezeniershuis dienst deed, is vanaf 1836 door de rechters gebruikt en talloze malen verbouwd. Maar het is te klein en niet meer aan te passen aan de eisen die de moderne rechtspraak stelt. In het nieuwe Paleis op het IJDock is op 8 februari een open dag voor publiek.


Big Ben

Het appartementencomplex op IJDock bevat de misschien wel curieuste woning van Amsterdam.


Hij is kasteelheer van het scherpste torentje van Nederland, de 58-jarige ingenieur die het appartement van negen etages op IJDock in Amsterdam heeft gekocht. De topkamer heeft een oppervlakte van slechts 7 vierkante meter. De bewoner en zijn echtgenote gebruiken het als stiltecentrum, op 44 meter boven de stad en het IJ.


De ingenieur viel meteen voor het bizarre en curieuze appartement dat in totaal 330 vierkante meter telt. Veel vloeroppervlak gaat verloren door de scherpe driehoeksvorm en het relatief grote ruimtebeslag van het trappenhuis. Het torenappartement heeft 136 traptreden en geen lift. 'Het houdt ons jong', zegt de bewoner.


Dat het vloeroppervlak over zo veel etages is verdeeld, deert hem niet. 'Ik zie elke etage als een aparte kamer.' Hij liet het appartement zonder tussenmuren opleveren. Zijn eerste verdieping, de derde etage van het complex, is de grootste met 80 vierkante meter. Daar eet en kookt het echtpaar. Het appartement heeft op negen plekken balkonnetjes aan de binnenstraat van het IJDock.


Pas vanaf de zesde en zevende etage worden de oppervlakten snel kleiner en merk je dat er steeds meer vierkante meters worden afgesnoept door de zogeheten Keizersgrachtsnede - de 'kloof' die het appartementencomplex doorklieft en die moet zorgen dat de zichtlijnen vanaf de oude stad niet worden verstoord. Verdiepingen 9 en 10 zijn samengevoegd en kennen een plafondhoogte van 6 meter met een oppervlakte van 10 vierkante meter. Dat wordt de bibliotheek.


Geen buren aan de zij- en onderkant en toch midden in de stad, dat vindt de ingenieur, die niet met zijn achternaam in de krant wil, het grootste voordeel van deze plek. Duur vond hij het huis niet. 'De vierkantemeterprijs lag beneden de 3.000 euro. Dat is voor deze plek in de stad laag.' Hij heeft zijn huis zelf geen bijnaam gegeven. 'Mijn voornaam is Ben, vrienden noemen het wel de Big Ben. Tja. Dat is onvermijdelijk misschien.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden