Minder zorg, lagere belasting

De alarmerende verhalen over de uit de hand lopende kostenstijgingen in de gezondheidszorg tuimelen over elkaar heen. Paul Schnabel, de directeur van het Sociaal Cultureel Planbureau, ongevraagd adviseur voor alle problemen, en Wouter Bos, zorgpartner bij KPMG, een adviesorganisatie die een flink deel van haar omzet haalt uit het adviseren van zorginstellingen, leverden afgelopen week weer verse bijdragen aan het woekerende verhaal dat de collectief gefinancierde zorg onbetaalbaar wordt en dat de enige oplossing is dat een steeds groter deel van de rekening bij de patiënt wordt gelegd. Zo opperde Schnabel als oplossing, en Wouter Bos sloot zich daar in het tv-programma Buitenhof bij aan, dat ouderen hun eigen woning te gelde moeten gaan maken om de zorgkosten te betalen.

Wat opvalt in de discussie is dat bepaalde veronderstellingen die worden gehanteerd als feiten worden gepresenteerd en niets te maken hebben met de maatschappijopvatting van de discussianten. Zo wordt in alle toonaarden de suggestie gewekt dat de vergrijzing de belangrijkste oorzaak is van de kostenstijging in de zorg.

Het is natuurlijk waar dat naarmate mensen ouder worden ze meer zorg nodig hebben. En de meeste kosten worden gemaakt in het laatste levensjaar. Maar dat is altijd zo geweest en heeft niets met de vergrijzing te maken. Ook als er geen sprake zou zijn van vergrijzing, zouden de kosten van de gezondheidszorg meer stijgen dan de groei van het nationaal inkomen. Om twee redenen: in de eerste plaats omdat zorg mensenwerk is en zich niet leent voor automatisering. Verreweg het grootste deel van de kosten bestaat uit salarissen en als die stijgen, stijgen de loonkosten in de zorg daarom meer dan gemiddeld. In de tweede plaats omdat wetenschap en technologie steeds meer en steeds betere medicijnen en behandelmethoden ontwikkelen waardoor in de zorg steeds meer mogelijk wordt.

De hamvraag is of het zo erg is dat de kosten van de gezondheidszorg sterker stijgen dan het nationaal inkomen. Zijn er andere sectoren waar zich soortgelijke kostenstijgingen hebben voorgedaan en hoe is men daarmee omgegaan? Vergelijk het eens met de kosten voor mobiliteit.

Sinds de uitvinding van de auto en de doorbraak van het gebruik ervan in de jaren zestig zijn de kosten van mobiliteit enorm gestegen. Praktisch ieder huishouden beschikt over een of meerdere auto's en de eigenaar betaalt per maand aan een auto ongeveer evenveel als aan de zorg. Daar blijft het niet bij. Wat kost gemiddeld het verkrijgen van een rijbewijs? De maatschappelijke kosten van mobiliteit gingen vele malen over de kop. In de eerste plaats voor de aanleg van een zeer kostbare infrastructuur. Maar ook de kosten van 'bestuurlijke drukte' om de mobiliteit in goede banen te leiden, zijn enorm. Denk aan alle regelgeving en de handhaving daarvan. Maar de indirecte kosten zijn denk ik het grootst. De auto is er de oorzaak van dat wonen en werken van elkaar werden gescheiden. De kosten daarvan zijn nauwelijks te becijferen. Het gaat niet alleen om de directe kosten van het woon-werkverkeer en de files, maar ook over de tijd die mensen eraan kwijt zijn. En wat te denken van de kosten van de ongelukken in het verkeer en van de groei van het aantal echtscheidingen dat door de auto is veroorzaakt?

De vraag is: waarom zijn naar het oordeel van mensen als Schnabel en Bos de kosten van mobiliteit nooit 'onbetaalbaar' geworden? Het antwoord zal waarschijnlijk zijn dat technologische ontwikkeling niet is tegen te houden, dat de voordelen en opbrengsten van mobiliteit ook enorm zijn en dat de kosten van mobiliteit maar beperkt collectief worden gefinancierd. De eerste twee argumenten gaan ook op voor de gezondheidszorg, hoewel ik denk dat de opbrengst van de gezondheidszorg groter is.

Blijft over het laatste argument. De weging daarvan is nu juist het meest ideologisch of politiek. De gezondheidszorg wordt vooral collectief geregeld om ervoor te zorgen dat iedereen, ongeacht zijn inkomen, gelijke toegang tot zorgfaciliteiten heeft. Het is een verdelingsvraagstuk. Omdat mensen als Schnabel en Bos de collectieve lasten niet verder willen laten stijgen, moet steeds meer zorg ten laste worden gebracht van particulieren. Maar als in de komende decennia de tarieven voor de inkomstenbelasting ongewijzigd zouden blijven, zou er helemaal geen financieringsprobleem voor de collectieve zorg ontstaan. Schnabel en Bos willen op de zorg bezuinigen om de inkomstenbelasting te kunnen verlagen.

Marcel van Dam is socioloog. www.vk.nl/marcelvandam

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden