Minder vuurwerkslachtoffers dan vorig jaar, stijging aantal kinderen met kwetsuur

Tijdens de jaarwisseling zijn minder vuurwerkslachtoffers gevallen dan vorig jaar, maar het aantal kinderen dat een kwetsuur opliep is gestegen. Op de spoedeisende hulpafdeling van ziekenhuizen hebben zich rond Oud en Nieuw 434 slachtoffers gemeld, tegenover 473 tijdens de vorige viering.

Tijdens de jaarwisseling zijn minder vuurwerkslachtoffers gevallen dan vorig jaar, maar het aantal kinderen dat een kwetsuur opliep is gestegen. Beeld anp

Dat is de uitkomst van een voorlopige inventarisatie van kenniscentrum VeiligheidNL, dat in samenwerking met de NOS gegevens verzamelde bij ziekenhuizen, artsenverenigingen en huisartsenposten. Het aantal vuurwerkslachtoffers is voor het vijfde jaar op rij afgenomen.

Wel is ruim de helft van de gewonden jonger dan 20 jaar, fors meer dan vorige jaar (35 procent). Vooral meer jonge kinderen hebben letsel overgehouden aan de jaarwisseling: 119 vuurwerkslachtoffers zijn jonger dan 15 jaar, tegenover 99 een jaar eerder. Tegelijk loopt juist deze groep minder vaak oogschade op. 'Het jongste slachtoffer met ernstige oogschade dat bij ons kwam was 15 jaar,' zegt oogarts Tjeerd de Faber van het Oogziekenhuis Rotterdam, 'dat is betrekkelijk oud.' Hij wijst vuurwerkbrillen aan als mogelijke verklaring, evenals de regen. 'Tot een uur of elf was het ontzettend slecht weer.'

Brandwonden

Toch zagen oogartsen deze jaarwisseling opnieuw meer patiënten aankloppen. Volgens het Nederlands Oogheelkundig Gezelschap (NOG), dat voor het tiende jaar op rij vuurwerkletsel inventariseert, gaat het om zeker 108 gevallen. Dat aantal gaat hoger uitvallen, want de helft van de ziekenhuizen moet zijn gegevens nog inleveren. Tot dusver telt de beroepsvereniging 139 beschadigde ogen, waarvan elf blind. Vijf ogen zijn reeds verwijderd. 'De enige les die we hieruit kunnen trekken is dat we moeten stoppen met de verkoop van vuurwerk aan leken', zegt oogarts De Faber, tevens vuurwerkwoordvoerder van de NOG.

Brandwonden blijven het meest voorkomende letsel dat mensen overhouden aan een vuurwerkongeluk. De Nederlandse Vereniging voor Traumachirurgie, die sinds vier jaar het aantal vuurwerkslachtoffers bijhoudt, schat dat 30 procent van hun patiënten opgescheept zit met een blijvend letsel. 'Dan gaat het hoofdzakelijk om derdegraads brandwonden', licht traumachirurg Jaap Deunk van het VUmc toe. Daarnaast noteerde zijn beroepsvereniging drie amputaties (vingers of hele hand), vijf patiënten met botbreuken, één klaplong en zeventien open wonden in handen of gezicht.

Verkoopverbod

Al jarenlang is consumentenvuurwerk bron van twist. In december stelde de gezaghebbende Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) voor om de verkoop ervan deels aan banden te leggen, omdat andere maatregelen (vuurwerkshows, vuurwerkvrije zones, voorlichting, opsporing van illegale waar) het aantal slachtoffers en de overlast onvoldoende hebben teruggedrongen. De OVV pleit voor een verkoopverbod op knalvuurwerk en vuurpijlen, maar wil siervuurwerk als fonteinen en combiboxen - hoewel die ook een behoorlijk aandeel in de letselschade hebben - ontzien.

Politiek liggen die aanbevelingen gevoelig. Partijen als de VVD en PVV hebben al duidelijk gemaakt niet te willen morrelen aan de vuurwerktraditie. Voor oogartsen gaan de voorstellen van de OVV juist niet ver genoeg. 'Siervuurwerk is in 30 procent van de gevallen de oorzaak van oogschade, met name door cakeboxen die te vroeg exploderen', zegt De Faber. 'Veilig vuurwerk bestaat niet.'

De materiële schade viel dit jaar lager uit dan tijdens de vorige jaarwisseling. 'We schatten de schade aan huizen en auto's op 10- tot 12 miljoen euro, minder dan de 15 miljoen euro van vorig jaar', licht een woordvoerder van het Verbond van Verzekeraars toe. Over de jaren heen zien de verzekeraars de claimpot gestaag slinken. Ook politie en brandweer noteerden een rustigere Oud en Nieuw. Deze editie kende beduidend minder incidenten (-17 procent) en aanhoudingen (-22 procent), en ook het geweld tegen politie (-77 procent) en andere hulpverleners (-43 procent) nam drastisch af.


Dit schreven we eerder over vuurwerkslachtoffers en een eventueel vuurwerkverbod

Ondanks alle weerstand blijft de vuurwerkverkoop gelijk. Waarom is Nederland toch zo verzot op vuurwerk? Op bezoek bij een derdegeneratievuurwerkhandelaar.

Met het voorstel knalvuurwerk en vuurpijlen te verbieden betrad de Onderzoeksraad voor Veiligheid begin december gevoelig politiek terrein. Kan het een doorbraak zijn in deze loopgravenoorlog?

Van Sire-campagnes tot snelrecht, de overheid heeft van alles uit de kast getrokken om overlast en letselschade rond de jaarwisseling te verminderen. Tevergeefs, blijkt ieder jaar weer. Zet een gedeeltelijk vuurwerkverbod wél zoden aan de dijk?

Bert Wagendorp is vóór een vuurwerkverbod, maar met weemoed. 'Wat ooit tamelijk ongecompliceerd vermaak was - met ingecalculeerde risico's - past nu in de trend van risicovermijding.'

Frans was dertien toen een vuurpijl hem in zijn oog raakte: 'De droom om treinmachinist te worden hebben de artsen nooit kunnen redden.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden