NieuwsAnalyse

Minder natuurbranden, maar wel heviger, zelfs in Arctische gebieden

Beelden van grote branden in Zuid-Europa, de VS en zelfs in Siberië gaan de wereld over. Het roept de vraag op of het aantal natuurbranden wereldwijd toeneemt. Volgens experts is dat niet het geval. Maar er is wel wat anders aan de hand.

Jean-Pierre Geelen
Bewoners van het Griekse eiland Evia werpen nog een blik op de branden, voordat ze aan boord gaan van een veerboot die ze in veiligheid brengt. Beeld NurPhoto via Getty
Bewoners van het Griekse eiland Evia werpen nog een blik op de branden, voordat ze aan boord gaan van een veerboot die ze in veiligheid brengt.Beeld NurPhoto via Getty

Wie in de media het nieuws over de vele bos- en natuurbranden volgt, zou het niet zeggen, maar wereldwijd neemt het aantal bosbranden juist af, in plaats van toe. De huidige branden in Californië, Siberië en Zuid-Europa zijn hevig, maar op een duidelijke trend wijzen die nog niet, zegt Guido van der Werf, fysisch geograaf en hoogleraar aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Laat er geen misverstand over bestaan: Van der Werf beweert niet dat er momenteel niets aan de hand is. Integendeel: ‘Brand is een vertrouwd verschijnsel, de natuur heeft ook een groot herstellend vermogen, maar de laatste twee, drie jaar ben ik er wel anders naar gaan kijken. Twee jaar terug zagen we opvallend veel branden in de toendra’s van het Arctisch gebied, hoger dan 67 graden noorderbreedte, waar het normaal donker en koud is. Het jaar daarna zagen we daar echter nog heviger branden. Dat betekent dat veranderingen snel kunnen gaan en de extremen heviger worden. Maar het is niet zo dat er nu driemaal zoveel bosbranden zijn als pakweg twintig jaar geleden. De langere termijn blijft lastig te overzien: het kan best dat het volgend jaar rustiger blijft in de regio’s waar branden nu zo hevig woeden.’

Hittegolven

Bosbrand is kortweg het gevolg van vier variabele factoren, doceert Van der Werf: zuurstof, hoge temperaturen, droge biomassa en een ontstekingsbron. ‘Veel van de branden die nu woeden, lopen synchroon met hittegolven, die de bossen uitdrogen. Dan is het logisch dat de kans op brand groter is. Maar branden horen erbij in de natuur. Er zijn ook volstrekt natuurlijke ontstekingsbronnen, zoals bliksem.’

Dat het aantal natuurbranden op wereldschaal afneemt in plaats van toeneemt, is volgens Van der Werf makkelijk te verklaren: ‘De meeste branden vinden plaats in Afrika en Australië. Dat zijn continenten waar van oudsher veel savannes liggen – graslandschappen met hier en daar wat bomen. Zulke vlaktes zijn zeer gevoelig voor branden, dat hoort echt bij dat type landschap. Nu wereldwijd de vraag naar landbouwgrond stijgt, gaat dat vaak ten koste van de savannes. Hun oppervlakte neemt dus af, en daarmee ook de kans op brand daar.’

Tegelijkertijd ziet Van der Werf, die het fenomeen bosbrand al meer dan twintig jaar onderzoekt, wel een toename van hevige bosbranden zoals in Noord-Amerika en Siberië, inclusief het Arctisch gebied. Ook dat valt te verklaren: ‘Die gebieden warmen relatief sneller op dan gebieden dichter bij de evenaar. Door stijgende temperaturen en bijvoorbeeld eerder smeltende sneeuw in boreale gebieden drogen bomen en bodem sneller uit en wordt het brandseizoen verlengd. Zeker wanneer periodes zonder neerslag ook langer worden – wat nu het geval is.’

Valt er iets tegen bosbranden te doen?

In navolging van het deze week verschenen klimaatrapport van het IPCC wijst ook Van der Werf op het beëindigen van CO2-uitstoot als ultieme oplossing om verdere temperatuurstijging te voorkomen. In de tussentijd valt er op het vlak van bosbouw ook wel degelijk wat te doen, zegt hij.

Meer loofbossen

‘Het is een gegeven dat naaldbos makkelijker brandt dan loofbos. Daar zou je dus iets aan kunnen doen met bosbeheer: meer loofbossen aanleggen en minder naaldbomen.’

Ook het creëren van brandgangen (boomvrije ruimtes) tussen bospercelen is een beproefd middel om bosbranden te beperken, zegt Van der Werf. ‘Bij felle, hevige branden als in Californië slaat een brand echter snel over die gangen heen, dus daar is deze methode onvoldoende.’

Dan rest nog de methode van ‘prescribed burning’: zelf gereguleerd en gecontroleerd brand stichten om de brandbaarheid van bossen onder controle te houden. Van der Werf: ‘Natuurbrand ontstaat altijd vanaf de grond. Pas in kruinen van bomen wordt het echt gevaarlijk, dan worden branden intenser en veroorzaken ze meer schade aan vegetatie en maatschappij. Dus moet je zorgen dat brand die kruinen niet kan bereiken. Dat kan door de vegetatie op de bodem weg te branden. Hoe minder biomassa op de bodem aanwezig is, hoe minder ook de brandbaarheid ervan is.’

Bosbeheer gaat niet alleen over het voorkomen van branden: ‘Een ecoloog ziet vooral die toplaag van biomassa die de natuur ook nodig heeft; er zit allerlei leven en voeding in.’

Een schrale troost is er wel: ‘Voor veel mensen in dit deel van de wereld blijft klimaatverandering nog een tamelijk abstract verschijnsel. Door de vele beelden van hevige branden op onder meer sociale media komt het dichterbij en kan iedereen zien wat de gevolgen ervan zijn. Het is heel visueel, en in die zin een goede waarschuwing voor veel mensen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden