Minder dan vijftig

Wat is erger: dronken rijden of te hard rijden? Nu de Wereldgezondheidsorganisatie heeft besloten op Wereldgezondheidsdag, volgende week woensdag, speciaal aandacht te vragen voor de verkeersveiligheid, dringt deze kwestie zich onwillekeurig op: waarmee zijn de ongevallenstatistieken meer gediend, met acties tegen dronkenschap of met acties tegen snelheidsovertredingen?...

Elk jaar vallen er ongeveer duizend doden en tienduizend zwaargewonden in het verkeer. Dat is heel veel. Maar daar staat tegenover dat er ook heel veel verkeer is: in het jaar 2000 legden alle personenauto's tezamen meer dan honderd miljard kilometer af. Per afgelegde kilometer (of per gemaakte autorit) is het aantal verkeersslachtoffers eerder verbazend klein dan verbazend groot wat dat betreft had de Wereldgezondheidsorganisatie zich beter op de veiligheid van het vliegverkeer kunnen richten.

Het verkeersrisico is zeer ongelijk verdeeld over de verschillende leeftijdsgroepen. Jongeren gaan tegenwoordig nog maar heel zelden dood, maar als een jongere onder de twintig jaar overlijdt, is dat in meer dan een kwart van de gevallen bij een verkeersongeluk. Rijpe volwassenen hebben evenredig minder te vrezen.

Hoe dan ook, uit cijfers van de politie blijkt dat in ongeveer 10 procent van de zware verkeersongelukken alcohol een rol heeft gespeeld. Volgens sommigen ligt dat percentage wel wat hoger, omdat de politie niet altijd op drankgebruik let bijvoorbeeld omdat het verder in de vervolging geen rol speelt. Als we het politiecijfer volgen, was er bij honderd van de duizend jaarlijkse sterfgevallen in het verkeer een dronken automobilist betrokken.

Dat de kans op brokken wordt verhoogd door alcoholgebruik, betwijfelt niemand, en evenmin dat de kans toeneemt met het promillage. Het wettelijk maxiningmum is 0,5 promille (drie glazen): dan mag nog aan het verkeer worden deelgenomen. Toch is al bij 0,8 promille het risico op een ernstig ongeluk verdubbeld, bij 1,0 promille verviervoudigd. Van de overtreders die bij een weekendcontrole worden aangehouden, zit 80 procent onder de 0,8 promille, maar 20 procent er soms flink boven. Als gemiddeld promillage van een dronken brokkenmaker zullen we 0,8 aanhouden, dus een dubbele kans op een zwaar ongeluk.

Anders gezegd, als niemand meer zou drinken voor het rijden, zou dat de helft aan dodelijke ongelukken schelen. Dat zijn vijftig doden per jaar, maar slechts vier procent van het totaal aantal doden in het verkeer. Dat zet dus, statistisch, niet zoveel zoden aan de dijk.

Een veel grotere daling wordt bereikt als alle automobilisten stelselmatig vijf kilometer per uur langzamer zouden gaan rijden. Dat scheelt meteen driehonderd doden per jaar. Uit onderzoek blijkt dat elke daling van de gemiddelde snelheid met een kilometer per uur 5 procent aan ernstige ongelukken scheelt. Een daling met vijf kilometer per uur betekent dus een kwart minder ernstige ongelukken en waarschijnlijk nog wat minder, aangezien de winst in de bebouwde kom naar verhouding groter is.

Op vierbaanswegen in de bebouwde kom rijdt bijna driekwart van de automobilisten te hard, 10 procent zelfs harder dan 75 kilometer per uur. In smallere straten rijdt nog steeds een kwart te hard, en 10 procent harder dan 60 kilometer per uur.

Beperking van de maximumsnelheid is dus niet eens nodig om winst te boeken. Alleen al handhaving van de maximumsnelheid levert een bijdrage aan de verkeersveiligheid die veel groter is dan het tegengaan van dronkenschap. Hoewel de dronken rijders als de grote boosdoeners worden gezien, zijn het de hardrijders die de tellers opjagen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden