Miljoenenverlies voor industrie

Vliegtuigindustrie ziet winst verdampen door lage dollar...

AMSTERDAM/DEN HAAG Een dollarkoers van zestig eurocent was begin 2005 wel het laagste wat Economische Zaken en Financiën konden bedenken voor het bedrijfsplan van het Nederlandse JSF-project. Meedoen aan de ontwikkeling van de Amerikaanse Joint Strike Fighter zou de staat geld kosten, werd de Tweede Kamer voorgerekend. Maar het zou de vliegtuigindustrie genoeg orders opleveren om dat tekort aan te zuiveren.

Naar de omstandigheden van begin 2005 werd het tekort van de business case berekend op 276 miljoen euro, waarbij de dollarkoers de belangrijkste factor was. Als de dollar zou stijgen tot één euro, zou het tekort dalen tot 159 miljoen. Als hij zou zakken tot de extreme koers van zestig cent, nam het tekort toe tot 339 miljoen.

Alle andere onzekerheden rond de JSF waren in de rekensom verwerkt. Zo was in 2005 al bekend dat de ontwikkelingskosten van het vliegtuig hoger zouden uitvallen, wat overigens voordelig zou zijn voor Nederland als vroege partner in het project. De prognose van het aantal te produceren vliegtuigen en van de orderportefeuille van de Nederlandse industrie, zijn sinds 2005 niet gewijzigd. Maar de dollarkoers is dat wel - en zelfs tot de laagste variant waarmee destijds rekening werd gehouden. De afdracht van de bedrijven aan de staat stijgt volgens de rekensom daarmee tot 10,75 procent van hun omzet. Dat betekent een miljoenenverlies voor de bedrijven die hebben ingetekend.

Volgens Economische Zaken is niet zeker dat op 1 juli 2008 een dergelijk hoog percentage wordt vastgesteld. ‘Bij de herberekening worden alle parameters opnieuw tegen het licht gehouden. Pas dan kan een reëel beeld worden gegeven van het tekort.’ Maar de berekeningsmethode ligt vast, wordt er aan toegevoegd.

Het ministerie lijkt te neigen naar een soepele opstelling voor de bedrijven. Bij de ondertekening van een contract tussen Stork en Lockheed Martin, eerder deze maand, zei minister Van der Hoeve dat het voor haar ‘niet zeker’ is dat het huidig afdrachtpercentage van 3,5 procent in juli zal worden verhoogd.

Volgens rapporten van de rekenkamer en het Centraal Planbureau is dat echter onontkoombaar, net als volgens de rekenmethode die tot dusver aan de Tweede Kamer is gepresenteerd.

Tegen die strenge manier van rekenen maakt de NIFARP (de lobbyclub van Nederlandse JSF-bedrijven) bezwaar. Volgens Simon Brongeest, manager Governement Relations van Dutch Aero, heeft de club het ministerie een alternatieve berekening voorgehouden waarbij ‘zelfs met een afdrachtpercentage van nul’ de staat nog steeds financieel voordeel heeft bij het JSF-project.

NIFARP-voorzitter Erick Vink, vice-president van Stork Aerospace, ontkent dit niet, maar wil de onderhandelingen niet openen via de media. Het succes van het JSF-project ‘kan op verschillende manieren worden berekend’, zegt hij. ‘Het uitgangspunt was dat de belastingbetaler er niet slechter van zou mogen worden. Daar zijn we het mee eens.’

Het valutarisico van het afdrachtpercentage is niet afgedekt. Volgens Brongeest van Dutch Aero ging de Nederlandse industrie er in 2002 vanuit dat ze het percentage zou mogen dóórberekenen in de kostprijs.

‘Het Amerikaans projectbureau ging daar twee jaar later niet mee akkoord. Je kunt dan zeggen: contract is contract, maar destijds stonden de bedrijven met hun rug tegen de muur’, aldus Brongeest.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.