Miljoenen voor Engels tennis en geen talent

Het Britse tennis incasseert jaarlijks meer dan honderd miljoen gulden uit de opbrengsten van Wimbledon. De zoektocht naar de opvolgers van Fred Perry en Virginia Wade kost veel geld en levert al tientallen jaren niets op....

SO WAS IT worth all the millions? Dat schreven de Britse kranten deze week na de uitschakeling van de Britse Karen Cross (0-6, 1-6) in de tweede ronde van Wimbledon.

Cross, terug van een maandenlange rugzakreis door Zuid-Amerika en op het laatste moment ingeschreven voor de kwalificatie, was de laatste Britse speelster in het enkelspel. Eerder beleefden zeven andere tennissters van het Verenigd Koninkrijk - de met een wild-card binnengelaten Pullin, Latimer, Keothavong, Ahl, Collin, Baltacha en Woodroffe - hun afmars.

De afgang van het Britse vrouwentennis - de mannen doen het in Londen beter - werd onderlijnd met opmerkingen over de enorme hoeveelheid geld die in Groot-Brittannië beschikbaar is. Ook werd fijntjes de vergelijking gemaakt met het kleine, met franken woekerende België dat met zijn keurige tennisschoolstructuur twee diamanten als Kim Clijsters en Justine Henin heeft weten te delven. De Britse bron staat al jaren droog.

Sinds 1977, de laatste Wimbledon-zege van een thuisfavoriet (Virginia Wade versus Betty Stöve), werd uit de opbrengsten van het toernooi van de All England Lawn Tennis & Croquet Club driehonderd miljoen pond in de ontwikkeling van het Britse tennis gestoken. Wie naar de cijfers informeert, krijgt een staatje van voortdurend oplopende getallen over de surplussen van elk jaar.

In 1968, het eerste jaar van de Open Era (het proftijdperk), werd aan het toernooi op Wimbledon netto, na belastingen, de som van 37.310 pond sterling verdiend. In 1977, het Wade-jaar, was dat al gegroeid naar een half miljoen. De opbrengsten maakten daarna een groeispurt door. In 1981 werd de één miljoen-grens gepasseerd, tien jaar later volgde de barrière van tien miljoen pond.

Vorig jaar werd aan de twee weken grastennis aan Church Road 31,1 miljoen pond (112 miljoen gulden) overgehouden. Die som geld, de laatste jaren stabiel, wordt doorgesluisd naar mede-organisator van The Championships, de Lawn Tennis Association LTA, de tennisbond van Groot-Brittannië. De in tennisontwikkeling geïnvesteerde driehonderd miljoen, sinds 1977, is, om precies te zijn: 308.640.068 pond (1,11 miljard gulden).

De netto-winsten van het Wimbledon-evenement zijn buitengewoon fors. Er wordt bij de All England Club niet eens aan winstmaximalisatie gedaan. Sponsors krijgen nauwelijks toegang tot het evenement. Nergens hangen opzichtige reclameborden. Rolex doet al sinds mensenheugenis de tijdwaarneming, Slazenger levert de ballen en IBM verzorgt de sinds 1995 fungerende internet-site. Zij mogen hun kleine logo's gebruiken. Meer advertenties zijn niet te vinden langs de banen.

Grotere inkomsten komen uit de tv-rechten. De door broadcaster BBC gemaakte beelden, in totaal 966 uur tennis, worden aan 156 landen verkocht. Verder is de merchandising een grote inkomstenbron. Het groen-paars, de kleuren die in 1909 werden gekozen, tooit sinds 1979 een scala van kleding, sportartikelen, brillen, kristal, juwelen en porselein waarvoor 28 bedrijven in zeven landen een licentie hebben gekocht.

De netto-winst, voor de LTA, wordt nadrukkelijk hoog gehouden door de manier, waarop de All England Club zijn dure investeringen pleegt te doen. Elke vijf jaar worden er obligaties uitgegeven, tegenwoordig à 9.900 pond per stuk, waarvan nieuwbouw wordt gepleegd. De duizend obligatiehouders, onder wie de Nederlandse zakenvrouw Sylvia Toth, krijgen een gereserveerde stoel.

Door de uitgekiende wijze van financiering en de onmetelijk grote belangstelling voor een van de grootste sportevenementen van de wereld beschikt het Britse tennis al vele jaren over een enorm investeringsfonds. Dat gaat niet alleen naar de ontwikkeling van spelerspotentieel, maar ook naar de hardware van de bond. Liefst 45 nieuwe indoorcentra en 200 clubprojecten worden door de steenrijke LTA gefinancierd.

Het nieuwste plan gaat nog meer geld kosten. Het betreft de ontwikkeling van het National Training Centre in Roehampton, de Londense voorstad waar ook de wereldtennisfederatie ITF is gevestigd. Het nieuwe tenniscentrum moet dertig miljoen pond (108 miljoen gulden) gaan kosten en zal, zonder tegenslagen bij de bouwvergunningen, in 2005 worden geopend.

Het NTC gaat 26 banen tellen. Naast acht grasbanen - de Britse traditie - komen er zes indoorbanen, zes hardcourtbanen en zes gravelbanen. Het complex zal onderdak bieden aan een scala van begeleiders, van trainers tot sportwetenschappers, voor de Britse toptwintig, de aanstormende talenten en de junioren. In totaal zullen er 130 mensen gaan werken, bij de opbouw van het Britse toptennis.

De fondsen voor de nieuwbouw zijn 'geen onderwerp', aldus LTA-chef Crowther. Voor aanvullende financiering wordt geput uit de middelen van de Britse lotto. Het centrum wordt een kopie van het Tennis Etude-project, op het Roland Garros-park in Parijs.

Het ambitieuze plan verraadt de hand van Patrice Hagelauer, voorheen de architect van het Franse toptennis. Hij is in maart vorig jaar aangetreden voor de restauratie van het Britse tennis dat geen enkele vrouw in de tophonderd kent en achter de twee kopstukken Tim Henman (nummer 12 van de wereld) en Greg Rusedski (40) geen aanvulling voor de toekomst kent. De verrichtingen van spelers als Parmar, Lee, Delgado en Cowan - de held uit de tweede ronde tegen Sampras - gelden als de jaarlijkse oprispingen van de tweede garnituur.

Patrice Hagelauer heeft blanco volmachten bij de LTA. Hij noemt het een absolute voorwaarde dat het nationale trainingscentrum wordt gebouwd. 'We komen echt in een netelige positie', sprak hij bij een oriëntatiereis naar Parijs, jongstleden maart, 'wanneer we niet binnen vier of vijf jaar zo'n centrum krijgen. Het is van vitaal belang voor het Britse tennis. Ik zou niet weten hoe wij vooruitgang kunnen boeken in dit land zonder een nationaal centrum.'

Hagelauer, prestatie-directeur, is de man achter Club Vision, met meer aandacht voor de werving van talent en de verbreding van de tenniscultuur. De LTA probeerde de zusjes Williams te strikken voor de introductie van de sport in de binnensteden van Groot-Brittannië. Het tweetal, afkomstig uit een getto in Los Angeles, vroeg echter 200.000 pond voor de medewerking en dat was zelfs de rijke LTA te gortig.

Hagelauer, die hamert op de kruisbestuivende werking van zijn NTC, heeft zware blokkades op te ruimen. De kinderen blijven weg uit de tennisparken. Onder veertien, de leeftijd der talenten, zijn er in het hele land slechts 1400 Engelsen te vinden die twintig competitiewedstrijden per jaar spelen.

Het land telt dertigduizend banen, maar meer dan de helft is in particuliere handen.

Tennis is in Groot-Brittannië een hobby voor welgestelde volwassenen, is de cynische vaststelling van Hagelauer. In februari werd zijn plan voor talentopvang bij de clubs gelanceerd. Kort voor Wimbledon had slechts drie procent van 2.400 aangeschreven clubs medewerking toegezegd. Voor het project is tien miljoen pond, 36 miljoen gulden, beschikbaar.

Uit het hele land krijgt de Franse projectleider de reacties dat de privé-clubs - de laatste tien jaar zwaar belaagd door de fitnessrage en daarom in aantal al met vijftig procent afgenomen - de jongeren nog altijd niet of mondjesmaat toelaten. In het weekeinde en op de avonden zijn de banen verboden gebied voor de jeugd.

Hagelauer kwam met het verhaal van de Afrikaanse jeugdkampioen Tim Kpulun, een vluchteling uit Sierra Leone. Hij zocht vier maanden voordat een club hem, de nummer acht van de Afrikaanse juniorenlijst, als lid wenste in te schrijven. De vrees bestaat dat het nieuwe beleidsplan, net als Rover Junior uit '91 en Play Tennis uit '97, weer geen opvolger van Fred Perry gaat opleveren. Hij was 65 jaar geleden de laatste Engelsman die met een triomfantelijk gebaar Wimbledon verliet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden