'Militaire hulp inzetten is gevaarlijk'

Het Rode Kruis bemoeit zich zelden met politiek, maar nu spreekt de directeur zich uit tegen het plan van het kabinet om militairen in te zetten voor humanitaire hulp.

Het Rode Kruis waarschuwt voor de plannen van het kabinet om militairen vaker in te zetten voor humanitaire hulpverlening. De militarisering van hulp maakt het werk gevaarlijk voor hulpverleners en ook voor de burgers die worden bijgestaan, zo vreest de hulporganisatie.


De oproep is opmerkelijk voor het Rode Kruis, dat zich doorgaans terughoudend opstelt in politieke discussies.


Het kabinet wil structureel 250 miljoen euro uit het budget van Ontwikkelingssamenwerking inzetten voor 'internationale veiligheid', humanitaire hulp in het kader van militaire vredesoperaties. Hoe het geld precies besteed gaat worden is nog onduidelijk, daarover debatteert de Tweede Kamer maandag.


Met het fonds borduurt het kabinet voort op het idee dat veiligheid en wederopbouw hand in hand moeten gaan. Sinds een aantal jaar heeft het leger daar een speciaal bataljon voor, gespecialiseerd in hulpverlening. Nederland is internationaal een voortrekker van deze benadering, waarbij diplomatie, defensie en ontwikkeling samengaan.


Maar het is de verkeerde weg, vindt Cees Breederveld, directeur van het Rode Kruis Nederland. De internationale trend van steeds verdere politisering en militarisering van de hulpverlening noemt hij zorgelijk.


Waarom?

'Het achterliggende idee is dat je een conflict niet alleen moet oplossen met wapens, maar dat je mensen ook een toekomst biedt. Maar dat is oneigenlijk gebruik van hulpverlening, want de hulp wordt onderdeel van een strategie om een conflict te veranderen.'


Waarom is dat erg?

'In conflictgebieden is onafhankelijke en neutrale hulpverlening essentieel. We werken volgens het principe dat iedereen die niet deelneemt aan de strijd recht heeft op bescherming, ook krijgsgevangenen of gewonde soldaten van welke partij ook. Als dan ook een partij in het conflict hulp gaat bieden, wordt het verwarrend.'


'Zo weet iedereen dat Nederland in Afghanistan tegen de Taliban strijdt. Als zij hulp bieden, brengen zij daarmee die burgers in gevaar. Tegenstanders kunnen hen straffen voor heulen met de vijand. Maar ook voor andere hulpverleners is het gevaarlijk, omdat ze door de verwarring in een politiek doelwit veranderen.'


Ziet u dat in de praktijk?

'De risico's voor onafhankelijke hulpverleners zijn nu al groot. In Syrië zijn de afgelopen tijd acht hulpverleners gedood van de Rode Halve Maan, omdat ze ondanks hun emblemen kennelijk toch als strijdende partij worden gezien.


'Ook in Libië zijn recent ziekenhuizen en kantoren van het Rode Kruis beschoten.'


Waarom is het zo moeilijk om mensen ervan te overtuigen dat jullie neutraal zijn?

'Dat was altijd al moeilijk, maar het wordt steeds lastiger. Conflicten hebben nu allerlei partijen die vaak moeilijk te identificeren zijn. En al die partijen hebben er belang bij dingen die hun niet welgevallig zijn, toe te rekenen aan de vijand.


'Dus als de Rode Halve Maan ook hulp verleent aan aanhangers van Assad, zeggen andere partijen: zie je, zij zijn voor Assad. Het idee van onafhankelijkheid is heel kwetsbaar voor misbruik.'


'Maar onze ervaring is dat neutraliteit uiteindelijk loont. Zo komen we in Syrië in gebieden waar verder niemand kan komen, soms pas na maandenlange onderhandelingen. In Afghanistan konden we er voor zorgen dat kinderen in het zuiden van het land poliovaccinaties kregen, na onderhandelingen met de Taliban.'


Cees BreederveldRode Kruis


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden