Huizenmarkt wereldwijdKenia

Mildred vertrok vanuit een krottenwijk naar nieuwbouwproject ‘het Beloofde Land’ – en keerde weer terug

Mildred Aman huurt weer een huisje in de sloppenwijk Kibera. Beeld Gordwin Odhiambo
Mildred Aman huurt weer een huisje in de sloppenwijk Kibera.Beeld Gordwin Odhiambo

Het ‘Beloofde Land’ is een prestigieus woningbouwproject in de Keniaanse hoofdstad Nairobi, bedoeld voor mensen die leven in krottenwijken. Ze krijgen er een appartement aangeboden. Prachtig initiatief, maar waarom wonen er zo weinig krottenwijkbewoners in die nieuwe flats?

Mildred Aman (38) verhuisde in 2016 van een van de grootste, armoedigste sloppenwijken van Afrika naar het Beloofde Land. Samen met haar man en hun vijf kinderen verruilde ze Kibera, een schier eindeloze verzameling krotten in de Keniaanse hoofdstad Nairobi, voor een appartementencomplex van zes verdiepingen met keurige bestrating voor de deur. Ver hoefde Aman niet te reizen: het ommuurde terrein van het Beloofde Land grenst pal aan Kibera.

Aman en haar gezin behoorden tot de gelukkigen die in aanmerking kwamen voor het prestigieuze woningbouwproject, bedoeld om Kibera, met z’n honderdduizenden inwoners, te ontlasten. Iets meer dan achthonderd appartementen waren er te verdelen. De kersverse bewoners bedachten zelf de naam Beloofde Land. Hun idee was dat zij, net als de bijbelse nakomelingen van Abraham, die 40 jaar lang door de woestijn hadden gedoold, voor het eerst echt zouden ‘thuiskomen’. Op de toegangspoort van het woningbouwproject staat nog altijd de historische naam: Kanaän.

‘Deze woning is echt heel fijn’, aldus Aman terwijl ze plaatsneemt op een groen bankstel in haar appartement, dat twee slaapkamers, een woonkamer, een keukentje, een douche en zelfs een balkon heeft. Maar opmerkelijk: Aman woont hier niet meer. Ze is op bezoek bij de huurders. Zelf woont ze met haar gezin weer in Kibera, in een krot van een paar vierkante meter aan een modderig steegje.

‘Ons appartement is weliswaar speciaal voor ons gebouwd met subsidie van de overheid, maar we moeten elke maand 7.000 shilling (55 euro) aflossen, en dat lukte niet.’ Dus besloten ze, na slechts een halfjaar woongenot, hun woning in het Beloofde Land te gaan verhuren. Aman verdient op een dag misschien 200 shilling (1,60 euro) met de verkoop van tomaten, haar man klust bij als beveiliger. Via de verhuur ontvangen ze nu elke maand 20 duizend shilling (157 euro), bijna drie keer zo veel als de maandelijkse aflossing op het appartement. ‘Uit de huuropbrengst betalen we de 3.000 shilling (24 euro) huur voor ons eigen nieuwe huisje in Kibera, en daarnaast kopen we eten en bekostigen we het lesgeld voor onze kinderen’, legt Aman uit.

null Beeld

Vlaggeschip

Ze is bepaald niet de enige die het op deze manier doet. Verreweg de meeste starters uit het Beloofde Land zijn door gebrek aan inkomsten hun appartement gaan verhuren aan draagkrachtigere Kenianen, terwijl ze zelf weer in Kibera wonen. Door deze exodus komt er weinig terecht van de oorspronkelijke doelstelling van het woonproject, namelijk het verlichten van de bevolkingsdruk in Kibera. En dat terwijl het Beloofde Land het vlaggeschip was van een miljardenproject waartoe de Keniaanse overheid kort na de eeuwwisseling had besloten. Meer dan anderhalf miljoen sloppenwijkbewoners zouden voor het jaar 2020 verbeterde leefomstandigheden krijgen: een fatsoenlijk dak boven het hoofd, toegang tot schoon drinkwater en elektriciteit.

Het gebrek aan degelijke woningen in de hoofdstad van Kenia gaat terug tot de Britten. De kolonialen hielden Nairobi graag voor zichzelf en reserveerden voor de lokale bevolking slechts kleine stukjes grond. Kibera, ooit een grasland waarop de nomadische Masai hun vee lieten grazen, veranderde na de Tweede Wereldoorlog in een bescheiden nederzetting voor Afrikaanse ex-soldaten. Na de onafhankelijkheid van Kenia, in de jaren zestig, explodeerde het inwonertal van Kibera doordat veel Kenianen naar Nairobi trokken om werk te zoeken.

Volgens het overheidsplan van na de eeuwwisseling zouden krotten in Kibera niet langer simpelweg worden platgewalst, zoals eerder vergeefs was geprobeerd, nee: de wijk zou worden ‘opgewaardeerd’. Deze belofte was in lijn met de millenniumdoelstellingen van de Verenigde Naties voor armoedebestrijding. De huisvestingsstrategie waarvan het Beloofde Land deel uitmaakte, werd mede gebaseerd op adviezen van de VN-organisatie voor duurzame stadsontwikkeling, UN-Habitat, die toevallig in Kenia haar hoofdkantoor heeft. Hoogbouw werd vanaf nu het devies.

De appartementencomplexen van het Beloofde Land.  Beeld Gordwin Odhiambo
De appartementencomplexen van het Beloofde Land.Beeld Gordwin Odhiambo

Maar de resultaten van de slum upgrading zijn ‘extreem onbevredigend’. Dat stelt een vorig jaar verschenen Brits onderzoek waaraan werd meegeschreven door Mwau Baraka, een Keniaanse stedebouwkundige. Baraka brengt in herinnering dat UN-Habitat zelf reeds in 2008 erkende dat de organisatie ‘faalde’ in het boeken van ‘tastbare resultaten’ in de samenwerking met de Keniaanse overheid. Actuele cijfers van UN-Habitat laten zien dat zelfs ruim twee keer zo veel Kenianen in sloppenwijken leven als toen de millenniumdoelstellingen in het jaar 2000 werden geformuleerd. Het gaat om meer dan 6 miljoen mensen, op een totale bevolking van ruim 50 miljoen.

Illusoir

De doelstelling van het Beloofde Land was ook gedoemd te mislukken, zo valt op te maken uit het rapport. Door inwoners van Kibera aan te moedigen een langlopende aflossingsverplichting voor een appartement aan te gaan, negeerde de Keniaanse overheid het feit dat inwoners niet over voldoende geld beschikken, zelfs waren de woningen relatief goedkoop. In plaats van te hameren op eigenwoningbezit voor de allerarmsten, dat volgens Baraka illusoir is, moet de overheid werk maken van eenvoudige, betaalbare huurhuisjes in de krottenwijken. Dat oogt minder sexy, maar is wel zo effectief.

Maar dan nog: de obstakels zijn vele malen groter. De inwoners van Kibera zijn het slachtoffer van de diepgewortelde corruptie en het ‘gebrek aan planning’ van de politieke machthebbers. Die denken vooral graag aan zichzelf. Zo verklaarde de voorzitter van Kenia’s anti-corruptiecommissie in 2016 dat naar schatting eenderde van het complete overheidsbudget was verduisterd, een verlies van omgerekend meer dan 5 miljard euro. Met zo’n bedrag hadden de inwoners van Kibera een heel eind op weg kunnen worden geholpen.

Mildred Aman gaat zelf ook flexibel met de regels om, anders kan ze haar appartement in het Beloofde Land niet verhuren. Verhuur is officieel niet toegestaan. Aman: ‘Zoals haast iedere eigenaar hier betaal ik mensen van het ministerie van Huisvesting zodat die er het zwijgen toe doen. Zo gaat dat nou eenmaal in Kenia.’ Op de vraag waarom zij en haar man destijds besloten om – ondanks hun karige inkomen – een appartement op afbetaling te nemen, antwoordt ze: ‘Wat zou jij doen als je in Kibera woont? Natuurlijk grijp je dan elke kans.’

Gêne

De huurder van Aman, Susan Chebet (38), is blij dat ze twee jaar geleden met haar man en hun drie kinderen in het appartement terechtkon. Chebet verdient dan wel aardig aan de tweedehandsauto’s die ze samen met haar echtgenoot verkoopt, maar toen de zaken wat minder gingen, moest ze met haar gezin omzien naar een goedkopere plek dan de woning die ze huurde van iemand anders uit Kibera.

‘Hier voel ik me op mijn gemak’, zegt Chebet als ze naast Aman op de bank gaat zitten. Ze moet er niet aan denken om in Kibera te wonen: ‘Er zijn daar vliegende toiletten’, zo zegt ze over de praktijk van sommige sloppenwijkbewoners om – door het gebrek aan wc’s – hun behoefte in een plastic zak te doen en die over de daken weg te slingeren. Aman hoort het met gêne aan. Chebet vervolgt, over de keren dat de watertoevoer naar het appartement stopt: ‘Ik haal dan water uit Kibera. Of beter ­gezegd: dan laat ik iemand uit Kibera water bezorgen.’

Hierna is het de beurt aan Chebet om een tikje ongemakkelijk te kijken. Aman laat zich ontvallen dat ze ruim drie jaar achterloopt met haar aflossing van het appartement. Ongeveer 300 duizend shilling (ruim 2.300 euro) moet ze nog inhalen, wat betekent dat ze sinds haar vertrek uit het Beloofde Land verreweg haar meeste huurinkomsten voor andere doeleinden heeft aangewend. Aman: ‘Al het geld gaat op aan mijn eigen huur en aan eten en schoolgeld.’

Zicht op Nairobi, op de voorgrond de uitgestrekte sloppenwijk Kibera. Beeld Gordwin Odhiambo
Zicht op Nairobi, op de voorgrond de uitgestrekte sloppenwijk Kibera.Beeld Gordwin Odhiambo

Al te veel zorgen dat ze door de betalingsachterstand haar appartement ooit bij de overheid zal moeten inleveren, maakt Aman zich niet: ‘Ik heb nog jaren de tijd om af te lossen, ik haal de achterstand wel in.’ Gaat het toch onverhoopt mis, dan hoeft huurder Chebet zich in elk geval geen zorgen te maken, zegt Aman: ‘Zij heeft geld genoeg, ze kan gewoon van iemand anders hier in het Beloofde Land gaan huren.’

Nadat Aman afscheid heeft genomen van Chebet, komt ze op weg naar huis in Kibera een kennis tegen die op de wachtlijst staat voor een nog te bouwen project à la het Beloofde Land. ‘Kijk’, zegt Maureen Adisa (28), wijzend naar een stuk grond waarop de krotten alvast zijn verwijderd, ‘daar moet een groot appartementencomplex verrijzen.’ Adisa heeft al één les geleerd van Aman: ‘Mijn toekomstige appartement ga ik natuurlijk niet zelf bewonen, ik ga het verhuren. Het is een kans om zaken te doen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden