Milaan: parel van de moderniteit

Italië heeft prachtige oude steden én Milaan: parel van de moderniteit. Neem alleen al z'n metro.

Bar Luce in museum Fondazione Prada is ontworpen door filmregisseur Wes Anderson. Beeld Els Zweerink

'Zelfs de metro in Milaan is mooi', zegt kenner Stefano Mirti van het Milanese designbureau IdLab. 'Niet op een krullerige manier zoals in Sint-Petersburg, maar simpel, strak, sixties. Voor wie het wil zien: het hoogtepunt van architect Franco Albini.' Mirti, Italiaan tenslotte, maakt een lyrische vergelijking: 'Net een mooie vrouw van boven de 50. Hoe ouder ze wordt, hoe fascinerender ze is.'

Milaan is dé designstad van Italië, en niet alleen omdat er elk jaar de Salone del Mobile, de grote, internationale meubel- en designbeurs wordt gehouden. Ook in het straatbeeld zie je het overal terug. Een geweldig benzinestation uit de jaren vijftig - een parel van betonnen bouwkunst - wordt heringericht tot restaurant. Een beeld van een openluchtzwembad uit de jaren dertig is gerenoveerd en onlangs heropend. Het klassieke interieur van bar Basso, geopend in 1947, is nauwelijks veranderd en het café van museum Fondazione Prada, geopend in 2015, is nu al een nieuwe klassieker te noemen - juist omdat het is geënt op Milaans oude cafés.

'Milaan is geen openluchtmuseum zoals Venetië', zegt de Britse schrijver Tim Parks, die er woont. 'Het is geen door toeristen onder de voet gelopen provinciestadje als Verona - ik kan het weten, want ik heb er lang gewoond. Verona is prachtig, maar modern kun je het niet noemen. Zelfs Rome is een uit zijn voegen gebarsten dorp. De enige stad in Italië waar je het gevoel hebt deel uit te maken van het moderne leven, is Milaan. Hier is een goede mix van oud en nieuw.'

Natuurlijk: oude kerken en monumentale paleizen heeft Milaan ook genoeg. Zie de ontzaglijke, witte Dom opdoemen in de blauwe avondschemering en je krijgt een brok in de keel. Maar Milaan heeft niet stilgestaan - door de relatieve rijkdom ten opzichte van zuidelijker Italië werd het in de 20ste eeuw het industriële hart van het land. En daarmee kwamen er autowegen door het centrum, grote bedrijven en bijbehorende architectuur. De eerste wolkenkrabbers als de Pirellitoren en de Velasca-toren bijvoorbeeld, nu bijna schattig, en industriële gebieden, inmiddels herontdekt en omgevormd tot hippe wijken. Invloedrijke Italiaanse ontwerpers vestigden zich in Milaan: Castiglioni, Mendini, Ettore Sottsass (hun werkplaatsen zijn soms nog te bezoeken) en met al dat creatieve kapitaal in de stad kwamen er ook nieuwe clubs, cafés en restaurants. Sommige zijn nog precies zoals in de begindagen. Danszaal Venezia bijvoorbeeld, waar je op zaterdagavond de tango kunt dansen en waar doordeweeks oude mannen zitten te kaarten - als je er binnenloopt, krijg je een hand. Patisserie Cucchi, Villa Necchi; toen modern, nu ouderwets en fijne plekken om te vertoeven. We zetten vijftien van zulke klassieke designadressen op een rij.

Het Triennale-designmuseum. Beeld Els Zweerink

Openluchtbad: Bagni Misteriosi

Midden in de stad aan de rand van een azuurblauw zwembad liggen, het kan in de Bagni Misteriosi. 's Zomers krioelt het bad van 25 x 50 meter van de zwemmers, 's winters van de schaatsers, want dan is het een ijsbaan. Het hele jaar door is het theater geopend dat ook deel uitmaakt van het complex, inclusief een terras aan het water. Hier kun je overdag salades eten en sandwiches van brood van de beroemde bakker Longoni, en na 18 uur kun je er cocktails drinken - cola is er niet te koop. Het bad, in 2016 heropend, stamt uit de jaren dertig en is een mooi voorbeeld van de zwembadarchitectuur uit die tijd: brede trappen langs het water, pastelkleuren, een groenkoperen flamingo in het pierenbad. Voor de heropening stond het - dicht, leeg - meer dan tien jaar te verloederen, al werd het in die tijd wel eens gebruikt als showlocatie door modeontwerpers die de schoonheid ervan bleven zien. Sinds vorige zomer is het weer open. De oude naam, zwembad Caimi, werd afgeschud, de oude glorie is hersteld.

Via Carlo Botta 18.

Tip 2: het grootse buitenbad van de stad, Lido di Milano, stamt uit 1931 en is ook nog fraai intact.

Piazzale Lorenzo Lotto 15.

Zwembad Bagni Misteriosi uit de jaren dertig. is net gerenoveerd. Beeld Els Zweerink

Café: Bar Basso

In Bar Basso zit iedereen tijdens de typisch Milanese 'aperitivo' achter grote oranje glazen Negroni Sbagliato, een lichte variant van de Negroni-cocktail en hier in 1960 bedacht. Enorme glazen zijn het eigenlijk, met een blok ijs erin waar een wak voor is geslagen. Je betaalt er een tientje voor, maar dan krijg je er wel wat olijven en chips bij - vooral de horecaondernemers van Milaan zijn blij met de aperitivo, zeggen zuinigerds. Je doet wel eindeloos met zo'n glas en dan kun je mooi om je heen kijken: naar de bejaarde, maar zwierige obers, de dame achter de kassa, het traditionele interieur. En naar de overige cliëntèle, die tijdens de Salone vooral uit designers bestaat.

Via Plinio 39.

Tip 2: de door filmregisseur Wes Anderson (The Grand Budapest Hotel) ontworpen bar Luce van het museum Fondazione Prada uit 2015 is met zijn pastelkleuren nu al klassiek. Niet gek: hij liet zich inspireren door Milanese cafés uit de jaren vijftig en zestig. En door films uit die tijd, Miracolo a Milano (1951) bijvoorbeeld, en Visconti's Rocco e i suoi fratelli (1960).

In Bar Basso drinkt de hele designwereld een aperitivo. Beeld Els Zweerink

Designstudio: de werkplaats van Achille Castiglioni

Hier ontwierp hij zijn beroemde booglamp, zijn tractorzadelkruk, Italiës eerste bakelieten radio en zijn elegante glasservies; treed binnen in de werkplaats van Achille Castiglioni (1918 - 2002). Een privémuseumpje is het eigenlijk, gerund door zijn dochter en zijn zoon. Zij zijn elke dag aanwezig om hoogstpersoonlijk een rondleiding te geven (de dochter) dan wel decoratief achter de tekentafel te zitten (de zoon). Doe dat vooral, zo'n rondleiding, want als je de verhalen achter de ontwerpen hoort, groeit je sympathie voor Castiglioni. Wat een creatieve geest, wat een humor en integriteit (elke ontwerp moest de wereld een stukje beter maken). En wat een ingenieus ding eigenlijk, die mayonaiselepel. Voor een tientje neem je hem mee, geheid.

Piazza Castello 27.

Tip 2: ook de studio van ontwerper Franco Albini (van de metro in Milaan) is te bezoeken en ook daar tref je doorgaans familie aan.

Via Telesio 13.

De studio van ontwerper Achille Castiglioni, waar zijn zoon (boven) achter de tekenafel zit. Beeld Els Zweerink
De studio van ontwerper Achille Castiglioni, waar zijn zoon (boven) achter de tekenafel zit. Beeld Els Zweerink

Kerk: Chiesa Rossa

De Santa Maria Annunciata in Chiesa Rossa is een, inderdaad, rood bakstenen kerkgebouw uit 1932 van de vooruitstrevende architect Giovanni Muzio. Hij heeft wel mooiere kerken ontworpen, de San Giovanni Battista alla Creta bijvoorbeeld, ook in Milaan, maar toch is de Chiesa Rossa een bezoek waard. Reden is het neonlichtkunstwerk van de Amerikaan Dan Flavin dat in de kerk is geïnstalleerd. Het is er permanent te zien. De aan de wanden aangebrachte tl-buizen van Flavin - hij voltooide het ontwerp twee dagen voor zijn dood in 1996 - zetten het sobere kerkinterieur al twintig jaar elke dag in een roze-blauw-gele gloed. Een simpele ingreep met een spectaculair effect: de oude vrouwen die kaarsjes opsteken in hun buurtkerk zouden het niet meer willen missen.

Via Neera 24

Neonkunst in de Chiesa Rosso. Beeld Els Zweerink

Restaurant: Quattro Mori

Onzin eigenlijk om één klassiek restaurant in Milaan aan te wijzen, want er zijn er honderden waar risotto alla milanese wordt geserveerd door rappe kelners. Maar er zijn er niet veel met een binnentuin en die van Quattro Mori is zeer geliefd bij Milanezen, vandaar. Op zomeravonden zit je goed op het terras van Teatro dal Verme, het theater waar het restaurant tegenaan schurkt. Binnen is het interieur vrijwel onveranderd gebleven sinds 1959: terrazzovloer, mahoniehouten stoelen, wit linnen op tafel, een vitrine vol wezenloos starende vissen. Er wordt kreeft geserveerd, maar ook een goede pizza met buffelmozzarella voor net iets meer dan 10 euro.

Largo Maria Callas 1.

Tip 2: helemaal authentiek zijn de 'circoli', sociëteiten, waar oude mannen samenkomen om te biljarten en waar je ook kunt eten. Er zit er een verscholen in de oude stadspoort Porta Volta. Stap er rond lunchtijd gerust naar binnen voor een bord pasta alle vongole.

Via Alessandro Volta 23.

Restaurant Quattro Mori, boven en onder: het Triennale-designmuseum.

Museum: La Triennale di Milano

La Triennale is het designmuseum van Milaan waar wisselende tentoonstellingen op het gebied van vormgeving, architectuur, mode en interieur worden gehouden. Het gebouw zelf, ontworpen in 1931 door architect Giovanni Muzio, is ook een fraai staaltje van 20ste-eeuws design, en in het restaurant is het fijn koffiedrinken. In de tuin is een kunstwerk van De Chirico te zien - een zwembad met badende mannen, I bagni misteriosi, ja, ook de nieuwe naam van het eerdergenoemde openluchtbad - naast een enorme ketchupfles van kunstenaar Paul McCarthy. In park Sempione eromheen is nog meer kunst te zien; en geinige paviljoens als dat van architect Italo Rota, met 's zomers een terras.

Viale Emilio Alemagna 6

Tip 2: ook uit de jaren dertig stamt Villa Necchi, destijds als hypermodern woonhuis gebouwd voor de rijke familie Necchi, compleet met garage, verwarmd zwembad en tennisbaan. De villa, grotendeels in art-decostijl, is dagelijks open voor publiek.

Via Mozart 14

Het Triennale-designmuseum. Beeld Els Zweerink
Villa Necchi. Beeld Els Zweerink
Villa Necchi. Beeld Els Zweerink

Winkel: Pasticceria Cucchi

In alle toeristengidsjes staat pasticceria Marchesi genoemd als beste en mooiste taartjeswinkel van Milaan, maar sinds die is gekocht door Prada, ruikt het er toch een tikje naar het grote geld. De Milanezen zelf gingen altijd al net zo lief naar pasticceria Cucchi, sinds 1936 gevestigd aan de Corso Genova. Destijds was de winkel een hotspot door de Amerikaanse muziek die er live werd gespeeld: het was er zien en gezien worden tussen de pannetones van de familie Cucchi. Nu staat de derde generatie er aan het roer. Die kijkt wel uit om iets aan het vintage-interieur te veranderen. Achter in de zaak kun je taartjes eten; betalen doe je met je bonnetje bij de kassa naast de deur.

Corsa Genova 1.

Tip 2: net zo gestold in de tijd is brillenwinkel Foto Veneta Ottica, haast een museum met collecties oude (maar nooit gedragen) zonnebrillen. Let op: de winkel zit op de eerste etage, je loopt er zo voorbij als je het uithangbord mist.

Via Torino 57.

Beeld Els Zweerink
Beeld Els Zweerink
Brillenwinkel. Beeld Veneta Ottica

Varia: Benzinestation & danszaal

Net zoals hij kerken bouwde, bouwde architect Mario Bacciocchi tempels voor de auto: benzinestations die ook ontmoetingsplek waren, in de optimistische vormentaal van de jaren vijftig. Zijn Agip-tankstation uit 1952 in het noordwesten van Milaan is er een prachtig voorbeeld van: een wit, ovaal retroruimteschip, dat momenteel gerenoveerd wordt. Het staat nog in de steigers en gaat later dit jaar open als restaurant.

Viale Carlo Espinasse 3.

Sala Venezia is een oude dancing, 'dall'ambiente datato', met een gedateerde sfeer, zoals een Milanees uitkrantje schrijft. Des te beter: hier hangen de spiegelbollen uit de jaren zeventig nog aan het plafond, de dansvloer is verweerd en ook de bezoekers zijn vintage. Op zaterdagavond (ballroom)dansen hier oudere Milanezen. Alleen kijken en iets eten of drinken kan ook.

Via Alvise Cadamosto 2.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden