Column

Mike Lee: de gedroomde kandidaat

Ideale voorzitter van het Huis van Afgevaardigden komt uit Tea Party.

Mike Lee.Beeld Wikicommons

Vroeger, toen het in Washington nog gezellig was, had John Boehner het soort voorzitter van het Huis van Afgevaardigden kunnen worden aan wie hoogstaande 'deskundigen' in praatprogramma's op zondagmorgen met warme gevoelens terugdenken.

Helaas voor hem was Boehner in het huidige Washington slechts een bescheiden explosievenopruimer. De enige grote akkoorden die hij sloot, waren die tussen zijn onbuigzame lagere fractieleden en de eisen van de politieke en grondwettelijke werkelijkheid. Nu kijkt politiek Washington naar zijn staat van dienst, zijn aftreden en zijn mogelijke opvolgers en vraagt zich af: is er een Republikein die het beter kan?

Waarschijnlijk niet iemand met exact hetzelfde profiel als Boehner. Het voorzitterschap vraagt op dit moment gewoon niet om een professionele onderhandelaar en verdediger van instituties, maar eerder om een overtuigd politicus, een ideoloog (in de goede zin van het woord!) die ook oog heeft voor besturen.

In andere woorden: misschien hebben de Republikeinen een voorzitter nodig die diplomatiek kan pendelen van de Tea Party naar de Kamer-van-Koophandel -vleugel van de partij, in plaats van andersom.

De Republikeinse meerderheid in het Huis kan namelijk op korte termijn alleen minder slecht en minder chaotisch gaan functioneren als de volgende voorzitter het vertrouwen wint van genoeg minder prominente conservatieve fractieleden om eventuele opstandjes van de rest in de kiem te kunnen smoren. De beste manier om dat vertrouwen te winnen, is te worden gezien als iemand die het in principe met die opstandelingen eens is. Dat is iets wat Boehner met zijn achtergrond en prioriteiten nooit voor elkaar had kunnen krijgen.

Vandaar het recente beroep op Paul Ryan om hem op te volgen. Ryan is de belangrijkste beleidsinitiator van de Republikeinen en zijn plannen hebben het zwaartepunt van de partij duidelijk naar rechts verlegd. Daarbij is hij van alle Republikeinse leiders de geloofwaardigste conservatief. Ryan zou aan de klus kunnen beginnen met een startkapitaal van ideologische geloofwaardigheid dat best eens effectiever zou kunnen zijn bij het in toom houden van de zeer rechtse factie dan alle achterkamertjesbehendigheid van Boehner.

Toch is Ryan niet echt van de Tea Party. In de tijd van Bush stemde hij voor wetsvoorstellen als No Child Left Behind (onderwijshervorming ), Medicare Part D (uitbreiding zorgverzekering) en TARP (liquiditeitssteun aan banken), allemaal maatregelen waarvan de huidige conservatieve opstandelingen gruwen. Daarbij heeft hij een gematigde kijk op immigratie, een kwestie waarbij de basis van de partij altijd verwacht - en terecht - dat de leiders hun belangen verkwanselen.

Een ideale voorzitter zou de conservatieve geloofwaardigheid en detaillistische inslag van Ryan hebben, maar niet dat verleden meetorsen. Zo iemand is er wel. Helaas zit hij niet in het Huis maar in de Senaat: Mike Lee, de tweede senator van Utah. Lee heeft het cv van een echte rebel: hij won zijn zetel tijdens de Tea-Partygolf van 2010 door de zittende Republikein Bob Bennett te verslaan.

En in tegenstelling tot bijna alle leiders in het Huis en de Senaat is hij een onvoorwaardelijke tegenstander van een grootscheepse hervorming van het immigratiebeleid.

Hij bedacht een gezinsvriendelijk belastingplan dat toch wel indruiste tegen een flink aantal orthodoxe ideeën van de Republikeinse sponsors. Hij heeft serieuze voorstellen gedaan met betrekking tot vervoer, hoger onderwijs en vrijheid van religie.

Deze week nog hielp hij bij het bereiken van een doorbraak tussen beide partijen over hervorming van het strafrecht, een van de zeldzame kwesties waarover in de nadagen van de regering-Obama nog hoop op een compromis is.

Lee's ambities weerspiegelen waar de rebellen in het Huis naar streven: een kracht te worden die de conservatieve beleidsvorming minder laat bepalen door dienstverlening aan sponsors en meer door werkelijke hervormingen, en niet alleen maar de puur negatieve kracht zijn waartoe ze vaak neigen. Er tekent zich een agenda af die (sommige) onbuigzame leden tevreden kan houden en toch een (zeer) bescheiden basis voor samenwerking met de Democraten biedt.

Helaas lijkt het er niet op dat de rebellen in het Huis een Mike Lee in hun gelederen hebben. Anderzijds is er geen enkele regel die zegt dat het Huis niet een senator tot voorzitter kan kiezen.

Vertaling: Leo Reijnen © NYT

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden