Mijnen in Afghanistan het eerste gevaar

De eerste militairen van een internationale vredesmacht zijn in Afghanistan aangekomen. De groep kwartiermakers van de Nederlandse Luchtmobiele Brigade zal later arriveren....

Drie Amerikaanse mariniers liepen afgelopen maandag naar een gebouwtje op het vliegveld van Kandahar. De grond onder hun voeten was eerder gecontroleerd met een metaaldetector. Desondanks stapte een jonge korporaal op een antipersoneelsmijn, van plastic of keramiek, en verloor een onderbeen.

In die situatie kunnen ook Nederlandse militairen gemakkelijk terechtkomen. In Afghanistan liggen ongeveer tien miljoen mijnen, die maandelijks 300 tot 350 doden en gewonden veroorzaken. Dat was althans de score vóór 11 september. Sindsdien hebben de Amerikanen er duizenden mijnen bommen en bomblets (bommen die als mijnen de grond bereiken) aan toegevoegd. Bovendien lieten de Taliban ook nog bergen instabiele (oude, licht explosieve) munitie achter.

Dat maakt het gebied nog onveiliger dan andere uitzendgebieden. Na iedere oorlog maken mijnen en niet-geëxplodeerde projectielen (blindgangers) de meeste slachtoffers. Vooral daarom kregen leden van het Korps Commando Troepen en de Luchtmobiele Brigade bijlessen van instructeurs van de mineurschool in Reek. Hun motto is BMW: Blijf eraf, Markeer en Waarschuw een deskundige.

Ongeëxplodeerde bommen en granaten zijn uiterst instabiel en liggen bovendien op de grond, waar zij de aandacht trekken. In Kosovo vielen in het eerste jaar na de wapenstilstand vijfhonderd doden en gewonden. Tweederde daarvan door zogeheten UXO, unexploded ordnance (materiaal). Vooral kinderen grijpen graag naar de vaak kleurrijke submunitie van clusterbommen.

Na opruiming van ongeëxplodeerde munitie loert het gevaar onder de grond. In Afghanistan legden de Russen honderdduizenden mijnen waarvan de locatie meestal op kaarten is aangegeven. Maar zij gooiden ook duizenden stuks uit helikopters, waaronder de gevreesde vlindermijnen. Die dwarrelen naar beneden en zijn klein genoeg om onder stof en zand te verdwijnen.

Daarnaast legden de Afghanen zelf veel Belgische, Amerikaanse, Britse en Italiaanse mijnen. In die laatste groep zit de Valmara 69. Dat is een zogeheten mortier-fragmentatiemijn die ontworpen is om te doden, in tegenstelling tot gewone antipersoneelsmijnen. Die moeten met een kleine springlading - meestal niet meer dan een ons - slechts een lelijke beenwond veroorzaken.

De Valmare schiet na aanraking eerst zo'n vijftig centimeter omhoog, waarna een lading van bijna 600 gram ontploft. Die slingert tweeduizend gloeiende scherven in het rond. Resultaat: dodelijk tot 27 meter en gevaarlijk tot 125 meter.

De luchtmobiele infanteristen en genisten komen waarschijnlijk terecht in Kabul - volgens de VN 'de meest bemijnde hoofdstad ter wereld'. Tussen de puinhopen is een mijndetector nutteloos. Wel kunnen de Nederlanders een zogeheten aardvark meenemen, een robuust voertuig met kettingen voorop die hard op de grond slaan en mijnen doen ontploffen. Daarbij blijft echter 35 tot 40 procent van de mijnen intact.

De beste methode, zeggen de deskundigen, is met een ouderwetse prikstok het terrein af zoeken. De ruimer prikt om de twee centimer in de grond en begint na een paar meter opnieuw, maar dan vier centimeter verder. Zo kan circa drie vierkante meter per dag, per persoon veilig worden verklaard. Een speciaal opgeleide hond kan dat veel sneller, maar daarvan zijn er te weinig.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.