Mijn ster gaat het maken

Ze beoefenen het ondankbaarste vak in de showbizzwereld. Te midden van veeleisende platenbazen, omroepen en sterren proberen artiestenmanagers de concurrentie te verslaan....

Kip. Spiros Chalos beent met grote passen door de Amsterdamse Leidsestraat op zoek naar een hele gebraden kip. Hij is de manager van de Cubaanse zangeres Liset Alea, die deze avond een optreden zal verzorgen in Paradiso. Het is half zes en zijn ster heeft honger. 'Ze volgt een dieet, omdat ze voor veel allergisch is. Kip met groenten is het beste voor haar, vandaar.'

Met zijn verschoten spijkerbroek, hippe Puma-gympen en tweedagenbaardje wekt hij in eerste instantie een nonchalante indruk, maar zijn starre blik verraadt een zekere spanning. 'Zo'n avond als deze is niet echt relaxt', geeft hij toe. 'Liset is in Nederland nog niet zo heel bekend en vanavond komen er veel grote mensen uit de mediawereld. Ik moet dus flink gaan netwerken om haar te pluggen, dat is behoorlijk spannend.'

Hoe spannend, blijkt als Chalos twintig minuten later, met kip, in de concertzaal arriveert. Boven het podium hangt een groot doek met de naam van zijn artieste, maar er zitten flinke kreukels in. 'Dat kan dus echt niet', roept de manager fel. 'Die kreukels móeten weg!' De floormanager werpt tegen dat het doek niet gestreken kan worden omdat het van plastic is. 'Kan me niet schelen', gromt Chalos. 'Je lost het maar op.' Niet lang daarna zit een roadie van de band met een föhn een uur lang het doek te verwarmen in de hoop dat het gladtrekt. Chalos lacht verontschuldigend. 'Sorry hoor, ik wil echt geen boeman zijn. Maar als we dat doek zo laten hangen, krijg ik vanavond tweehonderd keer te horen dat het er on stage slordig uitziet.'

Kaartenbakken

De artiestenmanager is de kop van Jut in de entertainmentindustrie. Te midden van veeleisende artiesten, meer eisende media en alles eisende platenmaatschappijen of tv-zenders moet hij proberen het hoofd boven water te houden. Tot een jaar of tien geleden ging dat vrij eenvoudig. Wie een aardige zanger of zangeres in zijn stal had, zorgde dat hij vriendjes werd met een belangrijke deejay, nam een omroepbaas eens uit eten of belde een spannend nieuwtje door aan de grootste krant van Nederland en aandacht was gegarandeerd. Er waren nog niet zoveel grote artiesten, dus een optreden bij Mies Bouwman of Ivo Niehe stond garant voor een enorme platenverkoop.

Tegenwoordig is het anders. Het ene Idols- na het andere X-Factor-programma levert 'sterren van wereldformaat' af. Door alle bekende soapies zitten de kaartenbakken bij de castingbureaus boordevol. En de cd-verkoop is lang niet meer zo hoog als vroeger door het illegaal downloaden op internet. De artiestenmanager moet van goede huize komen wil hij van zijn acteurs, zangers of presentatoren grote sterren maken.

Mike Dobbinga is iemand die dat zegt te kunnen. Hij geldt als een van de grootste namen in de entertainmentbusiness. Zoals vrijwel al zijn collega's is hij bij toeval in het vak gerold. 'Tijdens mijn studie commerciële economie had ik een bijbaantje als kelner in Le Garage, het restaurant van Joop Braakhekke. Af en toe assisteerde ik Joop ook als er een evenement moest worden georganiseerd. Niet lang daarna vroeg hij of ik zijn agent wilde worden. Dat ben ik vijf jaar lang geweest.'

Vervolgens begon Dobbinga zijn eigen bedrijf en deed hij het management van sterretjes als actrices Georgina Verbaan en Touriya Haoud. Anderhalf jaar geleden is zijn bedrijf opgenomen in The Entertainment Group, het management- en boekingsbureau van onder anderen Frank Wisse, de ex-man van presentatrice Caroline Tensen. The Entertainment Group is verantwoordelijk voor het management van bekende Nederlanders als Wendy van Dijk, Daphne Deckers, Estelle Gullit, Heleen van Royen, Marco Borsato en de finalisten van Idols.

Hij zegt dat hij alleen artiesten wil managen wanneer hij een 'persoonlijke klik' met ze heeft. 'Als een artiest mij belt en zijn naam licht op in mijn telefoon, moet ik een blij gevoel krijgen. Zo niet, dan valt er niet samen te werken.' Maar hij heeft nu via The Entertainment Group allemaal nieuwe artiesten gekregen. Dat kan tegenvallen... 'Ach, je moet bouwen aan die klik', klinkt het monter. 'De samenwerking met een artiest is in feite een huwelijk zonder seks. Het zijn zeer persoonlijke relaties.'

En die persoonlijke relaties heeft Dobbinga ook met veel mensen uit zijn netwerk. 'Dat is van nature ontstaan. Tja, hoe krijg je een netwerk? Hoe leer je hoogspringen? Veel oefenen, veel trainen en veel in de sportschool rondhangen. Dan ontstaat het vanzelf. Zonder netwerk ben je nergens. Je kunt wel tientallen artiesten aan je binden, maar als je ze niet kunt plaatsen, houdt het op.'

Afwisseling

Met plaatsen bedoelt Dobbinga dat hij zijn artiesten aan werk helpt. Dat gaat op verschillende manieren. 'Het komt vooral neer op veel praten. Mijn dagen zijn nooit hetzelfde. Ik kan een gesprek hebben met de top van RTL of met Unilever, ik kan naar een borrel in de Jimmy Woo moeten of 's avonds een contract in elkaar zitten te hakken; het werk kent zoveel facetten.'

Het komt geregeld voor dat tv-programmamakers eerst met Dobbinga praten voor hun show van start gaat. 'Morgen komt er een eindredacteur van een nieuwe programmareeks van RTL kijken wie uit onze stal het meest geschikt is als gast in dat programma. Wij zijn voor hem een toeleverancier.'

En Dobbinga heeft niet alleen invloed op datgene wat zijn artiesten gaan doen, hij bemoeit zich ook met de inhoud van hun werk. 'Straks zit ik om de tafel met een reclamebureau om het script van een tv-spotje door te nemen. Een van onze artiesten doet daaraan mee, dus ik wil precies weten hoe dat spotje eruit komt te zien. Je bent samen een product aan het maken. Ach, er is zoveel te doen, ik houd wel van die afwisseling.'

Het enige waar Dobbinga af en toe genoeg van heeft zijn zogenaamde journalisten die hem lastigvallen met allerlei wissewasjes. 'Je hebt geen idee hoe vaak wij gebeld worden met vragen als 'hoe ziet de kerstboom van Estelle Gullit eruit?' en 'wat is het lievelingskostje van Winston Gerschtanowitz?'. Ik snap dat media behoefte hebben aan content, maar soms word ik daar wel moe van.'

Nog vermoeiender zijn de steken in de rug die een artiestenmanager geregeld krijgt. Want hoe meer artiesten er komen, hoe meer zaakwaarnemers er nodig zijn. Hoewel de managers het stuk voor stuk amper over hun concurrenten willen hebben (Chalos: 'Ik noem het liever concullega's, hoor'), is de artiestenwereld behoorlijk hard. Er wordt met name op internet veel met modder gegooid. Zo werd Chalos er door collega's van beschuldigd de domeinnamen van Touriya Haoud en Sylvie Meis ten onrechte te hebben ingepikt en lag in 2004 plotseling het contract op straat tussen Dobbinga en actrice Georgina Verbaan, waardoor heel Nederland kon lezen dat zij hem 17 procent management fee moest betalen. Dobbinga: 'Ik werd gebeld door De Telegraaf met de mededeling dat zij dat contract hadden. Ik was echt met stomheid geslagen. Verbijsterend. Wat bleek, iemand had de computer van Georgina gekraakt en dat contract openbaar gemaakt. Dat was wel even schrikken, ja.'

Zou er een jaloerse concullega achter die diefstal kunnen zitten? Dobbinga: 'Misschien. Er zijn altijd mensen die er obscure methoden op nahouden.'

Dit bedrijfsongevalletje was nog niets in vergelijking met de schade die Sidney Brandeis vorig jaar opliep. De manager van onder anderen soapies Froukje de Both en Jasmine Sendar werd door een aantal ex-zakenpartners ervan beschuldigd mensen te hebben bedreigd en afgeperst. Brandeis zat enkele weken vast, maar is inmiddels vrijgelaten. Wat er klopt van de beschuldigingen is vooralsnog onduidelijk, feit is wel dat de andere artiestenmanagers niet bepaald blij zijn met dit soort akkefietjes. Dobbinga is in eerste instantie zelfs huiverig mee te werken aan dit verhaal omdat hij niet met dit soort zaken wil worden geassocieerd. 'Ik vind het vervelend dat ons vak weer in zo'n kwaad daglicht komt te staan. De artiestenmanager wordt van oudsher gezien als een foute vent met gouden schakelkettingen die een beetje dealtjes loopt te maken, maar zo is het echt niet meer. Het is een serieuze beroepsgroep geworden.'

Daar kan John van Katwijk over meepraten. Van Katwijk heeft de veranderingen in de entertainmentindustrie de afgelopen vier decennia van nabij meegemaakt. De Rotterdammer was in zijn jeugd een buurtgenootje van Patricia Paay. Toen hij 18 was, vroeg ze hem zijn manager te zijn. 'Ik was helemaal gek van sterren', legt hij uit. 'Ik spaarde plaatjes van ze, knipte allerlei interviews uit. Dat zag er zo georganiseerd uit, dat Patricia dacht dat ik best haar manager kon zijn.'

Naast Patricia Paay deed Van Katwijk ook al snel het management van haar zus Yvonne Keeley en van Anita Meyer. 'Zo heb ik langzaamaan het vak geleerd. Er is natuurlijk geen school voor, het is een selfmade business.'

Piek

Echt professioneel ging het er in die tijd nog niet aan toe. 'In het begin kreeg ik een boeking voor Patries, maar ik had geen idee hoe een contract eruit moest zien. Dat vroeg ik dan maar snel aan een collegaatje. Ik had ook geen benul wat een producer was. Op een gegeven moment ontmoette ik er een en toen heb ik hem gevraagd wat hij deed. Niet lang daarna was ik zelf producer. Vervolgens ben ik gitaarles gaan nemen, omdat ik geen goede liedjes voor Patricia kon vinden. Die ben ik toen zelf gaan schrijven. Het was eind jaren zestig, echt een romantische tijd waarin alles kon.'

In de jaren tachtig kwamen de eerste problemen. Patricia Paay vertrok naar Amerika. 'Toen zat ik wel even met mijn handen in het haar. Gelukkig kende haar man, Adam Curry, nog wel een aardige Amsterdamse volkszanger die een manager kon gebruiken. Hij stond in de kroeg te zingen en het was nog helemaal niks, maar je kon er een hoop van maken, aldus Adam.'

Die volkszanger luisterde naar de naam René Froger. Van Katwijk zag er wel wat in. 'Ik merkte al gauw dat een bepaald soort dames op hem viel, veel kapsters en huisvrouwen. Dat is natuurlijk een mooie grote doelgroep, maar het kon nog groter. Ik heb hem gezegd dat ie moest afvallen en die rare Lee Towers-smokings die hij droeg in de kast moest laten hangen. En ik wist, die meiden zitten te wachten op romantisch getinte liedjes. Daar zijn we dus op gaan focussen. Na een paar jaar hadden we echt een formule voor René en het werkte.'

Sterker nog: het ene na het andere nummer werd een hit. Van Katwijk kreeg het voor elkaar Froger tien keer in Ahoy te programmeren. Niet lang daarna kwam De Kuip daar achteraan. 'Alles wat we deden veranderde in goud, het was ongelofelijk.'

Maar na het bereiken van die piek werd het al snel minder. Er ontstond gerommel in de band en achtergrondzangeressen wilden meer geld zien; de druk op Frogers schouders werd te groot. Van Katwijk: 'En toen wist ik: het wordt nooit meer zo leuk als het was. Vanaf nu zal alles zakelijker zijn, de charme is eraf. Geld verandert een hoop. Dat zie je bij alle artiesten. In het begin maken ze een plaat omdat ze het leuk vinden muziek te maken. Als het succes er is, maken ze een volgende plaat omdat dat moet van de platenmaatschappij. Dat is een heel ander gevoel.'

Magie

In een uiterste poging nieuwe hoogtepunten te bereiken ging Van Katwijk met Froger naar het buitenland. 'Duitsland, New York, Londen, we hebben overal gezeten om te proberen een plaat daar uit te brengen. Heel verwarrend was dat. In Japan riepen ze: 'René moet een romantische zanger zijn, een nette jongen, met zijn haar heel keurig gekamd en in een wit kostuum.' Die Duitsers echter zagen een nieuwe Udo Lindenberg in hem. Hij moest een baardje laten staan, zijn haar wild, een leren jackie aan. We wisten het op een gegeven moment echt niet meer.'

Onder druk van de platenmaatschappij luisterden Froger en Van Katwijk naar de Duitse eisen. 'Bij de volgende cd was René dus opeens een stuk ruiger. Maar ja, dat pikten ze in Nederland voor geen meter op. Hij was onherkenbaar geworden.'

Van Katwijk besloot weer de meer romantische toer op te gaan, maar dan wel wat chiquer dan voorheen. 'We hebben toen een cd opgenomen met de producers van Celine Dion, 400 duizend dollar kostte dat ding. Deed he-le-maal niks in Nederland. René was zijn imago van volkszanger kwijtgeraakt, het sloeg niet meer aan. Doodziek waren we ervan.' Uiteindelijk heeft Van Katwijk van 1987 tot 2002 met Froger gewerkt. Toen was de koek op. 'René zat niet meer lekker in zijn vel en het grote succes van het begin evenaarden we niet meer. Het was voorbij.'

De verhouding met Froger is sindsdien verstoord. 'We spreken elkaar niet meer. De magie die we samen hadden, is weg. Dat is pijnlijk, het voelt als een echtscheiding.'

Van Katwijk stortte zich op een nieuwe protégee: Glennis Grace, veelbelovend winnares van de Soundmixshow. 'Zij is ongelofelijk goed, ik wist zeker dat ik haar enorm groot zou kunnen maken. Zij kon de nieuwe Beyoncé zijn.'

Van Katwijk had zoveel vertrouwen in het meisje dat hij zelfs zijn auto verkocht om meer geld in de zangeres te kunnen investeren. Maar de hits bleven uit. Na een mislukt Eurovisie Songfestival-avontuur besloten Van Katwijk en Grace afgelopen jaar met elkaar te breken. 'Pijnlijk natuurlijk, zeker omdat de kosten zo buitensporig hoog zijn opgelopen. Maar ja, wat moesten we nog?'

Verhard

Ondanks de tegenslag is Van Katwijk nog altijd niet klaar met het managen. Momenteel runt hij een foto- en filmstudio in Amsterdam, maar zijn muzikale hart bonkt nog steeds. 'Ik heb zo vaak geroepen: 'Dit is de laatste plaat geweest, dan schei ik ermee uit', maar het is me nooit gelukt. Ik zit nu toch weer te azen op iets. Die wereldact moet toch ergens te vinden zijn? Ik blijf op zoek naar de kip met de gouden eieren.'

Spiros Chalos meent deze met Liset Alea gevonden te hebben, zo vertelt hij vlak voor het concert van de zangeres. 'Het wordt hard werken vanavond. Lobbyen, lobbyen, lobbyen. Maar daar heb ik mijn tweede natuur van gemaakt. Laatst schrok ik wel. Tijdens een gesprek met mijn zoontje zei hij heel boos: 'Papa, je kijkt niet naar me.' Dat was confronterend. Ik heb mezelf aangeleerd een gesprek te voeren zonder iemand aan te kijken. Je bent tijdens het netwerken altijd bezig met kijken of er niet een nog interessanter iemand is met wie je even moet praten.'

Echt makkelijk heeft hij het niet altijd. De artiestenwereld is verhard, vindt Chalos. 'Vroeger was het veel simpeler om groot te worden als artiest. The sky was the limit. In mijn tijd als zanger was het normaal om eerste klas te vliegen. Nu is het Easyjet. Er zijn meer zenders, meer concurrenten, iedereen vist in dezelfde vijver. Bovendien bestaat Nederland voor zo'n 80 procent uit BN'ers. De concurrentie is enorm.'

Chalos twijfelt daarom wel eens aan de toekomst. Maar waarom gaat hij toch door? Hij glimlacht. 'Omdat het zo'n kick is als het lukt met een artiest. Als je het voor elkaar krijgt dat iedereen het over jouw ster heeft, tja, daar doe je het voor.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden