Miere(n)neuken

Toch nog even over dat fascinerende miereneuker-arrest, waar de Volkskrant onlangs over berichtte: mag je een politieagent straffeloos uitmaken voor 'miereneuker'? Soms wel, oordeelde de Hoge Raad: 'miereneuker' is taalkundig geen scheldwoord. 'Kloothommel' of 'kankerwout', bijvoorbeeld zijn dat wél. Maar 'miereneuker' kan ook een positieve betekenis hebben, vindt de Hoge Raad.


Daar moest ik wel even over nadenken. 'Miereneuker' is een van de mooiste woorden die onze taal rijk is (je ziet het zo vóór je) maar ik kan me eigenlijk geen context voorstellen waarin je het begrip een positieve betekenis zou kunnen toedichten. 'Paardelul', om nog eens een ander gangbaar scheldwoord te noemen, bijvoorbeeld wél. 'Jij bent een enorme paardelul' klinkt naar mijn oordeel tamelijk beledigend. Ik zou het niet gauw tegen een politieagent zeggen. 'Jij hébt een enorme paardelul' daarentegen is beslist een groot compliment. In mijn optiek in ieder geval wél, en ik ga ervan uit dat de Hoge Raad daar niet anders over denkt; al zou ik ook zoiets niet gauw tegen een agent zeggen, zeker niet zolang hij in functie is.


Maar er zitten méér haken en ogen aan deze affaire. Zo spelt de Volkskrant het woord 'miereneuken' met één n, en de voormalige kwaliteitskrant NRC 'mierenneuken', zag ik gisteren, met twéé ennen dus. Wie heeft er nu gelijk?


Omdat ik weer eens zonder internet zit (ja, UPC! Alwéér!) kan ik niet tot een slotsom geraken, maar volgens mij zit het zo: als het neuken met één mier betreft, en dan wel telkens dezelfde, een monogame relatie dus, zou je met één n kunnen volstaan.


Maar ja, hoe gaan die dingen? Ten eerste lijken mieren allemaal sprekend op elkaar, dus de kans lijkt me groot dat je al gauw de verkeerde te pakken hebt. Bovendien: wat is nou één mier, voor een forse politieagent in de kracht van zijn jaren? Nee, die lust er natuurlijk wel pap van, met duizenden mieren tegelijk. In dat geval kom je toch echt niet onder die tweede n uit, miereNneuken dus.


Wat die mieren ervan vinden blijft overigens in het ongewisse, maar iets zegt mij dat ze niet speciaal op neuken gesteld zijn. Niet eens met elkáár, laat staan met een agent, want laten we nou wel wezen, voor een mier is élke lul een enorme paardelul, (of is het nou paardeNlul?) want zelf hebben mieren, bij mijn weten, helemáál geen lul.


Maar nogmaals, ik zit zonder internet, dus ook dát kan ik niet opzoeken. En u weet hoe het gaat met mieren: als je ze niet nodig hebt, zitten ze overal, maar als je ze even in het kruis wilt kijken zijn ze opeens in geen velden of wegen te bekennen.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.