Midden-Afrika wordt één groot oorlogsgebied 'Congo' brengt conflicten samen

De nieuwe burgeroorlog in Congo-Kinshasa heeft alle oorlogen en gewapende conflicten in Midden-Afrika met elkaar verbonden. De allianties bestrijken nu een enorm gebied, van Angola in het zuidwesten tot Sudan in het noordoosten....

Van onze buitenlandredacteur

Wim Bossema

AMSTERDAM

1. Kabila tegen zijn oude vrienden

Alle aandacht is nu gericht op de strijd tussen president Kabila van Congo-Kinshasa en zijn vroegere Tutsi-vrienden. Beide partijen hebben allianties gesloten. De rebellen behielden Rwanda en Uganda (de landen die de opstand tegen Mobutu hadden gesteund in 1996 en 1997) als bondgenoten. Kabila vond nieuwe in Zimbabwe, Angola en Namibië.

Vorige week won hij de steun van de francofone naties in Midden-Afrika op een conferentie in Gabon. Sudan intervenieerde deze maand in het verre noordoosten van Congo-Kinshasa ter ondersteuning van gewapende groepen die min of meer aan de kant van Kabila staan in het conflict.

In het binnenland heeft Kabila veel nieuwe steun onder de bevolking van Kinshasa gewonnen door te breken met de Congolese Banyamulenge-Tutsi's (die ooit de kern vormden van het militaire verzet tegen Mobutu) en de Rwandese hulptroepen naar huis te sturen. De kern van zijn aanhang ligt echter in de zuidelijke mijnprovincie Shaba (vroeger Katanga), zijn geboortestreek. Om zijn invloed te vergroten heeft Kabila enkele hoge officieren die onder Mobutu hebben gediend in ere hersteld.

De rebellen doen ook hun best om hun sociale basis te vergroten. Dat is vooral te zien aan de politieke tak van het verzet.

Naast Tutsi's als Bizima Karaha, Kabila's vroegere minister van Buitenlandse Zaken, zijn leiders aangetrokken uit alle delen van het land: oud-premier Lunda Bululu uit Shaba, Ernest Wamba dia Wamba afkomstig uit het Congo-volk in het westen, Thambwe Mwamba, een schatrijke zakenman uit Maniema.

Militair gezien hebben ook de rebellen een beroep gedaan op enkele officieren van Mobutu, hun oude vijanden. De belangrijkste is commandant Jean-Pierre Ondekane, de militaire woordvoerder van de rebellen.

2. Rwanda tegen de Hutu-rebellen.

De oorlog in Congo-Kinshasa is een vervolg op de oorlog tussen het Tutsi-bewind in Rwanda en de Hutu-rebellen die opereerden vanuit de vluchtelingenkampen in het toenmalige Zaïre, een situatie die was ontstaan uit de genocide op de Tutsi's van 1994 en de overwinning van het Tutsi-verzetsleger die volgde. Bij de verdrijving van Mobutu's leger keerden de meeste Hutu-vluchtelingen terug naar Rwanda, duizenden anderen werden afgeslacht.

De Hutu-strijders van het vroegere Rwandese regeringsleger en de Interahamwe-milities werden echter niet verslagen. Zij trokken zich terug in het oerwoud, soms zover als Congo-Brazzaville. Het afgelopen jaar zijn zij teruggekeerd en opereren in het noordwesten van Rwanda en de Congolese provincie Noord-Kivu. Volgens een nieuw rapport van de onafhankelijke mensenrechtenorganisatie African Rights hebben zij hun militaire hoofdkwartier in de plaats Masisi, het centrum van een Hutu-minderheid in Congo-Kinshasa.

De Hutu-rebellen, die nu de naam Bevrijdingsleger van Rwanda (ALIR) voeren, werken sinds kort samen met Kabila. De aanval op het hoofdkwartier van de rebellen in Goma werd waarschijnlijk uitgevoerd door Hutu-eenheden. Rwanda's machtigste man, Paul Kagame, beschuldigt Kabila ervan dat hij een militair trainingskamp voor het Hutu-verzet heeft ingericht. Het veiligste achterland voor ALIR is het noorden van Congo-Brazzaville. De Rwandese Hutu's hielpen de huidige president van Congo-Brazzaville, Denis Sassou Nguesso, vorig jaar bij zijn staatsgreep.

3. De militieoorlog in Congo-Brazzaville.

Sassou Nguesso wist de milities van de vorige president, Pascal Lissouba, te verslaan met hulp van het Angolese leger en de gevluchte presidentiële garde van Mobutu. Lissouba's strijders hebben zich deels teruggetrokken in Congo-Kinshasa. Nu ook Kabila de hulp van Angola heeft gezocht heeft hij Sassou Nguesso erbij gekregen als nieuwe bondgenoot, inclusief Mobutu's elitetroepen tegen wie hij nog niet zo lang geleden vocht. Lissouba's militie, geschat op zes- tot zevenduizend man, schaart zich nu aan de zijde van Tutsi-rebellen.

4. Angola tegen twee rebellenlegers.

Het Angolese leger hoopt met de interventies in de twee Congo's de toevoerwegen af te kappen van twee rebellenlegers: het FLEC, dat vecht voor onafhankelijkheid van de olierijke Angolese enclave Cabinda, en Unita, dat nog steeds actief is in de binnenlanden. Unita vocht vorig jaar tevergeefs aan de zijde van Mobutu. Nu zijn er berichten dat het verzetsleger van Jonas Savimbi toenadering zoekt tot de vroegere Tutsi-vijanden tegen de nieuwe gezamenlijke vijand: de alliantie van Kabila en het Angolese regeringsleger. Het Angolese leger is nieuwe offensieven begonnen tegen de twee rebellenbewegingen.

5. De burgeroorlog in Burundi.

Het Tutsi-bewind in Burundi houdt zich tamelijk afzijdig van de oorlog in Congo-Kinshasa. Hutu-guerrilla-eenheden (van Palipehutu en CNDD, de Nationale Raad voor de Verdediging van de Democratie) opereren echter vanaf Congolees grondgebied en er zijn berichten dat het Burundese leger hen over de grens achtervolgt.

6. De etnische milities in Oost-Congo.

De rebellen kampen bovendien met het verzet van etnische milities, zoals de Mai Mai en de combattants. Die milities zijn slecht bewapend, maar genieten grote steun onder de plaatselijke bevolking. Tijdens de opstand tegen Mobutu vochten zij soms tegen de ene partij, dan weer tegen de andere. Hun belangrijkste doel is de oorlog buiten hun gebieden te houden. De rebellen zoeken nu een vergelijk met die milities.

7. Uganda tegen twee rebellenlegers.

Vanuit Congo-Kinshasa opereren ook gewapende Ugandese rebellen, die president Yoweri Museveni ten val willen brengen: de Verenigde Democratische Krachten (ADF). Museveni gaf de strijd tegen deze groep als reden voor de aanwezigheid van Ugandese soldaten in het noordoosten van Congo-Kinshasa. Er bestaat een losse alliantie tussen het ADF, ALIR en het Burundese Hutu-verzet, die nu kan rekenen op de sympathie van Kabila.

In het noorden wordt Uganda geplaagd door invallen en moordpartijen door het Verzetsleger van de Heer (LRA). De Ugandese rebellen krijgen steun van het islamistische regime van Sudan, omdat Museveni het verzet in Zuid-Sudan steunt.

8. De burgeroorlog in Sudan.

Deze maand kwam het bericht dat ook het Sudanese leger de grens met Congo-Kinshasa was overgetrokken. De oorlog in het zuiden duurt al een jaar of twintig. Het Sudanese Volksbevrijdingsleger (SPLA) strijdt voor autonomie en tegen islamitische wetgeving, die niet zou moeten gelden voor het christelijke en animistische zuiden. Als het bericht van de Sudanese inval juist is (Khartoem ontkent) lijkt Sudan daarmee in de eerste plaats Uganda een hak te willen zetten.

African Rights heeft bovendien getuigenissen dat Sudan nu ook trainingskampen heeft opgezet voor Hutu-strijders uit Rwanda.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden