Michael P. (derde van links) tussen zijn advocaten en tegenover de drie rechters, onder wie voorzitter Van Lieshout (tweede van rechts) .

Reportage Rechtszaak Michael P.

Michael P: ‘Dit zijn de handen van een moordenaar’

Michael P. (derde van links) tussen zijn advocaten en tegenover de drie rechters, onder wie voorzitter Van Lieshout (tweede van rechts) . Foto ANP

Als iemand in staat is om iedereen om de tuin te leiden, is het Michael P., de man die heeft bekend dat hij Anne Faber heeft vermoord. Maandag stond hij voor de recht-bank. De rechtszaak gaat dinsdag verder.

‘Het was mijn geweten’, zegt Michael P., op het oog emotieloos.

Het is maandagochtend als de rechter in Utrecht hem vraagt waarom hij pas drie dagen na zijn arrestatie het zwijgen doorbrak. Waarom hij toen pas verklaarde dat hij de 25-jarige Anne Faber had verkracht, gedood en begraven. ‘Ik liep er al twee weken mee rond’, zegt P. ‘Als je naar je handen kijkt, denk je: dit zijn de handen van een moordenaar.’

Maar de rechter twijfelt aan zijn verklaring voor de omslag.

Waarom beriep P. zich zo lang op zijn zwijgrecht? Waarom bekende hij niet meteen toen hij was aangehouden?

‘Ik was boos’, stelt P. in de rechtszaal. ‘Ik was mishandeld tijdens mijn arrestatie.’

Maandag begon de rechtbank in Utrecht aan de zaak tegen Michael P., de man die op 29 september vorig jaar Anne Faber verkrachtte en doodde terwijl ze een fietstochtje maakte door het bos. De verdwijning van Anne hield Nederland wekenlang in zijn greep. Pas na dertien dagen zoeken door politie, familie en vrienden werd ze gevonden. Onder de grond, in een bos bij Zeewolde.

In de rechtszaal staat één vraag centraal: handelde P. met voorbedachten rade, of was dit een impulsieve daad?

Opvallend is dat zijn bekentenis pas kwam nadat P. was bezocht door een oude bekende van hem die bij de politie werkt. ‘Er hangt jou levenslang boven het hoofd als je niet meewerkt’, zei de man tegen hem. ‘Heel Zeewolde wordt uitgekamd, ouwe. Zorg dat je de politie voor bent. Maak er een verhaal van, zeg wat er is gebeurd.’ P. was aanvankelijk afhoudend. ‘Ik kom sowieso nooit meer vrij’, zei hij, ‘wat ik ook zal vertellen.’

Later op die avond draaide hij als een blad aan de boom om en bekende hij. Tijdens dat verhoor, op 11 oktober 2017, zei hij meermaals dat hij openheid van zaken gaf voor Anne’s ouders. ‘Vertel het hen vanavond nog. Ze hebben er recht op om dit te weten.’

Tot inkeer gekomen?

Was P. tot inkeer gekomen, en had hij inderdaad medelijden met Anne’s ouders, of koos hij simpelweg voor zichzelf, vraagt een van de rechters zich af? P: ‘Ik was al van plan om te gaan praten.’

Maar, zo lijkt het maandag als de zaak vordert, als iemand in staat is om iedereen om de tuin te leiden, is het Michael P. Dat deed hij met zijn behandelaars in de kliniek van Altrecht, waar hij werd voorbereid op zijn terugkeer in de samenleving na twee eerdere verkrachtingen. Dat deed hij met zijn moeder en zijn zus, die geen idee hadden wat er in zijn hoofd omging vlak voor hij Anne Faber verkrachtte en vermoordde. En dat deed hij met zijn vriendin, die zwanger was van hem toen hij in de fout ging.

Zelf noemt hij het zijn ‘masker’, dat hij op kon zetten zodra het nodig was. ‘Je blijft gewoon rustig, je doet gewoon je verhaal. Dit dat, zus zo’, zegt hij. Zo kon het dat de psycholoog in zijn kliniek op de dag van de moord nog rapporteerde dat hij er goed bij zat.

Nu in de rechtszaal heeft hij zijn masker weer tevoorschijn getoverd. Hoewel hem een levenslange celstraf boven het hoofd hangt, en de inzet dus hoog is, blijft hij meestentijds kalm en op het oog onverschillig onder de vragen van de rechter.

Het begint al met de vraag waar hij ’s ochtends was op de dag dat hij Anne Faber vermoordde. ‘Dat weet ik niet meer’, zegt P. Wat hij nog meer niet weet: waar het mes is gebleven waarmee hij Anne doodstak (‘Ergens weggegooid’), waar Anne’s juwelen zijn gebleven (‘Nooit gezien’), waarom hij haar polsen insneed tot op het bot (‘Geen idee’), waarom hij niet vluchtte toen hij Anne gekneveld achter een hek had getild (‘Weet ik niet’).

Verpulverde pillen

In de kliniek kon P. moeiteloos aan medicijnen en drugs komen. Op de dag van de moord had hij naar eigen zeggen tussen de 10 en 15 ritalin-pillen genomen. Hij verpulverde de pillen en snoof ze op. Daardoor voelde hij zich naar eigen zeggen achterdochtig en paranoia.

Op de avond van de moord wilde P. sloopwerkzaamheden uitvoeren in een gebouwtje op het Altrecht-terrein van zijn instelling. Daarom had hij een betonschaar en een mes, verklaart hij zelf. Hij ging nog even tanken met zijn scooter. Zijn telefoon was het grootste deel van die avond uit. Niet omdat hij hem had uitgezet, maar omdat dat soms gewoon gebeurde, verklaart P. Een technisch mankement.

Even later zou hij op een bospad tegen Anne Faber zijn aangebotst. ‘Sorry, sorry, zei ik tegen haar’, zegt P. Omdat zij de politie er bij zou hebben willen halen, zou de situatie volgens hem uit de hand zijn gelopen. En verkrachtte hij haar onder bedreiging van een mes.

Maar zou het niet zo kunnen zijn, vraagt de rechter, dat P. Anne Faber al eerder had gespot, toen hij haar tegemoet reed op een fietspad even verderop? En dat hij haar heeft opgewacht? Want uit de reconstructie bleek dat dat logischer was. Bovendien was op die locatie met een licht stijgend pad een botsing onwaarschijnlijk. Daar kun je snel stoppen en een scooter hoor je er van verre aankomen. En al spreekt P. de waarheid, hoe kan het dan zo zijn misgegaan na een simpele botsing?

Het is een vraag die P. zelf niet kan of wil beantwoorden. Hij deed wat er op dat moment ‘in hem opkwam’. Hij dwong Anne een bospad op te lopen. Daar zou ze volgens hem hebben gezegd: ‘Je gaat me verkrachten, hè?’ Dat had ze niet moeten doen, zei hij, want dat triggerde hem, met zijn verkrachtingsverleden. En dus verkrachtte hij haar daar.

Daar wilde hij het bij laten. Hij was naar eigen zeggen zelfs alweer op weg naar zijn scooter om terug te gaan naar de kliniek. Op dat moment zou Anne achter hem aan zijn gekomen, zijn mes hebben afgepakt en hem in zijn hand hebben gestoken. Toen zou hij haar één klap hebben gegeven, zegt hij. ‘Maar op haar armen en benen zijn 46 bloeduitstortingen gevonden’, zegt de rechter. P. heeft er geen verklaring voor.

P. bindt haar handen vast met tieraps op haar rug en neemt haar achterop de scooter mee naar de Vliegbasis Soesterberg. Daar, als ze achter het hek van het terrein zijn, roept Anne om hulp als ze in de verte een fietser ontwaart. P. houdt het mes dreigend bij haar keel. ‘Hou je bek, riep ik tegen haar, maar ze bleef maar schreeuwen.’

Zelf zegt hij dat hij haar één keer licht snijdt in haar hals. Maar uit de schouwing blijkt later dat er diep in haar nek gesneden is: ze moet binnen korte tijd overleden zijn.

Veel van wat Michael P. heeft gedaan is geverifieerd door onderzoek: sporen, camerabeelden, belgegevens en pinbetalingen. Over een aantal sleutelmomenten kan onderzoek geen uitsluitsel geven. Als de rechters hem vragen naar de ontbrekende puzzelstukjes, of als de feiten tegen hem lijken te spreken, antwoordt hij telkens binnen een paar seconden. ‘Ik weet het niet’, of ‘geen idee’, of ‘daar heb ik geen verklaring voor’.

Zo geeft hij wel toe dat hij IS-filmpjes bekeek van onthoofdingen en executies, bekent hij dat hij op internet zocht naar de vraag hoe lang dna vindbaar blijft, en dat hij zocht naar manieren om zelfmoord te plegen. Maar de zoekterm ‘seks met een lijk’, ten tijde van Anne’s verdwijning ingetikt op de computer van zijn kliniek, komt niet van hem, zegt hij.

Controle even verloren

Als de officier van justitie hem confronteert met zijn eigen salvo weet-ik-niets, en hem verwijt dat hij dit doet omdat de grond hem te heet onder de voeten wordt, verliest P. even de controle. ‘Weet u hoe u mij heeft laten martelen?’, snauwt hij, verwijzend naar zijn aanhouding. En, even later, op hoge toon: ‘Weet ú nog wat u aan had op die dag?’

Zo impulsief als hij zijn misdaden zegt te hebben gepleegd, zo berekenend ging hij te werk om die achteraf te verhullen. Met chloor probeerde hij sporen van het lichaam van Anne te wissen. Meermaals versleepte hij haar lichaam, om haar beter te verbergen. Haar spullen verstopte hij overal en nergens.

Bij vlagen is het een haast hallucinante vertoning. Tijdens de feitenbehandeling komt P. soms naar voren als een doodgewone jongeman, die cadeaubonnen koopt voor zijn moeder en op bezoek gaat bij zijn opa en oma. Maar vaker blijkt zijn totale grenzen- en gewetenloosheid.

Het Pieter Baan Centrum adviseert om hem tbs met dwangverpleging op te leggen. De kans op recidive is groot volgens de onderzoekers. P. heeft een antisociale persoonlijkheidsstoornis, een borderline-stoornis en kenmerken van een psychopaat. ‘Hij heeft een zeer zwakke persoonlijkheidsstructuur, is agressief, achterdochtig, wraakzuchtig en hij zoekt prikkels op’, constateren de onderzoekers. ‘Nu is hij rustig, maar hij is heel ontvlambaar.’

Op vragen over mogelijk ziekelijke kanten van zijn seksualiteit, zoals het hebben van verkrachtingsfantasieën, wilde P. niet ingaan bij het Pieter Baan Centrum. Althans: hij ontkende alles wat daarmee te maken had.

‘U heeft heel vaak gezegd dat u het niet meer weet, dat u geen idee heeft’, zegt de officier van justitie aan het eind van de ondervraging. ‘Zijn er nog zaken die u zelf wilt ophelderen?’

Michael P: ‘Ik heb niks meer te zeggen.’

Tijdlijn zaak Anne Faber

29 september 2017 - Michael P. vermoordt Anne Faber en vervoert haar lichaam per scooter naar vliegbasis Soesterberg om het lijk te verbergen.

30 september 2017Hij verplaatst het lichaam naar Zeewolde en wist sporen uit met chloor.

1 oktober 2017 - De verdachte wist meer sporen uit en vertrekt naar Maastricht.

2 oktober 2017Michael P. bekijkt met vriendin een echo en ziet dat hij vader wordt.

3 oktober 2017Keert terug uit Maastricht en bezoekt prostituees in Amsterdam.

9 oktober 2017 - Aanhouding Michael P.

11 oktober 2017Wijst plek aan van lichaam Anne Faber.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.