Meyyurkuppam

In India zijn vissers, boeren en koelies ineens wereldburger geworden...

De winnaars wonen aan het water, bij de gulzige zee die meer vis belooftdan ooit. Daar liggen de boten als een kralenketting zij aan zij,versgeschilderd in geel en blauw en rood. Nieuwe netten op het zand. Nieuwebuitenboordmotoren, met hun lange staarten. Nieuwe welvaart voor eenvergeten uithoek van de wereld.

Het dorp heet nog steeds Meyyurkuppam - maar verder is hier allesanders. De bewoners vooral, die een jaar terug nog droefgeestig in detoekomst staarden. Komt meneer Kumar het strand opgelopen, stralend: 'Helloagain!' Het leven is goed, zegt hij, 'life is better than before!' Detsunami - hij zou er bijna een geschenk van de goden in gaan zien. Hetenige verdriet dat de grote golf heeft achtergelaten is dat om de doden,'maar gelukkig geloven wij in reïncarnatie.'

Meneer Kumar - dat was toch degene die bleek poseerde voor het enigedeel van zijn huis dat overeind bleef: de voordeur. Die de kapotgeslagenvissersboten liet zien. Nu hebben ze er 65, zegt hij, twintig meer danvoorheen. En wat voor boten! Negen meter lang, met trotse stevens die degolfslag zoveel beter aankunnen dan voorheen.

En hé! Achter de palmen staat ineens een kinderspeeltuin, gedoneerddoor de Catholic Relief Services. Kinderen zitten op een schommel en etenijs. En kijk! Een kleine kliniek voor Meyyurkuppam, met dank aan de HinduMission. In de smalle straat naar het strand liggen bergen grind enbaksteen - zeventig families leven nog in tijdelijke hutten verderop maaraan hun huizen wordt gewerkt, groter en steviger dan ooit.

Opnieuw in India. Opnieuw zitten dorpsbewoners in een kring op het zand,delen ze kokosnootmelk - maar de verhalen zijn gekanteld. 'De wereld',concludeert meneer Kumar, 'weet nu dat we bestaan.'

Winnaars wonen ook in Olakottaimedu, waar vijf glanzende polyestervissersboten nog ongebruikt op het strand liggen ('not for sale orexchange', is erop geschilderd door de hulporganisaties). Ook Moorthy kijktvrolijk uit zijn ogen. 'De hulpverleners vertelden ons: vergeet hetverleden! Dit is de kans om verder te komen', zegt hij. 'Dat doen we. Weetje, we voelen ons gewoon empowered.'

De tsunami heeft de kust van Tamil Nadu anders achtergelaten. De zee isdichterbij gekomen, de herinnering aan zestienduizend doden blijft - maardat is niet het belangrijkste. Het belangrijkste is dat de vissers, boeren,koelies, kastenlozen en tribalen die er jarenlang een geïsoleerd levenleefden, plotsklaps wereldburgers werden. Journalisten kwamen langs,ministers, hordes hulpverleners uit landen die ze alleen van televisiekenden - ineens bestónden ze voor het oog van de eigen natie en dat vande wereld.

De tsunami heeft ze opgetild - al geldt dat niet voor iedereen.

De verliezers wonen bij het land, bij de rijstvelden en cashewplantagesdie minder oogst beloven dan ooit. Daar staat de paddy zielig in de drab,zitten de mannen mokkend thuis, kijken ze jaloers uit op de vissersdorpen.Het gehucht heet Ambedkar Nagar, nog steeds, en het is er nog steeds nietgezellig. Het ruikt er naar modder. De mensen van Ambedkar Nagar zelfruiken naar modder. 'Wie rijk was, is rijk geworden!', schreeuwt Mayavan,de loonarbeider met vier kinderen. 'Wie arm was werd armer!'

Het land dat ze bewerken staat blank. Omvergespoeld door de regens. Tweejaar droogte, een tsunami en nu dan vier cyclonen achter elkaar in dezwaarste moesson sinds twee decennia - driedubbel pech.

Zo staan ze 's avonds onder het schrale licht van een straatlantaarn.Ze weten het verder ook niet. Ze hadden gehoopt dat de tsunami denooduitgang zou worden voor een miserabel leven, maar het leven is nogmiserabeler dan voorheen. 'We zijn gesandwicht door het water', zegt eenvrouw. Het zijn niet hún hutten en huizen die ze bewonen, het is niet hunland dat ze bewerken - het is allemaal van de grootgrondbezitter diewegrijdt in een grote jeep. De grootgrondbezitter heeft het compensatiegeldvan de overheid in zijn zak gestoken en de bewoners van Ambedkar Nagarverboden hun huizen te repareren. De overheid heeft ze sowieso links latenliggen - het is dat er organisaties zijn als Novib en Dhan die zich richtenop de allerlaagsten van de Indiase kastenhiërarchie. 'Als we gaandemonstreren en de weg blokkeren', zegt Mayavan, 'worden we gearresteerdomdat we nu eenmaal de armsten zijn.'

De verliezers wonen ook in Poosaimandapan, waar de vayal, derijstvelden, op zwembaden zijn gaan lijken nadat vorige week een dam isdoorgebroken en de eerste post-tsunami-oogst verloren ging. Het water iszout, op de modder hecht zich een vreemde algensoort. Barrevoets springende landarbeiders door de prut, het land is een waddenzee geworden.

De bewoners chagrijnen in de plaatselijke kerk.

'Jullie geven alles uit aan alcohol!', zegt een vrouw die Baby heettegen de mannen.

'Welnee!', zegt Amaldas namens de mannen. 'Wij hebben onze alcoholnodig. Het is óns geld, wij bepalen waar we het aan uitgeven!'

De vrouwen gieren en bedekken hun gezicht met de handen.

'Jullie geven ons niets!', zegt Baby.

'Wij werken, eten, drinken en geven je dan je geld', zegt Amaldas.

Ze komen er niet uit.

Hoeveel boeren en landarbeiders getroffen werden door de tsunami isonduidelijk. Volgens de overheid in India was tachtig procent visser, maarvolgens mensenrechtenorganisaties klopt dat niet. Ze beklagen zich over eenonwaardige behandeling van boeren en dalits - maar wie de dorpen langstrektziet ook iets anders.

In Pudupalli dragen ze nog steeds de groene polo's die de deelstaat nade ramp ter beschikking stelde. Het dorp lag er wezenloos bij, beginjanuari: de frisse, geelgroene rijstvelden waren woestijn geworden. Degrote golf had er een meter zand op gesmeten, de zoetwaterputtendichtgesmeerd en de cashewbomen zo uitgedroogd dat ze zielloos doormiddenknapten. 'Hello!' zegt Muthumari, de boer die destijds het landinspecteerde. 'Het is nog steeds niet best, zie je.'

Zestig hectare zand werd weggeschept door een hulporganisatie. De grondis drie keer omgeploegd en schoongespoeld. Organische mest erop.Drainagesloten erlangs. En het resultaat - ach. Er staat rijst op het veld,maar dat is dan ook alles. Kleine, vergeelde sprieten zijn het - eenonverzorgde stoppelbaard. Wetenschappers hopen dat ze de grond met gipsweer bruikbaar kunnen krijgen, maar Muthumari heeft er een hard hoofd in.'We zetten er eucalyptusbomen op', besluit hij. 'Dan gaan we weg en komenvijf jaar later terug. Hebben we in elk geval hout. We kunnen wel bezigblijven hier, maar het heeft geen zin.'

Maar er staat wel een computer in Pudupalli. Echt waar! Hij staat ineen zachtgroen geschilderd stenen huis, speciaal gebouwd voor de computer,die ook een printer en een webcam heeft en twee witplastic tuinstoelen omte computeren.

'Voor de tsunami', zegt een van de vrouwen die zijn neergestreken in eenperfecte cirkel onder de tamarindeboom, 'hadden we niet veel kansen. Ditwas ons leven en dat was het. Maar op een of andere manier heeft die rampons goed gedaan. We zijn sterker geworden. We zijn bij elkaar gekomen. Deminister kwam langs. We zijn vips geworden. We denken na over een nieuwemanier van leven, we houden nu geiten en koeien.'

En straks hebben ze internet, kunnen ze real time de rijstprijzenvergelijken en videoconferencen met ambtenaren van het landbouwministerieen ligt de hele wereld open voor een heel klein dorp in Tamil Nadu, India.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden