REPORTAGE

Met zijn vingers bedwong hij het groen

Driehonderd jaar geleden werd hij in Engeland geboren. Met zijn vingers bedwong hij het groen. Wie was tuinarchitect Lancelot Capability Brown?

Zicht op Petworth House en Park in West-Sussex. Beeld National Trust Images/David Levenson

In het park bij Petworth House, in West Sussex in het zuiden van Engeland, laten hondenbezitters niet alleen hun viervoeters uit, maar vooral ook zichzelf. 'Dit is Engeland op z'n best', zegt Nigel, terwijl zijn spaniëls ruiken aan de keutels die herten hebben achtergelaten, 'het uitzicht op het landhuis en de meren vanaf de heuvel, de punt van de torenspits in de verte.' Zijn vrouw Erika wijst op de eigenaardigheden in het landschap, zoals een quasi-Griekse Dorische tempel en het standbeeld van een hond van Alcibiades in het slangachtige meer, eeuwen terug neergezet door de derde Graaf Egremont ter herinnering aan zijn verdronken lievelingshond. 'Onze honden raken telkens in de war wanneer we er langs lopen.' Op de achtergrond is het gejoel van jachthonden te horen.

Het park bij het 327 jaar oude Petworth House is een van de meesterwerken van Lancelot 'Capability' Brown (1716 - 1753), de landschapsarchitect wiens 300ste verjaardag die jaar uitgebreid wordt gevierd in Engeland, een viering die samenvalt met het Jaar van de Tuin. In de 18de eeuw heeft deze lieveling van de Engelse adel - en later de hovenier van koning George III - parken ontworpen bij 170 kastelen, paleizen en landhuizen, waaronder Chatsworth, Blenheim en Burghley. Daardoor groeide hij uit tot de schepper van de vrije, idyllische en natuurlijke landschapsstijl. Wat Shakespeare is voor de taal, Wren voor de architectuur en Churchill voor de politiek, dat is Capability Brown voor de tuinen.

'Brown brak met de Versailles-achtige traditie, de streng geordende Renaissance-tuinen die waren ommuurd en waar bomen als regimenten stonden opgesteld', zegt Richard Wheeler, tuinhistoricus van de National Trust. 'Zijn parken sloten harmonieus aan bij de omgeving, bij het groene en plezante land.' De breuk met 'Versailles' volgde op de succesvolle oorlogen tegen de Fransen onder het bewind van koningin Anne - waaronder de Slag bij Blenheim op 13 augustus 1704 - en een groeiend zelfvertrouwen van de Engelsen in het georgiaanse tijdperk, alsmede de toenemende welvaart. Voor de terugkeer naar de geïdealiseerde natuur was Brown de juiste man op het juiste moment.

Deze 'juiste man' was de vierde van vijf kinderen van een herenboer uit Kirkharle, een dorpje in graafschap Northumberland. Over zijn jeugd is weinig bekend, behalve dat hij tot zijn 16de op school zat. Vrijwel dagelijks liep Lancelot over het landgoed van Wallington, dat door de plaatselijke graaf werd benut als recreatiegebied waar hij, zo wil de overlevering, kon ontsnappen aan de dames des huizes. Na als leerling-hovenier te hebben gewerkt voor de plaatselijke baronet William Loraine, trok een 23 jarige Lancelot naar landhuis Stowe om daar de rechterhand van de landschapsarchitect William Kent te worden. Deze probeerde het idee van de 'informele wildernis' in de praktijk te brengen.

Kiekeboe

Hoewel Brown vooral werkzaam zou blijven in het zuiden van Engeland - het milde klimaat aldaar was beter voor zijn stijl (en zijn astma) - bleef Kirkharle een speciaal plekje houden in zijn hart, zo vertelt Kitty Anderson, de drijvende kracht achter plaatselijke Capability Brown-activiteiten. 'Enkele decennia geleden ontdekten we op de zolder van mijn grootvader ontwerpen van Brown voor een landschap, hier in zijn geboortedorp.' Beetje voor beetje brengen Anderson en haar man de plannen nu in de praktijk. 'In juni gaan we twee meren met elkaar in verbinding brengen, conform de ideeën van Brown.' Op een gedenkplaat in het monumentale kerkje waar Brown was gedoopt staat: 'Hij zocht het evenbeeld van de Hemel.'

Een typisch landschap van Brown telt minimaal een meer, meestal met een kronkelende vorm en met een antieke brug. Rondwandelend speelt de bezoeker kiekeboe met het landhuis. Andere bebouwing is ongewenst. Op meerdere plekken, zoals bij Chatsworth, gaf hij daarom de opdracht om dorpjes die in de weg lagen te verplaatsen. Wilde dieren gaf de vrijheid om rond te scharrelen, maar liever niet te dicht bij de bloementuinen en het landhuis. Omdat hij een afkeer had van muren of andere afscheidingen introduceerde hij 'ha-ha's': muren die de wand vormen van een greppel, zodat je ze van één kant niet ziet omdat je eroverheen kijkt. Hiermee gaf hij de indruk van onbegrensde vrijheid. De term 'ha-ha' staat voor de reactie wanneer mensen deze truc ontdekken.

(tekst loopt door na de video)

Croome Park en Croome D'Abitot in Worcestershire. Beeld National Trust Images/David Levenson

'Brownscape'

De ha-ha symboliseert een 'Brownscape', zegt tuinhistoricus Wheeler: 'Zijn parken ogen heel natuurlijk, maar het is altijd slim gecontroleerde natuurlijkheid.' Hij wijst op een kunstmatig meer bij het Croome Court in West-Engeland. 'Deze door Brown aangelegde Croome River is een echo van de echte Severn iets verderop, met het verschil dat Browns rivier niet kan overstromen.'

Wat Brown betreft was alles mogelijk. Bij het accepteren van een opdracht uitte hij, staande op een hooggelegen plek, vaak de woorden 'This landscape shows a capability for transformation'. Met andere woorden: 'I have the capability to do this'. Het leverde hem zijn bijnaam op.

Een park van de 'Shakespeare onder de landschapsarchitecten' groeide uit tot het ultieme statussymbool binnen aristocratische kringen, een modieuze manier om rijkdom te tonen. De uit Frankrijk gevluchte Voltaire behoorde tot zijn bewonderaars. 'Ik ben thans dolverliefd op de Engelse tuinen,' schreef de Franse satiricus, 'met de gekromde lijnen, de glooiende hellingen, de meren die gevormd zijn uit moerassen, met eilanden van stevige aarde.'

Ha-ha

Omdat hij een afkeer had van muren of andere afscheidingen introduceerde landschapsarchitect Lancelot Capability Brown ha-ha's: muren die de wand vormen van een greppel, zodat je ze van één kant niet ziet omdat je eroverheen kijkt. Hiermee gaf hij de indruk van onbegrensde vrijheid. De term 'ha-ha' staat voor de reactie wanneer mensen deze truc ontdekken. Geen Engelse tuin zonder humor. Brown gold als een trendsetter, zijn parken waren een statussymbool.

Koninklijke hovenier

Uiteindelijk stelde koning George III Brown aan als koninklijke hovenier, al werd de vorst soms gek van de autocratische werkwijze van Brown. Vreemd genoeg zou Brown zelf nooit in de adelstand worden verheven en zelfs de titel Sir zou hij nooit voor zijn naam kunnen zetten.

De groenvoorzieningen van Brown waren ook een politieke stellingname. Veel van zijn opdrachtgevers hadden goede banden met de Whigs, de liberale rivalen van de reactionaire Tories. De opdracht voor Petworth was afkomstig van de Graaf van Egremont die een belangrijke politiek rol vervulde tijdens de oorlogen met Frankrijk en William Pitt opvolgde als minister. Het landhuis Stowe was eveneens een broeinest van vrijzinnigheid. Daar borduurde Brown voort op het werk van zijn leermeester Kent. Opdrachtgever Lord Cobham was uit onvrede met belastingverhogingen van premier Robert Walpole uit het kabinet gestapt en zijn 'libertaire' tuin werd een speels eerbetoon aan de vrijgeboren Engelsman.

Hoewel natuurgetrouwe vrijheidstuinen bekend zijn komen te staan als 'typisch Engels' staan ze vol met verwijzingen naar de klassieke oudheid, mede het gevolg van de Grand Tours die de Engelse aristocraten maakten door Europa. De Dorische tempel in de 'pleziertuin' van Petworth - waar een gedenkteken hangt voor een zoon des huizes die tijdens de Tweede Wereldoorlog was omgekomen bij de slag bij El Alamein in Egypte - is een knipoog naar de Romeinse Tempel van Vesta in Tivoli.

Tuinarchitect Lancelot Capability Brown

Onsterfelijke visie

'Browns parken zijn meer dan bomen en planten', verzekert Wheeler, 'ze bevatten de Engelse hang naar vrijheid en liefde voor de natuur.'

Het bleef niet bij Romeinse tempels. Ook Olympische heuvels, Libanese cederbomen, Saksische torens en Chinese bruggen begonnen deel uit maken van Browns landgoederen. Naast hun symbolische waarden waren het typisch Engelse folly's, malligheden. Tuinkabouters voor aristocraten. Brown noemde ze blikvangers. De bekendste is de gotische St Mary Magdalene's Church die hij samen met architect Robert Adam in opdracht van de Zesde Graaf van Coventry bij Croome had neergezet om diens jong gestorven vrouw te herdenken. Vanaf elk punt moest deze kerk zichtbaar zijn, alsof de edelman wilde zeggen dat de dood overal aanwezig is, zelfs in Arcadia.

Hoewel lang niet iedereen een Brown-adept is,- de botanicus Gertrude Jekyll (1843-1932) zou zijn formulistische aanpak hekelen - bleek zijn visie onsterfelijk. Zo zijn de victoriaanse volksparken in zijn geest aangelegd. De romantische landschapsschilder J.M.W. Turner (1775-1851) kon geen genoeg krijgen van Browns tuinen, reden dat hij vaak in Petworth House verbleef. Op een van zijn schilderijen aldaar delen cricketers, herten en zwarte varkens tijdens zonsondergang het grote veld tussen het huis en het zwanenmeer van Brown. Suppoost Desmond FitzPatrick kan er uren naar kijken. 'De bomen zijn iets hoger, maar voor de rest is er amper iets veranderd. Het is een tijdloze schoonheid, iets waar we Capability voor mogen bedanken.'

capabilitybrown.org

Een bezoeker loopt langs de 'ha-ha' bij Petworth House in West-Sussex. Beeld National Trust Images/David Levenson
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden