Column

Met webwinkelen zijn we een dief van onze winkelstraten

JP kijkt verder

Door de weelde van het webwinkelen had ik mijn cadeau al na vijf dagen en zes wandelingen in huis.

Medewerkers van PostNL sorteren pakketjes in het sorteer- en distributiecentrum in Amersfoort. Beeld anp

Sinterklaas wordt oud en lui: opnieuw bestelde hij meer cadeaus via internet dan in het voorgaande jaar. Voor 1,26 miljard euro, dit jaar, meldde de Volkskrant; 35 procent meer dan vorig jaar. En nooit in de Quote 500 gestaan.

Ik snap hem niet. Om Toon Hermans te parafraseren: ik heb het altijd een rare man gevonden, die Snieklaas, dat mag u gerust weten. Ook ik ken de verleiding van het webwinkelen. Elke dag pakjesdag. Handig, zolang alles op rolletjes loopt. Maar vaker is het een oefening in geduld. Met drie muisklikken ben je veroordeeld tot gedwongen huisarrest ('Uw bestelling wordt morgen tussen 11.00 en 17.00 uur bezorgd') of groeiende ergernis.

Op de postbode hoef je niet te rekenen. Niet alleen was een van de mijne dyslectisch, afwezigen strafte hij met drie oranje standaardformuliertjes waarop hij cryptogrammen kraste. Mogelijk lag het pakje bij de buren (met geluk kon je een huisnummer ontcijferen). Soms zou hij het morgen weer proberen, soms kon je het pakketje ophalen bij een bezorgpunt in de buurt. Na 17.00 uur 's middags. En anders: morgen weer een dag. De groeten.

Ik bestelde een boek bij een muziekwinkel: morgen in de bus. Er kwam niets. Gevaporiseerd. Na weken bellen en wachten (misschien was het ergens bij buren bezorgd?) nam de vriendelijke verkoper zijn verlies: hij zou een nieuw exemplaar sturen. Omdat ik toch in Amsterdam moest zijn, haalde ik het liever op: een week later.

Mijn dochter bestelde een truitje bij een hip Brits bedrijf. Het bestelformulier op de site had een gebrekje: huisnummer 1P kon alleen maar verwerkt worden als 1. Ze betaalde en wachtte op wat komen zou. Niets. Twee weken later bleek het pakje verscheept en als onbestelbaar weer teruggekomen. Retourtje Noordzee. Twee maanden (en vier mails) later al had dochter haar geld terug.

Eigen schuld: met het webwinkelen zijn we een dief van onze winkelstraten geworden. Op de wegen erheen staan nu lange files van bestelbusjes vol pakjes die eindeloos door het land worden gejojood.

Ik had een mooi shirt gezien in een winkel. In plaats van toe te slaan, keek ik pas thuis online: beet! Klik: 'Morgen in huis'. Maar het was zondag. Maandag volgde een mailtje: het pakketje wordt dinsdag bezorgd, bij die leuke schoenmaker in de buurt, die DHL-steunpunt was geworden 'om klanten in mijn zaak te krijgen'. Wie weet lieten ze nog 'ns een zooltje herstellen. Dinsdag liep ik verheugd naar zijn nering. Nee, de bestelwagen was nog niet geweest. Waarschijnlijk na vijven. Toen kon ik niet.

Volgende dag: nee, nog geen bestellingen. De (DHL-)bezorger had de vorige avond wel aangebeld, maar trof een gesloten zaak. Nu werd het waarschijnlijk morgen.

Dankzij de weelde van het webwinkelen was ik vijf dagen en zes wandelingen verder. Vanavond Pakjesavond, ik ga iets zoeken in een echte winkel. Een fluitje van een cent.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.