Met wapens braken ze de deuren open

Doden bij oproer in Amsterdam

Amsterdam, 24 juni 1748

Mijnheer Abraham de Haan kwam me op 24 juni met zijn koets ophalen. Hij bracht me naar Amsterdam. Ik dineerde die dag bij mijnheer Graanhart. Als gevolg van een oproer dat vanmorgen op de Botermarkt (nu Rembrandtplein, red.) begonnen was, waren we maar met zijn achten. Het volk weigerde de verplichte accijns te betalen.

De burgerwacht of schutterij doodde twee mensen uit de oproerige menigte en verwondde er vijf. De gemoederen werden daardoor zo verhit, dat men onmiddellijk de aanval inzette op twee of drie huizen van pachters, mensen die de opbrengst van de belastingen pachten. Ook het huis van een zekere mijnheer Goedval, vijf huizen bij mijn gastheer vandaan, werd aangevallen, hoewel het aan beide zijden beschermd werd door schutters met geladen geweren. Zij schoten echter niet. Nooit zag ik grotere lafheid dan toen, zelfs een officier moest dat later met me eens zijn.

Aanvankelijk waren het niet meer dan vijf of zes mannen die opdrongen met een lange stok waaraan een stuk oranjegekleurd goed was gebonden. Zij werden gevolgd door een troep uit de kluiten gewassen jongens, en door vrouwen die de aanval op het huis van de belastinggaarders als eerste inzetten met het gooien van stenen en het kapotslaan van de ruiten. Met dezelfde wapens braken ze de deuren open, drongen het huis binnen en vernielden het van de zolder tot de kelder.

Matthew Decker (1679-1749), Engelse ondernemer en econoom. Uit Het Dagboek van Sir Matthew Decker. Bosch & Keuning, 1987.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden