veto grapperhauseuthanasie

Met veto over benoeming euthanasiecommissie raakt Grapperhaus een gevoelige snaar in de Kamer

De afwijzing van een voorgedragen voorzitter van een Toetsingscommissie Euthanasie verhit de gemoederen in Den Haag. Kamerleden vrezen dat de christelijke partijen meer greep willen krijgen op de benoemingen.

Beeld ANP

Minister Ferd Grapperhaus (CDA) van Justitie en Veiligheid bleef dinsdag in de Tweede Kamer ogenschijnlijk kalm onder de kritische vragen van de Kamerleden Pia Dijkstra (D66) en Ockje Tellegen (VVD). Maar het eind van het verhaal was dat hij nauwelijks antwoord gaf.

De Kamerleden wilden weten waarom hij de benoeming had geblokkeerd van Miriam de Bontridder, raadsheer bij het Amsterdamse hof, als voorzitter van een van de vijf Regionale Toetsingscommissies voor Euthanasie. De Bontridder had de volledige sollicitatieprocedure doorlopen en was door de toetsingscommissies al geaccepteerd in de regio Zuid-Holland/Zeeland. Normaal gesproken zou haar benoeming een formaliteit zijn geweest, ware het niet dat Grapperhaus zijn veto uitsprak. Zonder verdere uitleg. De Kamerleden vroegen zich daarom hardop af of de persoonlijke opvattingen van De Bontridder – ze pleitte eerder voor de legalisering van de pil van Drion en was bestuurslid van De Einder – hadden meegespeeld in zijn beslissing.

In de Kamer zei Grapperhaus dat de beslissing niet alleen van hem kwam, maar ook van partijgenoot minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid. Hij zei dat ze zich hadden gehouden aan de Memorie van Toelichting bij de euthanasiewet, die vereist dat een voordracht ‘zorgvuldig’ moet worden getoetst op specifieke deskundigheid en geschiktheid. Maar verder hield de minister zijn poot stijf. Hij beloofde een vertrouwelijke brief met uitleg naar de toetsingscommissies te sturen. En dat was dat.

Grapperhaus suggereerde daarbij ook dat hij verbaasd was over hun vragen. Waarom maakten ze zich zo druk over de benoeming van een lid van een toetsingscommissie? Het was formeel toch aan hem, de minister, om haar aan te nemen?

Maar met zijn veto raakte hij een gevoelige snaar.

In Nederland zijn vijf Regionale Toetsingscommissies Euthanasie, verdeeld over de verschillende regio’s. Elke commissie bestaat uit drie leden: een arts, een ethicus en een jurist.

Deze commissies beoordelen jaarlijks alle ruim zesduizend euthanasiegevallen in Nederland. Ze toetsen of de arts heeft voldaan aan de zorgvuldigheidscriteria. Zo moet de patiënt ondraaglijk en uitzichtloos lijden. Veruit de meeste gevallen worden schriftelijk afgedaan. Alleen als de commissie twijfelt, wordt de arts uitgenodigd om mondeling toelichting te geven. Soms leidt dat ertoe dat een euthanasie als ‘onzorgvuldig’ wordt beoordeeld. Dan belandt hij op het bord bij justitie. Justitie beslist dan of de arts wordt vervolgd.

Onder artsen en ethici wordt achter de schermen al jaren gepraat over de samenstelling van de commissies. Die zou van invloed kunnen zijn op de manier waarop artsen worden beoordeeld. Wordt in de ene regio strenger geoordeeld dan in de andere? Over de commissie Zuid-Holland/Zeeland klinkt al jaren het geluid dat deze conservatiever zou zijn dan de rest.

Maar er was niemand die dat hardop zei. En het is ook lastig te bewijzen. Dergelijke discussies blijven doorgaans binnenskamers.

De toetsingscommissies streven ernaar om de samenstelling divers en evenwichtig te houden: er zijn zowel progressieve als conservatieve leden. Soms wordt gesproken over ‘de rekkelijken’ en ‘de preciezen’.

Toch kijken sommige critici de laatste jaren met steeds meer argwaan naar de manier waarop de politiek omgaat met de toetsingscommissies. Ze vrezen dat christelijke partijen, mede door hun macht in de coalitie, achter de schermen steeds meer invloed proberen uit te oefenen op benoemingen. Dat ze strategische posities proberen te bezetten en zo de euthanasiewet van binnenuit proberen ‘uit te hollen’, zonder dat iemand dat echt in de gaten heeft. Op hun beurt zijn ook de christelijke partijen bang dat de wet steeds verder wordt ‘opgerekt’, met name bij ernstig dementerenden die niet meer zelf kunnen zeggen of ze dood willen.

De angst voor uitholling van de euthanasiepraktijk groeide bovendien nadat het Openbaar Ministerie strafrechtelijke onderzoeken startte tegen vijf artsen en een van hen vervolgde voor moord. Een duidelijke koerswijziging: vóór die tijd werden zaken steevast geseponeerd. De betreffende arts beschuldigde OM-topman Rinus Otte er later van dat hij ‘zijn persoonlijke ethiek’ mee had laten spelen in zijn beslissing haar te vervolgen – iets wat Otte zelf stellig ontkent.

De Hoge Raad gaf deze arts uiteindelijk op alle punten gelijk. Maar de achterdocht is gebleven.

Als de brief van Grapperhaus en De Jonge ooit bekend wordt, moet blijken wat hun beweegredenen waren. VVD-Kamerlid Tellegen noemde de antwoorden van Grapperhaus – of het gebrek daaraan – ‘heel frustrerend’. Op de vraag van Dijkstra of er beroep mogelijk is tegen de beslissing, zei Grapperhaus dat hij dat laat uitzoeken.

LEES OOK:

Het bericht over de geblokkeerde  benoeming kunt u hier teruglezen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden