Met Sotsji in zicht vindt Groothuis vorm terug

Op de afstand waarop de jongeren werden verwacht, de 1.000 meter, gingen twee ereplaatsen naar de routiniers Groothuis (32) en Tuitert (33). De verliezers dropen teleurgesteld en kwaad af.

HEERENVEEN - Ze hadden hem afgeschreven. Stefan Groothuis wist wel dat er zo over een 32-jarige schaatser met technische problemen werd gesproken. Hij deed het zelf ook wel. Oud, moeizaam, dat wordt niks meer. Zo keek hij ook weleens naar collega-topsporters op leeftijd en in de problemen.

Zondag sloeg de routinier terug. Het liedje Ouwe lullen moeten weg van Kees van Kooten en Wim de Bie (uit 1984) was niet voor hem bestemd, trouwens ook niet voor generatiegenoot Mark Tuitert (33), die verrassend derde werd. Groothuis zegevierde glorieus op de 1.000 meter van het olympisch kwalificatietoernooi (OKT), voor de koelbloedige Michel Mulder.

Groothuis zei na zijn directe plaatsing voor Sotsji - Tuitert moet in de wachtkamer - dat hij eindelijk weer het gevoel terug had waarnaar hij al maanden op zoek was geweest. Hij had het de laatste weken voelen aankomen in trainingswedstrijden. Insiders zeiden dat Stefan er aan kwam. Dat was goed gezien, al waren er na de 500 meter van vrijdagavond toch weer twijfels.

Hij had er die avond flink de pest in: weer een bocht verknald. Zijn problemen met de bochten waren in het hele voorseizoen voelbaar en zichtbaar. Ze maakten dat velen zeiden dat Groothuis het niet meer kon.

De wereldkampioen sprint van 2012 vertelde zondag nog eens hoe die verknalde bochten op de supersnelle hooglandbanen van Calgary en Salt Lake City - hij ging op de Utah Oval van de binnenbocht linea recta de buitenbocht in - er bij hem in hadden gehakt. 'Die leken echt nergens op. Het is alsof je 100 kilo extra in je nek meekrijgt, terwijl je met 60 in het uur door die bocht zeilt. Als je techniek niet deugt, krijg je steeds het gevoel van dat wordt 'm niet. Een bocht is dan echt niet te houden.'

In Astana, bij de derde wereldbekerwedstrijd van het seizoen, was het helemaal 'prut' geweest. Groothuis zei een hekel te hebben aan de hoofdstad van Kazachstan. Het verblijf daar was hem zwaar gevallen. Hij was er 'zo klaar' mee, met al 'het geknoei', dat hij zich een reset wenste.

Die kwam in de bergen van Collalbo, waar zijn ploeg, BrandLoyalty, begin december een trainingskamp belegde. Hij knapte zienderogen op. Zijn techniek kwam terug. Hij werd gesteund door zijn coach Jac Orie, die zei dat hij niet voor niets 'meerdere keren wereldkampioen' was geweest.

Het babyvirus dat hij vorig seizoen, als vader van opgroeiende kinderen, opliep, deed zijn denderende locomotief uit de rails lopen. Het lijf was nog lang niet fit toen Groothuis zich in januari weer op de grote ijsbanen vertoonde. Soms had hij een uitschieter, hij werd Nederlands kampioen sprint en won een wereldbekerwedstrijd in Heerenveen, maar het waren niet meer dan toevalstreffers. 'Ik kwam vorig jaar 20 procent energie en 20 procent vermogen tekort.'

Hij wist toen dat hij eerst weer volledig fit diende te worden. Zijn trainingszomer begon echter met een kuitbeenbreuk. Het was worstelen om boven te komen. De eerste dag met het hoofd boven water was de zondag van het OKT, de dag dat het er echt om ging, 'de een na belangrijkste wedstrijd van het jaar' aldus Groothuis, die zichzelf een kandidaat vindt voor olympisch goud op de 1.000.

Zwaar

Timing komt vaak op basis van ervaring, bewees ook Mark Tuitert. Ook hij was vooraf een afgeschreven sporter. De olympisch kampioen van Vancouver 2010 gaf toe zichzelf met opzet maanden voor de gek te hebben gehouden. 'Het komt wel, zeg je steeds tegen jezelf. Ik reed niet eens meer onder de 36 seconden op de 500 meter. Werd door jochies van 20 op een seconde gereden. Dat was mentaal heel zwaar. Maar je weet dat je rustig moet blijven.'

Tuitert zei dat hij met zijn vechtlust zijn laatste kans had gegrepen. Hij is nog niet direct geplaatst. Veel hangt af van de 1.500 meter. Of die door Kramer, Verweij, maar liever niet door Nuis wordt gewonnen. Eigenlijk moet Tuitert de schaatsmijl, zijn afstand, zelf winnen. Hij gaat ervoor strijden. 'Ik had me voor de 1.000 al voorgenomen niet op te geven. Ik heb gestreden voor wat ik waard was. Dat moet nog een keer, in een ongetwijfeld krankzinnige 1500.'

Veel van het welslagen hangt af van een goede nachtrust, al is dat voor iedereen anders. Groothuis zei dat zijn nacht van acht uur ongebroken was geweest. Tuitert zei slecht geslapen te hebben en dat juist als een teken van boven te hebben beschouwd. 'Voor mijn 500 sliep ik als een roos.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden