Met rubber valt niets meer te verdienen

Binnenkort zal op de Amsterdamse beurs vrijwel niets meer herinneren aan het Nederlandse koloniale verleden. De N.V. Rubber Cultuur Maatschappij ''Amsterdam'', die al sinds 1908 een notering op het Damrak heeft, wordt omgedoopt in Amsterdam Commodities....

'Onze oude naam verwijst naar een roemrijke, maar lang verleden tijd', zegt directeur S. Holvoet. 'We hebben onze activiteiten al lang verlegd. Naast rubber handelen we in specerijen en andere grondstoffen voor de voedselverwerkende industrie.

Toen Indonesië nog Nederlands-Indië heette, bezat Amsterdam Rubber een groot aantal plantages voor rubber en palmolie. Na het uitroepen van de onafhankelijkheid, werden alle Nederlandse bezittingen genationaliseerd en Amsterdam Rubber had het nakijken. Jarenlang leidde het bedrijf een zieltogend bestaan. Het had nog wel wat plantages in andere delen van de wereld, maar die leverden weinig op. 'Begin jaren tachtig was het bedrijf op sterven na dood', vertelt Holvoet.

Het Rotterdamse handelshuis Catz, vooral rijk geworden met nootmuskaat, kocht Amsterdam Rubber in 1982 op. Op papier werd Catz een dochteronderneming van Amsterdam Rubber, maar dat was alleen om de beursnotering te behouden.

Amsterdam Rubber levert jaarlijks ongeveer 600 duizend ton rubber. Dat is zo'n 10 procent van de wereldmarkt. Het bedrijf heeft ook nog een rubberplantage in Liberia en een sisalplantage in Tanzania, die het aan de straatstenen niet kwijt kan. Drie jaar geleden nog wilde Holvoet het plantageverleden nieuw leven in blazen. Hij investeerde fors in de plantage in Liberia. Vlak daarna stortte de rubbermarkt in door de Azië-crisis. Ook keerde het Westen zich van Liberia af, waardoor investeringen in infastructuur achterwege bleven.

'De rubber zit nog steeds op een bodemprijs', vertelt Holvoet. 'Voor de producenten is het niet gemakkelijk'. Amsterdam Rubber wil de komende jaren vooral verder met de specerijenhandel. De verkoop van specerijen aan de voedselindustrie levert nu nog minder dan de helft van de totale omzet (577 miljoen gulden) op, maar wel al bijna de hele winst (8,4 miljoen). Redenen genoeg dus om het rubber uit de naam te halen. Holvoet: 'Van de rubber hebben we overgehouden dat we flexibel zijn.'

'Amsterdam' blijft nog even in de naam, hoewel het bedrijf inmiddels in Rotterdam is gevestigd. 'Amsterdam is in de Derde Wereld bekender dan Rotterdam', zegt Holvoet. 'Bovendien staat ons aandeel hierdoor altijd aan het begin van de alfabetische lijst. Dat is wel eens nuttig.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden