'Met mooi voetbal is niets mis, maar ik wil wel prijzen winnen'

Hij oogt slungelachtig, maar zijn spel is des te verradelijker. Niet vuig. Een elleboogstoot geven mag niet van zijn moeder.

HENGELO - De opluchting is van zijn gezicht af te lezen bij het voorstel om het niet over zijn broer Siem, de spits van Ajax, te hebben. 'Ah, gelukkig', zegt Luuk de Jong. 'Anders kijken ze maar op internet.'


Twintig jaar is hij pas, de dit seizoen doorgebroken spits van FC Twente die zichzelf ineens terugvond in de selectie van het Nederlands elftal. Voor de buitenstaander mag hij wat slungelachtig ogen, zijn directe tegenstanders weten wel beter. Met zijn fysiek, zijn wendbaarheid en sprongkracht, is hij een aanvaller met een verraderlijke stijl. 'Het gebeurt nog wel eens dat een tegenstander zich in mij vergist en pas later ontdekt wat mijn capaciteiten zijn.'


Dat wil nog niet zeggen dat er bij De Jong geen ruimte is voor zelfkritiek. Want als hij eerlijk is, en dat is hij, had niet Marc Janko, zijn vervanger in de bekerfinale tegen Ajax, maar hij het veld als matchwinner moeten verlaten. De doelpunten van Brama en Janssen had hij al voorbereid, toen aanvoerder Wisgerhof in de 90ste minuut voorzette van de rechterflank.


De Jong hoefde maar in te knikken, maar kopte naast. 'Ik baal van elke kans die ik mis. Ik had toen moeten scoren. Die paar centimeter dat de bal naast ging, dat zijn details waar ik scherp op ben.'


Direct na de finale was Janko naar hem toegekomen. 'Pak je rust en zorg dat je klaar bent voor zondag, zei hij. Want ik had een tik op mijn bovenbeen gehad en moest er daarom uit.' Hoewel ze elkaars concurrenten zijn, is er een bijzondere band ontstaan tussen beiden.


'Ik beschouw Marc meer als vriend dan als collega. Hij is nooit gaan zeuren, toen hij niet speelde. Na mijn doelpunt tegen FC Utrecht, toen ik langs een aantal tegenstanders slalomde, noemde hij me Luukinho. Dat was het compliment van een vriend, niet van een concurrent.'


Toch moet het pijnlijk zijn voor miljoenenaankoop Janko dat zijn jonge medespeler hem voorbij is gestreefd. 'Ik denk dat het zo is dat ik hem voorbij ben. Maar het is niet zo dat het mij enorm bezighoudt. Toen Blaise Nkufo vertrok, werd gezegd dat mijn kans nu zou komen.


'Toen Janko vervolgens werd gekocht, baalde ik dus eerst wel. Maar vervolgens ga je nadenken en kom je tot de conclusie dat FC Twente de Champions League en het seizoen niet kan ingaan met één piepjonge spits. Zo eerlijk was ik wel.'


In de Champions League werd De Jong snel ontgroend. Al in de eerste wedstrijd tegen titelhouder Inter liet de Braziliaan Lucio hem kennismaken met de wetten van het internationale voetbal. 'Als de scheidsrechter niet keek, ging hij op mijn bovenbeen staan. En voor of na elk duel deelde hij wel een tik uit.'


Dat ontmoedigde hem niet. 'Als hij dat leuk vindt, moet hij het vooral doen. Ik pak jou wel op een andere manier terug, door de wedstrijd te winnen, dacht ik.'


Tot een zege kwam het niet, maar Twente debuteerde met een verdienstelijk gelijkspel. Voor De Jong was het een cruciale avond in zijn ontwikkeling. 'Ik herinner me nog hoe Eto'o zich bewoog en vrijmaakte toen hij scoorde. Toen dacht ik: ik moet er nog een hoop voor doen om te komen waar hij is. Die actie heb ik opgeslagen op mijn harde schijf.'


Voor de mensen bij FC Twente die continu met hem bezig zijn, was het een uitgelezen moment om hem te wijzen op het belang van brutaliteit. 'Kees van Wonderen, Alfred Schreuder en Boudewijn Pahlplatz zeggen me steeds dat ik mijn lichaam moet gebruiken. Dat ik niet bang moet zijn af en toe een beuk uit te delen om mezelf te beschermen.'


Dat moet hij overigens niet verwarren met vuig spel. Een elleboogstoot uitdelen laat hij wel uit zijn hoofd. 'Mijn moeder heeft wel eens tegen Siem en mij gezegd: als ik jullie dat maar nooit zie doen.'


Wat hij daarvan vond? 'Ik kon dat begrijpen. Maar ik heb geleerd voor mezelf op te komen in het veld.'


Dat is ook nodig, erkent hij, om komend seizoen op Europees niveau weerbaarder te zijn. Hoewel hij zegt nog zeker niet te zijn uitgeleerd bij Twente, heeft hij al wel nagedacht waar zijn toekomst als spits kan liggen. In Engeland. 'Ik heb niets met topclubs die elke speler kopen die ze leuk en aardig vinden. Een club moet mij het idee geven dat ze met me bezig blijven.'


Daaruit mogen we dus opmaken dat Chelsea zijn voorkeur niet geniet? Hij lacht: 'Ik ben toch ook meer van Manchester United dan van Arsenal. Mooi voetballen, daar is niets mis mee. Maar ik ben een strijder die prijzen wil winnen.'


Wat dat betreft moet het duel van zondag in de Arena worden bekroond met de landstitel. Met verbazing nam hij kennis van de uitlatingen van Jan Vertonghen, de aanvoerder van Ajax. In laatdunkende termen liet hij zich na de bekerfinale uit over de aanvallende mogelijkheden van FC Twente.


'Dat is hier wel onderwerp van gesprek geweest', zegt De Jong. 'Wat we tegen elkaar zeiden?' Met een twinkeling in de ogen: 'Laat ik het netjes zeggen: Vertonghen heeft de wedstrijd waarschijnlijk anders gezien.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.