Met internet wordt zelfs Europoliticus populair

Zal er ooit een dag komen dat Europese politici bij de campagne voor het Europees Parlement net als Barack Obama een stadion vol enthousiaste aanhangers op de been weten te brengen?...

Als je handig gebruik maakt van internet misschien wel, was de boodschap van Mark Penn, die de Clintons bij hun verkiezingscampagnes hielp.

De doorgewinterde Democratische campagnestrateeg was door Icomp, een lobbyorganisatie van computer- en softwarebedrijven, naar het Europees Parlement gehaald om de afgevaardigden wat tips te geven.

Likkebaardend luisterden de europarlementariërs toe hoe Obama en Clinton via internet miljoenen mensen bij hun campagne wisten te betrekken. Zo liet de staf van Clinton het publiek via internet het officiële liedje voor de Hillary-campagne kiezen: You and I van Celine Dion. Niet iedereen op het hoofdkwartier van Clinton was er blij mee, maar waar het om ging was dat er bijna een miljoen mensen aan hadden meegedaan. Bijkomend voordeel: een miljoen e-mail-adressen van potentiële geldgevers.

Penn: ‘De bedragen die de kandidaten nu bijeenhalen slaan alles, en dat komt vooral door internet. Bij elkaar hebben de twee kandidaten ruim een half miljard dollar opgehaald.’

Een tv-spotje waarin Clinton de vraag opwierp wie de kiezers het meest vertrouwen als het op een echte crisis aankomt (middenin de nacht begint een telefoon te rinkelen: wie wilt u dat er opneemt?), kreeg een tweede leven op YouTube waar bijna twee miljoen mensen het aanklikten.

‘Je website moet je campagnehoofdkwartier zijn’, orakelde campagnegoeroe Ravi Singh, ook uit de VS. Hij wees erop dat zowel McCain als Obama hun allerbelangrijkste aankondigingen via internet doen, waarmee ze iedere keer miljoenen mensen naar hun site lokken.

Mooi idee, maar zou dat in Europa wel werken, werpt een Britse europarlementariër tegen. ‘Wij zijn geen presidentskandidaten, maar afgevaardigden van wie de meeste mensen nog nooit gehoord hebben.’

‘Geloof maar dat dat ook hier zal gaan gebeuren. It will happen!’, roept Singh bevlogen. ‘En ik garandeer u dat de eerste politicus die dat doet, meer stemmen zal binnenhalen dan alle anderen.’

De vraag is of Singh de harde Europese realiteit kent: voor de europarlementariërs is het iedere keer weer opboksen tegen de kolossale onverschilligheid van de kiezers. Vorige keer bleef de opkomst bij de Europese verkiezingen steken op 45 procent.

‘Voor europarlementariërs is de afstand tot de kiezers veel groter dan in de nationale politiek’, beaamt PvdA-afgevaardigde Dorette Corbey, die ook haar licht was komen opsteken bij de twee goeroes. ‘Voor veel mensen is wat wij doen erg abstract. Dus ik weet niet of het zou werken.’

Ze vraagt zich bovendien af hoe het na zo’n campagne verder gaat. ‘Het is natuurlijk een mooie manier om veel mensen bij je campagne te betrekken, maar dat moet je later ook waar maken. Je moet met hen blijven communiceren en daar hebben wij domweg te weinig medewerkers voor.’

Een Duitse afgevaardigde is wel enthousiast. Ze blogt er al lustig op los en zet ook videofilmpjes op haar site. ‘De mensen denken dat we hier altijd zitten te lunchen en dineren. Als ze dan vragen wat ik eet, laat ik mijn lege koelkast zien. Daar kijken enorm veel mensen naar. Emoties, dat is wat de mensen willen, niet dat gepraat over het Verdrag van Lissabon!’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden