Met humor maakt Rock publieke frustraties los

Profiel Oscar-presentator Chris Rock

Er is dit jaar geen enkele zwarte acteur genomineerd, zwarte celebs boycotten de uitreiking, maar wie presenteert het gala? Chris Rock, een van Amerika's grootste zwarte stand-upcomedians. Wat gaat hij doen?

Chris Rock. Beeld Berto Martinez

Wel of niet de Oscaruitreiking presenteren. Het moet nogal een beslissing zijn geweest voor Chris Rock. Aan de ene kant laadt hij de verdenking op zich dat hij als zwarte acteur en stand-upcomedian zijn goedkeuring verleent aan een prijzenfestijn dat dit jaar een volledig blanke aangelegenheid is. En dat terwijl vrienden - regisseur Spike Lee, acteurs Will Smith en Jada Pinkett Smith - de Oscars hebben geboycot. Aan de andere kant: zou hij juist de rol van luis in de pels kunnen koesteren en het geboden podium gebruiken om zijn onvrede te ventileren over het feit dat er dit jaar geen enkele zwarte acteur is genomineerd?

En dan is er ook nog vriendelijke druk op hem uitgeoefend. Rapper 50 Cent vroeg hem beleefd af te zien van de host-honneurs. Terwijl collega komiek Ricky Gervais adviseerde om de gelegenheid aan te grijpen tijdens de live uitzendig helemaal los te gaan tegen de Academy.

Hollywood-issues

Chris Rock (51) heeft ja gezegd. Gezien zijn reputatie deelt de grappenmaker aanstaande zondag de nodige verbale slagen uit, om het publiek te entertainen én de leden van de Academy ongemakkelijk op hun pluche te laten schuiven. Als er iemand kan balanceren op de dunne lijn die dit jaar is getrokken tussen luchtig Hollywoodvermaak en een serieuze controverse, dan is het Rock wel. Na zijn leerschool bij het satirische tv-programma Saturday Night Live, in de jaren negentig, werd Rock een gevestigde naam in stand-up-land. Meerdere malen door de Amerikaanse weekbladen Time en Entertainment Weekly verkozen tot grappigste man van Amerika, bouwde hij ook gestaag aan een carrière als comedy-acteur, producer en regisseur. Hij kent de filmindustrie van binnenuit. En daaruit komen ook zijn eigen issues met Hollywood voort.

Hij liet de Britse krant The Guardian weten hoe hij na zijn eerste hoofdrol in de speelfilm Down to Earth (2001) onder aan die bescheiden checklist van zwarte acteurs belandde: Eddie Murphy, Will Smith, Martin Lawrence, Chris Tucker en dan Chris Rock. In 2014 vertelde hij aan New York Magazine dat hij ooit Bill Murray toevertrouwde dat Lost In Translation (2003, Sofia Coppola) eigenlijk een zwarte film is. 'Zo voelt het om zwart en rijk te zijn. Niet dat mensen in Hollywood naar tegen je doen. Maar net als Bill Murray in Tokio voelt het wezensvreemd. Murrays situatie deed nogal geïsoleerd aan, altijd omgeven door Japanners. Kijk nu eens naar mij.' En in 2005 mocht hij al een beetje prikken toen hij als host van de Oscars verkondigde dat de schijnbaar alomtegenwoordige blanke Britse acteur Jude Law binnenkort op het scherm te zien zou zijn als de beroemde zwarte basketbalspeler Kareem Abdul-Jabbar.

Maar hoewel Hollywoods blinde vlek voor zwarte filmprofessionals werd opgemerkt, liet hij felle veroordelingen tot nu toe achterwege. In een essay voor Hollywood Reporter uit 2014 noemde hij Hollywood 'een witte industrie, net zoals de National Basketball Association (NBA) een zwarte industrie is. Daarmee zeg ik niet eens dat dat slecht is, alleen dat het zo is.'

Het is een uitermate gematigde houding voor iemand die rassenverhoudingen in Amerika tot een van de pijlers van zijn comedy heeft gemaakt; een rode draad die door zijn oeuvre loopt van zijn met twee Emmy's bekroonde tweede stand-upspecial Bring The Pain (1996) tot zijn comedyserie Everybody Hates Chris (2005 -2009).

Chris Rock in Everybody Hates Chris. Beeld getty

Pijnlijke jeugd

Daarin gebruikte Rock zijn eigen pijnlijke jeugd als bron. Hij groeide op in de wijk Bedford-Stuyvesant, in Brooklyn, als zoon van een vrachtwagenchauffeur en een lerares/maatschappelijk werker. Zijn moeder wilde een goede opleiding voor zoonlief. Ze stuurde Chris naar een blanke school, op 45 minuten rijden met de bus, 'Corleone Junior High' in de serie. Maar meer dan een gedegen opleiding kreeg Rock daar, naar eigen zeggen, geregeld een gedegen pak slaag. Als zwart, mager buitenbeentje was hij het mikpunt. Het pesten werd zo erg dat Rock zijn belagers dreigde met een pistool. Toen de politie erbij werd gehaald en het wapen een speelgoedpistool bleek, kreeg hij ook nog klappen van de politie. Uiteindelijk haalde zijn moeder, Rose Rock, hem van school toen hij 17 was, want 'als we dat niet hadden gedaan, hadden ze hem waarschijnlijk vermoord'.

Niet echt materiaal voor een mainstream Amerikaanse sitcom zou je denken. Maar als Rock de misère van zijn eigen jeugd door een filter haalt van gevatheid en inkleurt met nostalgietinten, levert dat uitermate geestige momenten op. Minder scherp dan Rocks stand-up, maar warm, met nog genoeg pijnlijk grappige momenten. En zoals de school het rauwe materiaal leverde voor zijn grappen in Everybody Hates Chris, zal de harde straatcultuur van Bedford-Stuyvesant bijgedragen hebben aan Rocks instelling om een grap over jezelf te maken voordat iemand anders dat doet. In een interview met Fox News schetste een buurman de sfeer: 'Iedereen werd bespot. Als je niet tegen een geintje kon, kon je maar beter binnen blijven.'

Toen hij school verliet, begaf hij zich meteen op het stand-upcomedy-pad. Geen diploma, maar hij had veel geleerd: pijnlijke momenten en zwakheden zijn er niet om weggestopt te worden. Ze zijn er ter exploitatie. En als je het goed doet, volgt de lach als catharsis.

Denzel

'Zwarte vrouwen raken zó opgenaaid wanneer het om interraciaal daten gaat. Zwarte vrouwen worden nog bozer dan blanke mannen uit het Zuiden. Helemaal als het een blank meisje met een beroemde zwarte man betreft. Als ze een blank meisje met Denzel Washington zien, staan ze klaar om haar in het gezicht te stompen. 'Wat denk je wel, om onze goede zwarte mannen te stelen. We hebben er maar acht.'

Vrouwen en feesten

Hij had begin jaren negentig het wekelijkse tv-programma Saturday Night Live als 'vervolgopleiding'. Hij voelde zich er als 'het geadopteerde kind van geweldige blanke ouders'. Hij werd er ontslagen omdat hij te vaak onvoorbereid en ongeconcentreerd was. Later vertelde hij dat hij na zijn miserabele schooltijd misschien iets te zeer er op los geleefd had met feesten en vrouwen.

In de jaren daarna ontwikkelde Rock zijn talenten als standupper die zijn eigen materiaal schrijft: humor die je niet de gelegenheid geeft gerieflijk achterover te leunen. Als komiek heeft Rock het talent om in weerwil van dat ongemakkelijke gevoel zijn publiek masochistisch te laten schuddebuiken. Hij is zowel confronterend als schalks.

In 2015 besloot hij elke keer een selfie te tweeten als hij in de auto door de politie werd aangehouden - vier keer in drie maanden - voor 'driving while black'. Het idee moet geboren zijn in 2013, in een aflevering van Jerry Seinfelds onlinecomedyserie Comedians in Cars Getting Coffee: Rock en de blanke Seinfeld werden toen door de politie aangehouden wegens te hard rijden. Rock tegen Seinfeld: 'Dit zou een zo veel betere aflevering zijn als ze me apart zouden nemen en verrot zouden slaan. Als jij er niet bij was, zou ik nu bang zijn.' Seinfeld lacht en de kijker lacht met hem. Maar hij weet dat Rocks grapje meer waarheid bevat dan jij zou willen toegeven.

Chris Rock in Bring the Pain.

'Onze eigen burgeroorlog'

Net zoals Rock niet schroomt zichzelf als mikpunt neer te zetten, zo moet ook de groep die een natuurlijke solidariteit van hem verwacht het ontgelden. In een van zijn bekendste monologen 'Black people vs Niggers', uit zijn jarennegentigshow Bring The Pain, deelde hij sneren uit aan een deel van de zwarte Amerikaanse gemeenschap. Want 'niggers', in tegenstelling tot 'black people', vertonen al die gekmakende, ergerlijke eigenschappen waar zwarte mensen net zo'n schurfthekel aan hebben als blanke mensen. 'Het is onze eigen burgeroorlog.'

Dan volgt een litanie van schimpscheuten op manisch stemvolume. Een staaltje: 'Niggers willen altijd krediet voor dingen die normaal zijn voor andere mensen. Ze zeggen zoiets als: 'Ik ben nog nooit in de gevangenis geweest.' Wat wil je? Een koekje? Je hoort niet naar de gevangenis te gaan, you low-expectation having-motherfucker!' Dan die kin vooruit en een grijns die je speels en spottend lijkt uit te dagen: 'Zo, nu jij weer.'

De plaagstootjes van Chris Rock zijn keihard. Niet iedereen neemt het hem in dank af. In hetzelfde jaar (2007) dat Time hem voor tweede maal uitriep tot 'Funniest Man in America' legde het politiekculturele magazine The New Republic in een lijvig stuk uit dat Rocks politiek incorrecte humor racisten in de kaart speelde.

Hoe mainstream en succesvol ook, de jongensachtige vijftiger weigert zich te conformeren aan de rol van spreekbuis of rolmodel. Juist omdat hij zwart is. In zijn eigen woorden: 'Waarom verwacht het publiek dat entertainers zich beter gedragen dan anderen? Dat is belachelijk. En het geldt blijkbaar alleen voor zwarte entertainers. Niemand zal Jerry Seinfeld vertellen dat hij zich als een rolmodel moet gedragen. Blanken mogen altijd zichzelf zijn.'

Verwacht dus niet dat Rock zich zondag automatisch als spreekbuis voor een ontgoochelde beroepsgroep of iets diffuus als de zwarte gemeenschap zal opwerpen. Eén ding is zeker: een politiek correcte sessie zal het niet worden. Als hij doet waar hij het best in is, bewerkstelligt Rock met humor een publieke, therapeutische ontlading van frustraties. Want Rock weet precies waar je moet drukken om het leed onder de grap te bevrijden. 'Ja, het doet pijn', zegt hij in de krant Orlando Sentinel, 'maar humor heeft soms zijn oorsprong in pijn. Misschien huiver je even, maar dan weet ik dat ik mijn werk goed heb gedaan. De enige fout die ik kan maken, is niet grappig zijn.'

Met Jerry Seinfeld in Comedians in CarsGetting Coffee.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.