INTERVIEW

'Met een verbod op verheerlijken terrorisme kunnen rechters niets'

Zoals de politiek zich niet met rechters mag bemoeien, mogen rechters niet op de stoel van politici gaan zitten. De politiek maakt de wetten, rechters passen ze toe. Frits Bakker, voorzitter van de Raad voor de Rechtspraak, loopt dus op eieren als hij kritiek wil uiten. Maar nu wil hij zich toch uitspreken. Niet omdat hij het niet eens is met een bepaalde wet, maar omdat hij vreest dat de rechters met een onmogelijke opdracht worden opgezadeld.

Frits Bakker, voorzitter van de Raad voor de Rechtspraak. Beeld Bastiaan Kijzers

Vanuit de politiek ontstaat steeds meer druk om moslimextremisten sneller aan te kunnen pakken, liefst voordat ze afreizen naar het kalifaat of Syriëgangers ronselen. Zo riep CDA-fractievoorzitter Sybrand Buma in de zomer van 2014 op tot een verbod op verheerlijking van terrorisme. Hij reageerde op de onthoofding van de Amerikaanse journalist James Foley door IS, die op sociale media werd toegejuicht door sommige sympathisanten van de terreurgroep. Buma stelde toen dat burgemeesters vrijwel machteloos staan als ze willen optreden tegen IS-aanhangers die terroristisch geweld goedkeuren.

Inmiddels heeft het CDA een wetsvoorstel voor een apologieverbod voorgelegd aan de Raad, die dat stevig bekritiseert. Verheerlijking verbieden raakt de vrijheid van meningsuiting, een grondrecht. Het CDA-voorstel rammelt, bevat tal van onduidelijkheden, waarvan de voornaamste is dat niet helder is omschreven welke uitingen de wetgever strafwaardig acht, stelt de Raad in zijn advies dat morgen wordt gepubliceerd. De rechters kunnen er niet mee uit de voeten.

Het advies is juridisch abstract. Concrete praktijkvoorbeelden ontbreken. Kan Bakker uitleggen waarom het voor een rechter moeilijk is strafbare verheerlijking vast te stellen van acties als het zwaaien van IS-vlaggen tijdens een demonstratie in de Haagse Schilderswijk of het afleggen van de eed van trouw aan de leider van het kalifaat in een YouTube-filmpje?

Op actuele kwesties reageert de Raadsvoorzitter liever niet, omdat hij dan te dicht in de buurt komt van het politieke discours en zaken die onder de rechter zijn. Hij benadrukt dat de Raad zich nooit uitspreekt over de politieke wenselijkheid van wetsvoorstellen.

'Verbod verheerlijken terrorisme juridisch niet houdbaar'

Het voorstel van het CDA om verheerlijking van terrorisme te verbieden, rammelt. Rechters kunnen er niet mee uit de voeten. Dat stelt de Raad voor de Rechtspraak in zijn wetgevingsadvies dat morgen wordt gepubliceerd. Lees hier het nieuwsbericht.

Is dat dan niet vanzelfsprekend?

'Hartstikke vanzelfsprekend op het moment dat hier een wetsvoorstel langskomt, zoals onlangs, over de vernieuwing van het faillissementsrecht. Dat is een technisch, praktisch juridisch onderwerp. Dan is er niemand die denkt dat rechters op de stoel van de politiek gaan zitten. Maar dit voorstel ligt politiek gevoelig. Dus als je dan zegt dat aan het wetsvoorstel veel te verbeteren valt, denkt men als snel dat wij ons met de politiek willen bemoeien. Dat willen we niet.'

Waarom kunnen rechters er moeilijk mee uit de voeten?

'Zaken die de vrijheid van meningsuiting raken, zijn altijd ingewikkeld. Je kunt nu al voorspellen dat iedereen die voor verheerlijking vervolgd zal worden, zich zal beroepen op zijn grondrecht. Je mag een heleboel vinden in Nederland, dat is een groot goed. Daar hebben we eeuwen voor gestreden. Je zou terroristen hun zin geven als we dat soort waarden opzij gaan schuiven, omdat we onder druk staan. Eigenlijk geef je de terroristen dan precies wat ze beogen, dat wij de vrije ruimte in onze rechtstaat gaan verkleinen.

In dat licht is het, allereerst voor het Openbaar Ministerie en later voor de rechters, buitengewoon lastig om een afweging te maken of iemand nu wel of niet strafbaar is.

Wij schatten voorzichtig in dat het OM in veel gevallen zal zeggen: dit vinden wij toch niet vervolgbaar. Die beslissingen zullen kritiek uitlokken. Want wij voelen ons er allemaal ongemakkelijk bij dat vrijheid van meningsuiting ook inhoudt dat je dingen moet mogen vinden, waar heel veel mensen in Nederland het niet mee eens zijn.

Mensen zullen naar het Hof stappen om te klagen. Dan volgen wellicht artikel 12-procedures om vervolging bij het OM af te dwingen.'

Als de openbare orde wordt verstoord, zoals in de zomer van 2014 gebeurde toen met IS-vlaggen werd gedemonstreerd in de Haagse Schilderswijk, biedt dat geen houvast?

'In algemene zin kan ik er over zeggen dat het om een opzet-delict gaat. Je kunt het niet per ongeluk plegen. Problematisch is dat in het wetsvoorstel niet duidelijk is of de opzet van de dader ook gericht moet zijn op de verstoring van de openbare orde. Een fictief voorbeeld. Als een journalist van de Volkskrant een stuk schrijft over de gewapende strijd met foto's erbij en verwijzingen naar gruwelijke videofilmpjes en er komt een rel op straat, is hij of zij dan strafbaar? De journalist wilde de verheerlijking van de gewelddadige jihad aan de orde stellen. Het was vast niet de bedoeling straatrellen te ontlokken.

Anders ligt het als iemand die weet dat ronselen voor de gewelddadige jihad strafbaar is, er positief over gaat schrijven om iets los te maken bij sympathisanten in de hoop dat ze dan gaan rellen op straat. Wat is de bedoeling van de wetgever? Dat iedereen kan worden opgepakt? Dat blijft hangen.'

Beeld ANP

Wat is problematisch aan de vervolging van verheerlijking van een terroristisch misdrijf?

'Dan wordt waarschijnlijk gedacht dat ergens een misdrijf is gepleegd. Een vrij helder voorbeeld is als er een YouTube-filmpje wordt getoond waarop een IS-strijder een gijzelaar onthoofdt. Die daad kun je verheerlijken als het toppunt van wat moet gebeuren in de wereld. In dat geval kan de rechter strafbare verheerlijking wellicht makkelijk aantonen.

Maar wat als niet echt kan worden vastgesteld dat het misdrijf ook is gepleegd? Er kan van alles worden gefaked, in scene worden gezet. Dat doet IS ook, blijkt.'

Los van de constatering dat er tal van onduidelijkheden staan in het wetsvoorstel, wijst de Raad er op dat veel al strafbaar is, zoals ronselen en opruien met terroristisch oogmerk. Bakker: 'De grens tussen verheerlijken en ronselen kan wel eens heel dun blijken. Verheerlijken sec, dat kan misschien. Maar als je kijkt naar de islamitische jihad. Hoeveel mensen zijn er die de strijd van IS in Syrië of Irak prominent gaan lopen verheerlijken zonder daarmee de bedoeling te hebben dat mensen die strijd gaan steunen? Dat werpt de vraag op waarom we in de bestrijding van het terrorisme nog een extra artikel nodig hebben. Als je het afzet tegen het grote belang van de vrijheid van meningsuiting rijst twijfel over de proportionaliteit.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden