Met een rammelende maag is het lastig oorlog voeren

REMCO ANDERSEN

DAFNIYA - Na een weekend vol geweld was het gisteren aanzienlijk stiller aan het front ten westen van Misrata. Waar de dag ervoor voortdurend aanvallende NAVO-jets door de lucht gierden en inslaande raketten en tankgranaten het stof rond Dafniya deden opwaaien, kon je maandag zowaar hier en daar een vogel horen. De schade was rond het vallen van de avond beperkt tot een dode Kadhafi-militair in de ochtend, tegenover veertien gesneuvelde rebellen de dag ervoor.

'Ze vechten niet, omdat ze honger hebben', grapt een arts in een veldhospitaal vlakbij de frontlijn, terwijl zijn collega's hun gemiste slaap op de drukke dag ervoor inhalen op de lege ziekenhuisbedden. Een van hen wiebelt verveeld rond de zaal op een ongebruikte rolstoel.

Het zou weleens een rustige maand kunnen worden in de Libische burgeroorlog. Gisteren begon de vastenmaand ramadan en sindsdien zit menig moslimrebel aan het Libische front met een lege maag en droge lippen zijn kalasjnikov te bestuderen; met een rommelend middenrif en in 40 graden zon is het nu eenmaal lastig oorlog voeren.

De krijgslust is er niet minder om. 'Ik heb net nog een band verwisseld en heb nergens last van', roept Farouq bin Farida, een forse rebel voorzien van baard en de gebruikelijke bravoure van een Libische vrijheidsstrijder, op weg naar het front. 'Met Gods hulp kan ik alles aan. Iedereen aan het front vast overigens - behalve natuurlijk de Kadhafi-soldaten, dat zijn beesten.'

Niet dat je veel keus hebt in Misrata. Vanaf het moment dat je opstaat tot het moment dat de zon ondergaat is er nauwelijks water of eten te krijgen in de stad. De islam zegt weliswaar dat je het vasten mag breken als de islamitische gemeenschap aangevallen wordt, mits je het later inhaalt (zieken, zwangere vrouwen en reizigers zijn ook tijdelijk ontheven), maar dat lijken maar weinig strijders van plan te zijn: zwakte tonen zit niet bepaald in de Libische revolutionaire psyche.

Toch is niet iedere rebel zo zuiver op de graat als Farouk. Naarmate de zon hoger komt en de dag voortduurt, herinnert een enkeling zich ineens dat je tijdens een oorlog verschoond bent. 'Het hangt ervan af wat je doet', zegt Walid, een jonge revolutionair in korte broek en Lacoste-polo. 'Als je 5 kilometer moet lopen door de zon en je wordt constant aangevallen, mag je best wat drinken hoor. Maar vandaag was het rustig: Kadhafi schoot raketten op ons af en wij bleven in dekking. Daar word je niet zo moe van.'

Bakjes met dadels

Tegen het einde van de middag beginnen vrijwilligers in een boerderij bij het front aan hun bijdrage aan de strijd van die dag: tienduizend bakjes met dadels voor de hongerende rebellen aan het front. 'Ik heb met ze te doen, de hele dag hongerig in de hitte', zegt een van de jonge inpakkers. 'Als ze het bakje dadels openmaken, weten ze dat ze niet alleen zijn.'

Om 20.01 uur kunnen de hongerige rebellen weer aan tafel. Misschien dat we na het toetje zien of de Libische burgeroorlog op een laag pitje komt te staan, of zich de komende maand simpelweg verplaatst naar de nacht - zoals alle leven tijdens de ramadan.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden