Column

Met een grote boog om de Mont Ventoux

Tom Dumoulin in actie op de beklimming van de Grand Colombier tijdens de vijftiende etappe van de Tour de France. Beeld anp
Tom Dumoulin in actie op de beklimming van de Grand Colombier tijdens de vijftiende etappe van de Tour de France.Beeld anp

Bij mijn vriend Gert op de wc hangt de allermooiste foto van de Mont Ventoux. Geen Lance Armstrong die omhoog snelt. Geen Tommy Simpson die omhoog worstelt. Geen cyclotoerist die trots poseert. Niet eens een Ventoux eigenlijk.

Wat je ziet, zijn richtingaanwijzers. Linksaf wordt Maulacène in 21 kilometer bereikt. Rechtsaf gaat het naar Carpentras via Bédoin over een afstand van 36 kilometer. En rechtdoor rijd je rechtstreeks de mist in. De essentie van de eenzame berg verbeeld in kilometers. De ervaringsdeskundige weet genoeg.

Zo'n vijfmaal zal ik de Mont Ventoux zijn opgefietst. De eerste keer, 35 jaar geleden, was het zo stil als de foto suggereert. Onderweg alleen maar een Frans jongetje dat vrolijk kwebbelend langszij kwam op z'n fietsje - ontluisterende herinnering overigens.

In de loop der jaren werd het alleen maar drukker. De laatste keer, eind vorige eeuw, was het al een kwestie van inhalen of ingehaald worden. Sindsdien is het alleen maar erger geworden, getuige de twee reportages van Iwan Tol in de krant van vorige week. In de zomer moet je met een grote boog om de Mont Ventoux heen rijden.

Zijn eerste verhaal ging over hoe verpletterend druk het is met fietsende pelgrims. De Reus van de Provence als een Pretpark Petrarca, vrij naar de middeleeuwse dichter voor wie de beklimming nog een kruisweg was. Een dag later beschreef hij het carnaval op de dag dat de Tour langs komt. De Kale Berg als partycentrum met Chris Froome in de rol van pispaal.

Daardoor is de veiligheid van de Tourrenners in het geding. Wat te doen tegen mannen in latex (het zijn altijd mannen in latex) die de orde in de wedstrijd verstoren? In de morele verontwaardiging van betrokken mannen als Thijs Zonneveld klonk de roep om dranghekken langs de hele route omhoog.

Om wille van de sport is het best een goed idee. Ordeverstoringen geven immers geen pas.

In de uitwerking zou het de sport allesbehalve goed doen. Met publiek achter hekken zouden beklimmingen in de Tour veel van hun spektakel verliezen en spektakel is een commercieel uitgangspunt van deze sport.

Zondag ging het opnieuw omhoog. De Grand Colombier stond op het menu. Ook een reus maar dan in de Jura. Aan uitdossingen telde ik één kuiken en één dolende ridder.

Het verlegen kuiken verroerde zich niet. De dolende ridder rende een stukje mee door de berm, zwaaiend met zijn plastic zwaard.

Er was een jongetje dat over de weg mee rende met de koplopers. Na tien meter werd hij weg getrokken door een andere toeschouwer. Voor de rest was het gezellig druk op de grote Colombier.

Heel veel campers langs de weg. Daarin reizen de trouwste supporters met hun favoriete sport mee. Is voor hen nog plek achter het dranghek?

De oplossing is simpel: komende jaren geen Ventoux en zeker geen Alpe d'Huez. Goed voor het wielrennen, goed voor die bergen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden