ReconstructieGGD

Met dit houtje-touwtje-systeem gaven GGD-medewerkers de coronacijfers door − tot het crashte

Bron- en contactonderzoekers klagen steen en been over het computersysteem van de GGD.

Koning Willem Alexander (links) tijdens een werkbezoek aan de GGD Hollands Midden in Leiderdorp.Beeld Brunopress

‘Ik weet niet hoe het u vergaat, maar mijn bloeddruk is elke keer licht stijgend als de besmettingscijfers van het RIVM binnenkomen.’

Premier Mark Rutte is er tijdens de coronapersconferentie op 3 november duidelijk over hoe belangrijk ze voor hem zijn. De dagelijkse besmettingscijfers zijn verworden tot het kompas waarop niet alleen de premier, maar het hele land lijkt te varen. Spannender dan de aandelenkoersen op het moment van een beurscrash. Zeker op momenten dat het erom spant: leiden de genomen maatregelen al tot een daling van het aantal besmettingen? Of zijn er toch extra ingrepen nodig die de leuke dingen in het leven verder beperken?

Dat er uitgerekend woensdag 28 oktober opnieuw een storing optreedt in de computersystemen, is dan ook erg ongelukkig. Net die week moet worden besloten of de teugels verder worden aangehaald. Het is de tweede keer dat het RIVM niet het volledige aantal nieuwe besmettingen kan melden. De zaterdag ervoor hebben de systemen van de GGD het instituut ook al in de steek gelaten.

‘Houtje-touwtje’ is een kwalificatie die past bij de ict achter infectieziektebestrijding in Nederland. De kern van het probleem is volgens de Friese GGD-directeur Margreet de Graaf dat de publieke gezondheid in Nederland ‘sinds de tijd van de pestdokters in de 17de eeuw’ decentraal georganiseerd is, nu in de vorm van 25 regionale GGD’s. Als corona Nederland bereikt, werken ze niet eens allemaal met hetzelfde programma.

De uitwisseling van gegevens is bovendien niet geautomatiseerd. Voor de corona-uitbraak voert een GGD de aantallen besmettingen met bijvoorbeeld kinkhoest, verzameld in het computerprogramma HPZone, handmatig in in het systeem van het RIVM, Osiris.

Dat wordt een onhoudbare werkwijze als begin dit jaar het aantal coronabesmettingen snel toeneemt. ‘We waren al bezig met de voorbereidingen om die twee programma’s, HPZone en Osiris, op elkaar te laten aansluiten’, zegt Susan van den Hof, epidemioloog en hoofd van de cijferverwerking van het RIVM. Dat proces is versneld door corona.’ Eind april, dus midden in de eerste golf, worden de programma’s op elkaar aangesloten.

Vanaf dat moment komen de data van besmette personen voor wie de GGD’s bron- en contactonderzoek opstart, met de een druk op de knop direct terecht bij het RIVM. In principe. ‘Meestal gaat dat vloeiend, op enkele storingen na’, zegt Van den Hof.

‘Het kan honderd keer beter’

Maar veel bron- en contactonderzoekers die met HPZone werken, klagen steen en been. Het programma is onlogisch opgebouwd en omslachtig in gebruik, met een wirwar aan menu’s met vaak onbegrijpelijke aanduidingen. Elke GGD heeft zijn eigen afgesloten omgeving in het systeem, waardoor gegevensuitwisseling tussen regio’s erg lastig is. Dat wreekt zich als een besmet persoon in een andere regio is besmet dan waar hij woont en geregistreerd staat.

Ook komt er niet automatisch een melding als meerdere besmette personen vertellen dat ze in bijvoorbeeld een bepaald winkelfiliaal zijn geweest. Met een beter ict-systeem zou het bron- en contactonderzoek efficiënter kunnen worden uitgevoerd, zeggen verschillende gebruikers. Bovendien zouden er dan zeer waarschijnlijk meer besmettingsbronnen kunnen worden achterhaald.

‘Je moet zo’n programma zo simpel en doorzichtig mogelijk maken’, zegt een bron- en contactonderzoeker, die niet met haar naam in de krant wil. ‘Het kan honderd keer beter dan HPZone. Met dit programma kost bron- en contactonderzoek extra werk en gaat veel informatie verloren. En dan kan het ook nog gemakkelijk crashen en ben je soms een half uur bezig om weer te kunnen inloggen.’

Ontwikkeld in Groot-Brittannië

HPZone maakt tien jaar geleden de oversteek over het Kanaal met Christian Hoebe, hoogleraar infectieziektebestrijding aan de Universiteit Maastricht en hoofd infectieziekten bij de GGD Zuid-Limburg.

Hoebe is er dan van overtuigd dat de GGD’s een goed ict-programma nodig hebben voor infectieziektebestrijding. Hij hoort positieve dingen over HPZone, waarmee de gezondheidsdiensten in Groot-Brittannië al werken. ‘Ze liepen daar op ons voor. Met een collega ben ik toen naar Bradford gereisd om met de Britse ontwikkelaars te spreken.’

Daarna introduceert Hoebe het programma in ‘zijn’ GGD Zuid-Limburg. Om daarin besmettingen met bijvoorbeeld kinkhoest, meningokokken en tbc te verwerken. Daarna schakelen snel meer GGD’s over op het programma. Begin dit jaar gebruiken bijna alle GGD’s HPZone, op Amsterdam en Drenthe na. Maar ook op de drukste dagen zitten er dan niet meer dan vierhonderd mensen tegelijkertijd in het programma.

Niet geschikt voor een epidemie

In mei zijn de 25 GGD’s druk met het opschalen van het testen en het bron- en contactonderzoek, in aanloop naar 1 juni. Vanaf die datum kan iedereen met lichte klachten zich laten testen op corona.

Koepelorganisatie GGD GHOR voorziet dat er voor deze grootschalige operatie een landelijke data-infrastructuur nodig is. Daarom vraagt de koepel aan de GGD’s wat hun voorkeur heeft: doorgaan met HPZone, of wellicht een ander programma introduceren?

Bekend is dan al dat HPZone niet geschikt is voor gebruik in grootschalige epidemieën, zoals de maker ervan zelf aangeeft. Epidemioloog Arnold Bosman: ‘Alsof je het schrijfprogramma Word wil gaan gebruiken als een rekenmachine en je er een chatfunctie aan wil toevoegen.’

Bovendien is er een alternatief. The World Health Organisation (WHO) stelt gratis het programma Go. Data beschikbaar. Dat is speciaal geschreven voor gebruik voor bron- en contactonderzoek tijdens epidemieën. Tientallen landen gebruiken het daarvoor.

Bosman werkt in die periode voor een GGD als adviseur. Namens die GGD, hij wil niet zeggen welke, adviseert hij dan om Go. Data te implementeren. Maar bijna alle andere GGD’s zeggen dat zij liever doorgaan met HPZone. Daarvoor kiest de GGD-koepel dan.

Bosman begrijpt die keuze wel, gemaakt in zo’n hectische tijd. ‘HPZone is vertrouwd voor de GGD’s, ze zijn eraan gewend. Er kwam al zo veel op de GGD’s af met het opbouwen van al die teststraten. Het is een rotklus om over te stappen op een ander programma.’

Hectische periode

Er kwam inderdaad toen veel op ons af, zegt Margreet de Graaf namens de GGD’s. ‘We moesten een heel nieuw systeem van het inplannen van testen uit de grond stampen. We moesten een koppeling maken met het systeem van het RIVM. We moesten een hele schil nieuwe bron- en contactonderzoekers aantrekken en inwerken. Je kunt maar een beperkt aantal prioriteiten hebben.’ Daarom is het gebruik van Go. Data nooit serieus overwogen. ‘De eerste golf was niet het moment om rustig om ons heen te kijken en ons af te vragen: misschien is er een beter softwarepakket.’

Daarom wordt HPZone omgebouwd voor gebruik in de coronapandemie. Voor de teststraten en de laboratoria wordt wel een nieuw programma opgezet, CoronIT.

Het verbaast Bosman destijds dat de GGD GHOR nauwelijks expertise heeft op het gebied van ict en grootschalige uitbraken. ‘het was vooral administratie en bestuur. Er zaten geen organisatiedeskundigen.’

Externe ict’ers

Het onderliggende probleem is volgens hem dat er weinig ict’ers zijn die kennis hebben van publieke gezondheidszorg en andersom. ‘In de VS heb je nu een specialisatie, public health Informatics, waarin die twee gebieden terugkomen. Dergelijke deskundigen missen wij. Daarbij zijn de GGD’s uitgekleed tot op het bot.’

Koepelorganisatie GGD GHOR is tijdens de coronacrisis verdubbeld in omvang. ‘Omdat de kennis nog niet in huis was, zijn er vooral externe ict’ers ingehuurd’, zegt Margreet de Graaf. De storingen zijn volgens haar ‘zo snel als mogelijk’ verholpen. ‘Maar daardoor zijn we wel in sterke mate afhankelijk van de leverancier, het Britse ict-bedrijf InFact.’ Ondertussen wordt er ‘keihard gewerkt’ aan het stabieler maken van het ict-systeem. Dat moet mogelijk maken dat er zonder problemen veel mensen tegelijk kunnen inloggen en dat de administratieve belasting vermindert.

RIVM-epidemioloog Van den Hof is niet ontevreden over hoe de ict functioneert, ‘gezien de de enorme hoeveelheden meldingen die moeten worden verwerkt’. Het had beter gekund, zegt ze.‘ Het is ook een afweging die je dan moet maken. Het implementeren van een nieuw systeem midden in een crisis kan ook helemaal misgaan. De vraag is of je zo’n risico had willen nemen.’ In de woorden van Margreet de Graaf: ‘De deltawerken zijn ook pas gebouwd na de watersnoodramp.’

LEES VERDER

Corona-ict GGD is niet geschikt voor gebruik tijdens een pandemie
Het computerprogramma dat de 25 Nederlandse GGD’s gebruiken en waaruit het RIVM de dagelijkse besmettingscijfers haalt, is niet geschikt voor toepassing tijdens een pandemie. Dat stelt de ontwikkelaar van het programma in de handleiding ervan. GGD’s en RIVM erkennen onvolkomenheden, maar stellen in crisistijd te moeten roeien met de riemen die zij hebben.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden