Met de Super Tony langs de Rijn

Het sluitstuk van de Europese fietsroute langs de Rijn is geopend: dwars door Nederland. Wil Thijssen probeert de route uit – met haar moeder....

‘Mam.’‘Má-ham.’‘Mam! Je fietst verkeerd, dat kan nooit de goeie route zijn.’

Met de kaart in de hand staan we voor een V-splitsing. Links naar beneden is een fietspad langs veel groen en een waterplas waarin een reiger klaarstaat om een kikker te verslinden.

Rechts leidt de weg omhoog langs huizen en beton.

We waren al linksaf geslagen, maar zagen nergens meer een bordje met de tekst LF4b , plus een pijltje met de goede richting en een tekening van een fietser.

Dus fietste moeders terug, de betonweg op.

‘Dit kan nooit goed zijn’, protesteer ik andermaal, terwijl ik haar mokkend, heuvelop, achterna fiets. Maar moeder heeft gelijk. Na vijfhonderd meter treffen we een bordje dat de weg wijst van Arnhem naar Oosterbeek. We fietsen over een autoweg langs huizen en het spoor, totdat een smal pad langs een school ons van elke bebouwing bevrijdt.

‘Ik zei het toch’, zegt ma triomfantelijk, te midden van bomen en veel groen, waar insecten welig tieren en de lente zich van zijn mooiste kant laat zien.

Het is de enige keer dat we verkeerd fietsen; de bewegwijzering van deze nieuwe fietsroute, het moet gezegd, is verder uitstekend. De LF4b (Landelijke Fietsroute 4b), van Millingen aan de Rijn naar Hoek van Holland, is 255 kilometer lang en op veel punten te beginnen en te eindigen op een NS-station.

Hier, op het platteland rondom Oosterbeek, blijkt al snel dat we niet het meest praktische deel van de route hebben gekozen: het is heuvelachtig en soms zo steil dat we hele stukken moeten lopen. En omdat het een NS-fietsroute is, had moeders bedacht dat het slim was haar vouwfiets mee te nemen.

Dus loopt zij haar blauwe Super Tony de heuvel op te duwen, en sjok ik naast mijn roestige omafiets. Aan weerszijden van het smalle, geasfalteerde fietspad bloeien felgele bloemen tegen een groene achtergrond.

De nieuwe Rijndeltaroute is het sluitstuk van een internationale, 1300 kilometer lange fietstocht langs de Rijn. Die begint in de Zwitserse plaats Andermatt, loopt door Frankrijk en Duitsland en eindigt aan de monding van de Rijn in de Noordzee.

Het deel in Nederland is nieuw; de bewegwijzering is deze maand voltooid. Het is een van de ‘grandes randonnées’ onder de fietstochten, meldt het Landelijk Fietsplatform trots. De tocht voert door de Veluwe, via Rhenen en Doorn, over het Amsterdam-Rijnkanaal langs Geldermalsen en Dordrecht, dwars door Rotterdam, naar Hoek van Holland.

Bij de Airborne-begraafplaats in Oosterbeek duiken we het bos in. Hier is de route op ‘ons’ traject – van Arnhem naar Rhenen – het allermooist. Onder ‘ons’ LFb4-bordje hangen dan ook talloze andere fietsroute-aanwijzingen, variërend van de Airborne-route tot drie Veluwetochten.

Bij het kasteel van Doorwerth besluiten we te pauzeren. Het theehuis van het kasteel staat op de fietskaart met een rood koffiekopje aangegeven. Maar helaas: het is maandag, en de stofzuigende dame meldt vanachter het raam dat het theehuis is gesloten. We besluiten neer te strijken bij het volgende koffiekopje op de kaart, en komen er na uren achter dat dat pas voorbij Renkum is. Maar de houten bankjes in de bermen langs de route bieden uitkomst – we hebben appels, broodjes en flessen water meegenomen.

Voorbij Doorwerth is de route aanmerkelijk minder mooi. Het dieptepunt is een stuk langs de snelweg A 50, tussen Heelsum en de Rijn. Het gekke is: langs dit allerlelijkste stukje fietspad zien we het mooiste stukje natuur van de hele route – in de berm staat een grote, rode vos onbeweeglijk naar de snelweg te staren. Hij duikt pas de struiken in als we hem tot op een meter of vijf zijn genaderd.

Het stuk van de A 50 tot aan de Grebbedijk in Wageningen hadden we het liefst overgeslagen. We trappen over saaie fietspaden door dorpen met huizen die ‘Weltevree’ en ‘’t Beukennootje’ heten.

‘Wat een marteling hè?’, zeg ik, terwijl mijn omafiets voorbij Renkum de heuvel af suist.

‘Zeg dat wel’, antwoordt moeders op haar Super Tony bloedserieus. Want 33 kilometer op een vouwfiets is toch wat ver, oordeelt zij, waarna ik op mijn beurt iets triomfantelijks sneer in de zin van wie-gaat-er-nou-zo’n-eind-fietsen-op-zo’n-kabouterfiets.

We pauzeren midden op de Grebbedijk, die van Wageningen naar Rhenen leidt. De dijk voert kort voorbij het centrum van Wageningen door een weinig inspirerend industriegebied, maar meandert al snel langs oneindige weilanden, het natuurgebied De Blauwe Kamer en de Neder-Rijn. Hier zijgen we even neer in de berm, vlakbij een minidierentuin vol witte en blauwe pauwen.

Bij Rhenen biedt de kaart de keuze tussen een omweg en een afsnijroute naar het station. Zadelpijn gebiedt ons de laatste optie te kiezen. We eten soep en spekpannekoeken in pannekoekhuis De Grebbeberg, evalueren de route en besluiten dat die bij tijd en wijle erg mooi is en goed te doen – met een goede conditie en de juiste fiets.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden