Mijn bevrijding

Met de Amerikanen mee achter de Duitsers aan

Voor de ouders van Ruud Deckers was de oorlog een moeilijke tijd. Zijn moeder werd in het dorp met argwaan bekeken, ze was Duitse. Toen de Amerikanen Weert bevrijdde, vond vader Leo het tijd voor een heldendaad. ‘Nee Leo. Nicht!’ 

De familie van Ruud Decker, omstreeks 1954.

Bevrijd op: 14 september

“Ik heb mijn vader niet vaak zo dapper gezien, als op de dag dat we bevrijd werden door de Amerikanen. We stonden aan de straat in ons dorp, net als alle buren. We zwaaiden en juichten naar de soldaten op de legervoertuigen. Ik was 5 jaar oud, had nog nooit een tank gezien en keek verwonderd naar de intocht. Maar het enige wat nog meer indruk zou maken, was de actie van mijn vader niet veel later.”

“Mijn ouders ontmoette elkaar voor de oorlog op het landgoed van de mede-eigenaar van een Limburgse papierfabriek. Mijn vader was zijn chauffeur, mijn Duitse moeder was er huishoudhulp. Ze werden verliefd in die villa. Ik was hun derde kind, geboren in 1939.”

“Het beeld dat ik van mijn vader heb, is dat van een strenge katholiek. Elke zondag met het gezin naar de kerk, en hard werken. Bij ons thuis was mijn moeder de baas, dus voor mij was hij als jongetje niet echt een stoere man.”

“Maar toen de geallieerden binnendenderden, stopte de voorste pantserwagen en kwam de officier recht op mijn vader af. Half in gebarentaal vroeg hij waar de Duitsers zaten. Op een dikke kilometer van het dorp, wist mijn vader, maar dat kreeg hij niet in steenkolenengels uitgelegd. Dus bood hij aan om het te laten zien. ‘Nee Leo!’, schreeuwde mijn moeder. ‘Nicht!’ Ze was laaiend, vond het gevaarlijk dat hij wel even de held zou spelen. Maar hij liet zich niet tegenhouden – waarschijnlijk zag hij het als zijn manier om toch een steentje bij te dragen.”

Duitse granaten

“Voor mijn ouders was de oorlog een moeilijke tijd. Vanwege mijn moeders nationaliteit praatte niemand met haar. Ze werd op straat uitgescholden, zelfs door haar schoonzus. Maar er was meer. Mijn vader had promotie gemaakt en werkte toen al in de papierfabriek. We hadden het beter dan veel van onze buren. Mijn moeder kon elke week naar Maastricht om eten te halen, anders dan zij. Dat leidde tot frustratie. Misschien was deze daad zijn manier om te laten zien dat hij deugde.”

“Wat hij niet had verwacht, was dat hij met die stoet Amerikanen tussen de explosies zou belanden. Aan het eind van de weg vlogen Duitse granaten op de colonne af. Na die eerste ontploffingen wist hij dat hij ervandoor moest. Hij sprong uit de pantserwagen en rende door de greppel aan de zijkant van de weg terug naar het dorp.”

“Toen hij thuiskwam – zijn hele avontuur heeft maar een kwartiertje geduurd – was mijn moeder nog bozer. Ze schreeuwde enorm tegen hem – dat zie ik nog voor me, hoewel ik me niet kan herinneren wat ze precies riep. En daarna klemde ze hem in haar armen. Dat beeld staat me bij. Misschien was ze zelfs een beetje trots. Dat was ik tenminste wel.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden