Met bezwaren tegen jacht toont stedeling dat hij deugt

De demonstratie in Londen tegen een gedeeltelijk jachtverbod was volgens John Vidal een betoging van het platteland tegen grootstedelijke arrogantie....

IKZELF werd aan de rite van de 'bloeddoop' onderworpen toen ik negen jaar was, en het was een afschuwelijke ervaring. We hadden op Wight achter een roedel soezerige honden aangerend toen een passerende vos in een heg bleef steken. De honden wierpen zich op het dier, en met een mengeling van fascinatie en afgrijzen keek ik toe hoe ze hem verscheurden.

Het korte spektakel leek eindeloos te duren. Na afloop trok de leider van de jacht, een oude landeigenaar die naar mest en drank rook, me midden in de kring van jagers. Aangestaard door van bloed verzadigde honden en volwassenen die al stevig hadden ingenomen, streek hij met de bloederige vossenstaart over mijn gezicht.

Deze wrede initiatie in de Britse wereld van de jacht was net zo gewelddadig en barbaars als het doden zelf. Nog steeds blijf ik in de regel instinctief uit de buurt van het treurige volk dat aan de jacht op wild en gevogelte gedachteloos plezier beleeft.

Mijn persoonlijke afkeer van zinloos moorden sloot de afgelopen vijftien jaar naadloos aan bij de cliché's van progressieve stedelingen. In de grote steden kon je goede sier maken met je afschuw van de jacht. Daar werd de sport als een bruut anachronisme beschouwd, iets waarmee alleen rijken die niets anders om handen hadden zich mee bezighielden. Verbied het! Uiteraard, dat spreekt vanzelf.

Om dit standpunt te ontwikkelen, hoefde je niet echt na te denken, over informatie te beschikken of te discussiëren. Je hoefde alleen maar bij je gevoel te rade te gaan, en je wist dat de politiek correcte, progressieve opinie deugde. En waarom ook niet. Net als apartheid, kernwapens en een rits andere moderne issues, is de jacht reeds jaren geleden in de knapzak gestopt van zaken waarover groen-links het roerend eens is, en de kwestie is opgepakt door alle politieke partijen die de Tories dwars wilden zitten.

Maar nu valt de progressieve knapzak uit elkaar doordat iedereen er een eigen mening op na gaat houden, en eergisteren zijn meer dan honderdduizend demonstranten naar Londen getogen om deze ideeën aan de kaak te stellen.

Onder de betogers zullen zich duizenden mensen hebben bevonden die volledig afhankelijk zijn van de jacht, en die zich terecht bedreigd voelen door het voorstel de jacht aan grote beperkingen te onderwerpen. Bij hen voegden zich weekend-plattelanders, ponnyrijders, keuterboertjes, sportieve lieden en een allegaartje van romantici en andere mensen die niet willen dan alleen anderen bepalen wat ze met hun leven doen.

Sommige van deze mensen hebben het plezier van de jacht nog maar pas ontdekt, maar dat maakt hen nog niet tot 'de meest infame club van experts in de martelkunst die Groot-Brittannië ooit heeft gekend', zoals enkele dierenbevrijdingsgroepen willen doen geloven.

In hun protest zit een sterk element van Welsh, Schots en zelfs Brits nationalisme. Het leeuwendeel van de betogers zijn mensen uit de lagere inkomensgroepen, die qua opleiding, welvaart en huisvesting beslist niet tot de geprivilegieerden behoren.

Natuurlijk: er waren ook dassenvangers, dierenkwellers en extreem-rechtse idioten, maar het gros bestond uit tamelijk onschuldige mensen die voor het eerst aan de demonstratie deelnamen.

De boodschap die ze van het platteland meebrachten, is veel zorgwekkener voor Blair en progressief, grootsteeds Labour dan men waarschijnlijk denkt. Die boodschap is namelijk dat datgene wat de stedelingen voor het gemak het platteland noemen, de afgelopen dertig jaar volkomen is veranderd.

Het belang van het dier is niet langer een kwestie die alleen progressieven bezighoudt. Het boerenbedrijf is onder andere in die zin veranderd, dat iedere vleeseter actief verantwoordelijk is voor de voortzetting van een evident wrede fabrieksmatige productie. De ecologie op het platteland is zozeer aangetast, dat bijvoorbeeld wilde vogels tegenwoordig vooral in de steden te vinden zijn.

En ook moet men in de steden, waar de mening over de jacht net zoveel met oude klassenwaarden te maken heeft als met ethiek, notie nemen van het feit dat de jacht is veranderd - behalve in een enkel klein gebied is de jacht niet langer het domein van de bevoorrechten.

De mensen die demonstreerden, voelen wrok tegen beleidsmakers die het platteland in de steek hebben gelaten, en ze hebben tevens het idee dat het establishment er akelig moraliserende en intolerante trekjes op nahoudt. De boodschap aan Westminster is niet dat er op het Britse platteland een onweerstaanbaar verlangen bestaat om wreed te zijn tegen nerts, vos, vogel of haas, maar dat het gezag van Londen niet langer zomaar wordt aanvaard. Het is heel wat anders om in eigen kring en persoonlijk tegen iets te zijn, dan om het publiekelijk te verbieden.

John Vidal is milieuredacteur van The Guardian.

The Guardian/de Volkskrant. Vertaling: Margreet de Boer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden