Met andere woorden

Het Vertalershuis speelt een belangrijke rol bij het succes van Nederlandse auteurs in het buitenland. In Amsterdam dompelen de vertalers zich een paar weken onder in de Nederlandse cultuur. Maar hoe vertaal je nou 'borreltafel'?

'Het is belangrijk voor vertalers om in de taal en de cultuur te leven van het land waarvan ze boeken vertalen. Op straat lopen, bij Albert Heijn boodschappen doen, joggen in het Vondelpark, musea bezoeken en goed om je heen kijken.'


Peter Bergsma (61) is directeur van het Vertalershuis in Amsterdam. Jaarlijks heeft hij tussen de 40 en 45 vertalers over de vloer. Ze verblijven minimaal twee weken, maximaal twee maanden. 750 boeken zijn er vertaald.


Vijf vertalers kunnen er in alle rust werken. Ze hebben een kamer, voorzien van computer, vaste telefoon, tweepersoonsbedbank en badkamer. De meesten hebben er een baan naast. Het is sappelen als je van vertalen moet rondkomen. 'Wij zijn er ter meerdere glorie van de Nederlandse literatuur in het buitenland', zegt Bergs-ma.


De vertalers boeken zelf hun reis en krijgen een tegemoetkoming in de reiskosten en een verblijfsbeurs. Voorwaarde is dat de vertaler een contract heeft met een uitgever in zijn land in de categorie literatuur (fictie), literaire non-fictie, kinder- en jeugdliteratuur of poëzie.


In het halletje hangt de krantenkop 'Vertaler is de held van de 21ste eeuw'. Een uitspraak van de veelvuldig vertaalde Pool Ryszard Kapuscinski. In de schuur staan vijf fietsen. De meeste vertalers durven er Amsterdam mee in.


Van China tot Argentinië, van de VS tot Japan komen ze vertalen. Uit Azië komen verder nauwelijks vertalers, uit Afrika enkel Zuid-Afrikanen. Kinderboeken zijn razend populair in Japan, vooral Nijntje, maar daar valt weinig aan te vertalen. Aan Jip en Janneke zit meer werk. Die doen het goed in China.


Er bivakkeren ook geregeld Indiase vertalers, onder wie een man die vertaalde naar het Malayalam. Hij verontschuldigde zich voor zijn kleine taal. 'Hoeveel mensen spreken het?', vroeg Bergsma. Het bleken er een kleine 40 miljoen te zijn.


Met vertalingen in twaalf talen is Het volgend verhaal van Cees Nooteboom het meest vertaalde boek, nota bene het boekenweekgeschenk van 1991. In 1999 waren drie vertalers - een Brit, een Deen en een Zweed - tegelijk bezig met Het meesterstuk van Anna Enquist.


Voor problemen met de context kunnen de vertalers terecht bij Bergsma, zelf vertaler en vaste vertaler van de Zuid-Afrikaanse auteur Coetzee. Meer dan 80 titels heeft hij vertaald uit het Engels, waarvan 15 van Coetzee.


De meest voorkomende vraag aan Bergsma luidt: 'Is dit een normaal woord, ik kan het niet vinden in Van Dale.' De Franse poëzievertaler Henri Deluy stuitte afgelopen lente bij Gorter op 'vèr-fijnvingrige toppen'. 'Dat heeft ons heel wat hoofdbrekens gekost. Ik weet niet meer hoe de vertaler dat heeft opgelost.'


Het moeilijkst van vertalen is beoordelen of iets gebruikelijk is, zegt Bergsma. 'Vertalers struikelen over elk woord, zij lezen nu eenmaal nauwkeuriger dan een gewone lezer.' Vooral Grunberg bezorgt vertalers hoofdbrekens. 'Die speelt met de taal.'


Vroeger schoten vertalers Bergsma ook aan voor realia, maar die kunnen ze tegenwoordig googelen. In Blauwe Maandagen, de debuutroman Grunberg, komt '3 x beter' voor. 'Rolt beter. Plakt beter. Brandt beter.' De reclameslogan van Mascotte-vloeitjes. De vertaler zat met zijn handen in het haar.


In 1991 begonnen als een kleine voorziening voor twee vertalers, kon het Vertalershuis vijf jaar later verhuizen naar een mooi pand achter het Concertgebouw in Amsterdam-Zuid. Dankzij een prijsvraag die staatssecretaris van Cultuur Aad Nuis, zelf schrijver/dichter, had uitgeschreven voor het miljoen (gulden) dat hij over had. Het Vertalershuis is een onderdeel van het Nederlands Letterenfonds.


Er zijn twaalf vertalershuizen in Europa. Duitsland, Frankrijk en België hebben er twee; Engeland, Italië, Zweden, Hongarije, Zwitserland en Nederland een. De huizen in Spanje en Griekenland zijn bezweken onder de crisis.


Bergsma: 'Het is zeer de vraag of er zestien jaar na Nuis nog de politieke bereidheid zou zijn voor de oprichting van een vertalershuis. Niet alleen in Nederland, ook in de rest van Europa. In veel Europese landen wordt meedogenloos het mes in de kunsten gezet. Met als gevolg een afnemende belangstelling voor wat er in de rest van de wereld gebeurt.'


'DE LIER AAN DE WILGEN HANGEN?

'Weglooppoliticus, zzp'er, gribus en een heis voor zijn treiter verkopen, heb ik allemaal in Amsterdam opgestoken. En plofkip, al weet ik nog steeds niet precies wat dat is.'


Marlene Müller-Haas strijkt sinds 1995 jaarlijks neer in het Vertalershuis. 'In Amsterdam hoor ik de taal op straat, leer ik nieuwe woorden en denk ik in het Nederlands.'


Ze vertaalt sinds de jaren tachtig, de laatste achttien jaar fulltime. Twee keer per jaar verblijft ze langere tijd in Nederland (of Vlaanderen), als het even kan in het Vertalershuis.


Thomas Rosenboom, Adriaan van Dis, Charlotte Mutsaers, Geert van Istendael, Marga Minco en Armando zijn enkele auteurs die ze heeft vertaald.


Nu is ze bezig met Hij had beter dood kunnen zijn - Oordelen over andermans leven van Gerbert van Loenen, over de waarde van leven en de vraag wie daarover mag beslissen.


'Nederlands is een totaal andere beeldtaal, het is visueler dan Duits. Vooral Charlotte Mutsaers rijgt beeldende associatiekettingen. Ze gebruikt ook veel spreekwoorden. Over 'de lier aan de wilgen hangen' heb ik me het hoofd gebroken.'


Doordat het Nederlands en het Duits veel dezelfde woorden hebben, maar met een heel andere connotatie, voert Müller-Haas geregeld hele discussies met redacteuren van uitgevers.


'Als een Nederlander zegt 'het irriteert me', dan ergert hij zich kapot, en staat hij op het punt van uitbarsten. Dat kun je niet vertalen met het droge 'es irritiert mich'. Het heeft lang geduurd eer ik dat door had.'


Lastig te vertalen zijn borrelen, borrelgarnituur, borreltafel, omdat dat in Duitsland minder gebruikelijk of helemaal onbekend is. Ook bovenbuurman, benedenbuurman en overbuurman vergen de nodige creativiteit.


De ziel van de Nederlander meent Müller-Haas redelijk te doorgronden. 'Maar er zijn situaties die zich op een andere planeet afspelen. Vooral als het om humor gaat. Als ik op tv naar een cabaretier kijk, weet ik: nu ligt heel Nederland slap van de lach, maar ik heb geen idee waarom.'


Müller-Haas werkt met een ruwe versie die ze bijslijpt. 'Een goede vertaling moet lezen alsof het boek in het Duits is geschreven. Dat het een eigen literair werk is. Het lukt nooit voor honderd procent, maar het geeft een geweldige voldoening als ik in de buurt kom.'


'SOEPEL GESCHREVEN, HEERLIJK OM TE VERTALEN'

Vooral de groeiende verengelsing van het Nederlands is hem op straat in Amsterdam opgevallen. 'De zinnen worden steeds korter en makkelijker. Voornaamwoordelijke bijwoorden als waarvoor, waarin, ermee en daarheen worden amper nog gebruikt in de gesproken taal.'


Franco Paris (53), heeft al een keer of vijftien gebivakkeerd in het Vertalershuis. In de dikke twintig jaar dat hij vertaler is, heeft hij 64 Nederlandstalige boeken in het Italiaans vertaald. Van middeleeuwse teksten tot moderne literatuur. Van Bredero, Frederik van Eeden en Arthur van Schendel tot Anna Enquist, Hella Haasse en Arnon Grunberg. In het beste geval gaat het om oplages van vijfduizend.


Hij doceert Nederlandse taal- en letterkunde aan l'Orientale, een van de vier universiteiten in Napels. 55 studenten heeft hij onder zijn hoede. Dat aantal groeit. Door de crisis is het rijke Nederland het Beloofde Land voor veel Italianen. 'De crisis heeft bij ons veel harder toegeslagen', zegt Paris.


Deze weken werkt hij aan de vertaling van Congo van de Vlaming David Van Reybrouck. 'Een intens thema, de problematische verhouding tussen een westers land en zijn voormalige kolonie, verweven met persoonlijke ervaringen. Het is soepel geschreven, mooie beelden, heerlijk om te vertalen.'


Voor hij naar Amsterdam kwam, heeft Paris drie weken in het Vertalershuis in Antwerpen met Congo gestoeid. Het fijne van het Vertalershuis ('Wat een geweldige luxe') vindt Paris dat hij de schrijver kan ontmoeten van het boek dat hij onderhanden heeft. Met Congo is dat niet gelukt, Van Reybrouck was met vakantie toen Paris in Antwerpen verbleef. Hij onderhoudt schriftelijk contact met de auteur.


Alle nog levende auteurs die Paris heeft vertaald, heeft hij ontmoet. 'Dat is inspirerend. Als ik een passage of een uitdrukking niet begrijp, kan ik vragen wat hij bedoelt.'


Met Hugo Claus voerde hij gesprekken om diens gedichten beter te begrijpen. 'Die heeft al zijn eruditie erin verwerkt. Hij maakte veel toespelingen op andere auteurs, situaties en gebeurtenissen. Die kende ik lang niet altijd.'


Paris houdt van Nederland en Vlaanderen, van Nederlanders en Vlamingen. 'Ik voel me een beetje als jullie. Ik bestudeer jullie al dertig jaar, ik denk dat ik jullie wel een beetje snap.'


TOP 5 TALEN

1 Duits


2 Hongaars


3 Russisch


4 Spaans


5 Italiaans


Veel boeken worden in het Engels vertaald. De meeste vertalers Nederlands-Engels wonen in Nederland en verblijven nooit in het Vertalershuis.


TOP 5 VERTAALDE BOEKEN

1 In Europa (Geert Mak): Servisch, Tsjechisch, Kroatisch, Italiaans, Frans, Duits


2 Tirza (Arnon Grunberg): Duits, Italiaans, Kroatisch


3 Publieke werken (Thomas Rosenboom): Slowaaks, Hongaars, Spaans


4 Het diner (Herman Koch): Zweeds, IJslands


5 Het huis van de moskee (Kader Abdolah): Sloveens, IJslands


Deze boeken zijn in veel meer talen vertaald, hier gaat het om vertalingen waaraan in het Vertalershuis is gewerkt. De meest vertaalde auteur in het Vertalershuis is Arnon Grunberg, met Kader Abdolah op de tweede plaats. Ranglijst vanaf 2007.


STRAAT- EN SCHUTTINGTAAL

'De vertaler als rentmeester', is het thema van de vijftiende literaire vertaaldagen van het Nederlands Letterenfonds, gisteren en vandaag in Amsterdam. 350 vertalers uit binnen- en buitenland buigen zich over vragen als: schrikken vertalers ervoor terug even creatief te zijn als de te vertalen auteur? Gaan ze bij het vertalen van ouder werk de brontaal opsmukken of moderniseren uit vrees dat hun vertaling anders niet zal aanspreken? En hoe gaan ze om met straat- en schuttingtaal?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden