Messias of een leeg beeldscherm?

Politiek is een vuil spel. Dat weet Barack Obama als geen ander. Maar waarom vereert een deel van zijn aanhangers hem dan als een soort heilige, als het Woord dat het Vlees overwint?...

Zodra Barack Obama begon aan zijn onwaarschijnlijke tocht naar het hoogste ambt, beklaagden Amerikaanse conservatieven zich over het gebrek aan kritiek op de Democratische presidentskandidaat. De aanbidding van de nieuwe Messias – The One genoemd door aanhangers – sloeg al vroeg over van de linkse basis naar de Democratisch gezinde media, luidde hun redenering. Het gevolg: een veel te vriendelijke behandeling van de man die het nog altijd machtigste land op aarde wil aanvoeren.

Eén verklaring voor het gebrek aan wezenlijke kritiek is de angst voor racisme, schrijft David Freddoso in zijn verfrissende boek, The Case Against Barack Obama. Dat klopt, volgens de intellectueel Shelby Steele, zelf zwart. Hij is een Obama-criticus van het eerste uur en zag dit gevaar aankomen. Steele’s advies aan de Republikein John McCain: ‘Hij moet zeggen: ‘Goed, ik ga Barack Obama bekritiseren. Vertel me alstublieft niet dat ik de rassenkaart speel.’ En dan in debat, óók over raciale kwesties.’

Nu de verkiezingen in zicht komen, hebben conservatieven minder te klagen. Niet dat de reguliere media of linkse blogs veel moeite doen om Obama te behandelen zoals andere ambitieuze politici: met gezond wantrouwen. Maar er zijn wel twee kritische boeken uitgekomen, waarin conservatieve auteurs proberen om de cult rondom Obama af te breken: Obama Nation van Jerome Corsi en The Case Against Barack Obama van David Freddoso. Beide boeken staan al weken hoog op de bestsellerlijsten.

De auteurs staan allesbehalve alleen. Een waaier van rechtse online-media heeft Obama in het vizier. Zo kwam het weekblad Human Events met een verzameling anti-Obama essays, gratis te verkrijgen op humanevents.com. De toon in de bundel – Obama Exposed – is veelal schril. Maar er worden ook scherpe observaties gedaan. ‘Wat is er zo inspirerend aan zijn verhaal?’, vraagt journalist Mac Johnson. ‘Er wordt gezegd dat hij ver gekomen is ondanks onderdrukking. Maar het is een stereotype om ‘zwart’ als ‘onderdrukt’ te beschouwen.’ Obama groeide op in de middenklasse en en behaalde diploma’s aan privéscholen en elite-universiteiten. Niks mis mee, vindt Johnson. Maar ‘onderdrukt’?

Helaas is Obama Nation – een woordspeling op abomination: gruwel – nog schriller dan Obama Exposed. Auteur Corsi droeg in 2004 bij aan het verlies van de Democraat John Kerry, toen hij Unfit for Command schreef, een aanval op John Kerry en diens Vietnam verleden. Ook maakt Corsi zich sterk voor de samenzweringstheorie over de aanslagen van 11 september 2001. Geen wonder dat hij wordt weggezet als een ‘clown’ door de Obama-campagne. Deze week werd Corsi nota bene opgepakt in Kenia, waar hij geld wilde geven aan Obama’s halfbroer; een publiciteitsstunt.

Opnieuw heeft Corsi een boek geschreven vol insinuaties, roddel en achterklap. Zijn oogmerk is duidelijk. ‘Obama verslaan’, heet het laatste hoofdstuk, en dat doel heiligt de middelen. Zo wordt Obama’s middle name ‘Hussein’ voortdurend herhaald, en oordeelt Corsi dat zijn ‘banden’ met de islam via zijn afwezige moslimvader betekenen dat Obama ‘op een bepaalde manier’ tegenover islam zou staan, ook de radicale variant.

Het valt te beredeneren dat Obama’s opvattingen en beoogde buitenlandbeleid weinig goeds beloven voor de existentiële strijd tegen de radicale islam. Dat poogt McCain in het debat, met argumenten en vragen. Maar Corsi’s methode is guilt by association, of zelfs ‘schuld door naam en afkomst’.

David Freddoso wil de retoriek en persoonlijke aanvallen voorbij. Dat lukt hem grotendeels in The Case Against Barack Obama. De kandidaat maakt indruk, vindt ook Freddoso. ‘Maar hij is niet de drijvende kracht voor verandering en eenheid.’ De auteur betoogt dat Obama ‘gewoon een links-Democratische politicus is die Amerika zal verdelen langs de breuklijnen’ die we al decennia kennen.

Hij maakt dit hard door in te gaan op Obama’s tijd in Chicago, waar hij een onderdeel werd van de politiek club rond burgemeester Richard Daley. Obama had, gezien ‘de onafhankelijkheid en het politieke kapitaal die zijn populariteit met zich meebrachten’, de kans om een hervormer te zijn. Freddoso legt uit dat hij, integendeel, de verziekte status quo in Chicago in stand hielp houden.

Mensen bewonderen Obama’s autobiografie (Dromen van mijn vader) die ‘zomaar’, zonder politiek oogmerk zou zijn ontstaan in de jaren negentig. Maar Obama had toen allang besloten om macht op het lokale of nationale niveau na te streven. Hij werd en wordt als puur en onbesmet afgeschilderd. Maar hij is een berekenende politicus. Dat moest ook wel in Chicago. Het is niet erg. Freddoso’s punt is dat de politiek draait om belangen en macht. Het is een overwegend vuil spel. Obama weet dit als geen ander – maar dit is iets dat slechts weinigen lijken te beseffen.

‘De media leggen tegenover hem een ander soort aanbidding aan de dag dan bij zijn voorgangers – de aanbidding van het weglaten’, schrijft Freddoso. Obama voedt dit patroon met ‘zijn ingenieuze gebrek aan specificiteit’. Hij is een leeg scherm, hebben zowel aanhangers als critici betoogd. De vergelijking met Reagan – hij en Obama zouden beiden great communicators zijn – gaat dan ook niet op. Reagan had een heldere filosofie en concrete beleidsvoorstellen, die hij al veelvuldig had uitgelegd voordat hij de verkiezingen van 1980 won.

Freddoso bespreekt Obama’s banden met dubieuze figuren als dominee Jeremiah Wright, de voormalige activist-terrorist Bill Ayers en de veroordeelde fraudeur Tony Rezko, zijn gebrek aan ervaring en zijn klassiek-linkse standpunten. Conclusie: ‘Het is niet zo dat Barack Obama een slechte persoon is. Het punt is dat hij net als alle anderen is. Geen hervormer. Geen Messias. Gewoon zoals de rest in Washington.’

Freddoso beschrijft de reacties van vrienden op zijn voornemen een kritisch boek over Obama te schrijven. Een oud-studiegenoot zei zich te schamen ‘dat iemand van mijn generatie het eerste en enige eervolle politieke moment van onze tijd wil verspillen’. Een vriendin vroeg hoe Freddoso, die katholiek is, het zou vinden als een soortgelijk boek over de Paus zou verschijnen. Dat gebeurt de hele tijd, lachte Freddoso. ‘Maar waarom houd je op bij de Paus’, vroeg hij. ‘Zou je het niet willen vergelijken met een aanval op Jezus Christus?’ Ze reageerde ernstig: ‘Misschien wel.’

Het religieuze aspect van Obama’s kandidatuur komt uitvoerig aan de orde. Freddoso beschrijft hoe 17 duizend mensen juichten toen Obama in Dallas zijn neus snoot. De tv-journalist Chris Matthews vergeleek Obama met Mozart, noemde zijn opkomst ‘geweldiger dan die van Kennedy’ en concludeerde: ‘Dit is het Nieuwe Testament.’ Filmregisseur Spike Lee: ‘Het verandert de hele wereld. Het verandert het hele paradigma.’ Dagblad The San Francisco Chronicle: ‘Obama kan een nieuwe manier van zijn op de planeet in gang zetten.’ Tijdschrift The American Prospect: ‘Hij is niet het vleesgeworden woord, maar de triomf van woord over vlees, over huidskleur, over wanhoop.’

Freddoso’s boek is alleen al de moeite waard vanwege het hoofdstuk ‘Obamesiah’, waarin hij dit alles weergeeft.

Dan is er het gebrek aan bestuurlijke ervaring. Als een weinig indrukwekkende senator in Illinois en Washington was hij wetgever, nooit ‘manager’. Op het gebied van de nationale veiligheid baart dit Freddoso zorgen. Hij citeert Obama’s partijgenoten: Hillary Clinton, die Obama naïef noemde, en Joseph Biden. De huidige kandidaat-vice-president naast Obama had nog niet zo lang geleden kritiek op Obama’s belofte om zonder voorwaarden vooraf te praten met niet-bevriende regeringsleiders, zoals de Iraanse president Ahmadinejad.

Media als de Chicago Tribune en de New Yorker hebben Obama’s verleden wel blootgelegd. Maar de minder charmante elementen in Obama’s biografie dringen niet door en tasten zijn imago niet aan. Waar elk ander onervaren congreslid onderhand zou zijn afgeserveerd als presidentskandidaat, is Obama onaanraakbaar. De hernieuwde belangstelling voor zijn banden met de voormalige terrorist Ayers gleed de afgelopen week van hem af als water van een eend. Dit illustreert zijn uitzonderlijke positie in de ogen van de intellectuele elite, schreef de Chicago Tribune: ‘Als John McCain banden zou hebben met iemand die aanslagen had gepleegd op abortusklinieken, dan denk ik niet dat mensen zouden zeggen: Ach, da’s oude koek.’

De hoop en verandering die Obama belooft, blijven lege termen, schrijft Freddoso. Ze ‘inspireren’ ontroerde menigten, inclusief de aanwezige verslaggevers. Maar tot wat? Obama’s programma is ouderwets Democratisch, minder gematigd dan dat van Clinton, meer in de stijl van Jimmy Carter – op z’n zachtst gezegd niet Amerika’s succesvolste president. Verandering? Het huidige ineffectieve Congres wordt beheerst door zulke Democraten, met als gevolg een waarderingscijfer dat zelfs lager is dan dat van George W. Bush.

‘Als Barack Obama president wordt’, schrijft Freddoso, ‘zal zijn beoordelingsvermogen of het gebrek daaraan, gevolgen hebben voor het hele land.’ Dat wil zeggen: voor de hele wereld.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden