Column

'Mensen als Marcel van Dam kunnen steenrijk worden in deze prestatiemaatschappij'

Marcel van Dam had een punt toen hij stelde dat de standenmaatschappij ten opzichte van de prestatiemaatschappij voordelen had. Maar zijn kritiek op de meritocratie is ook wat gratuit, schrijft columnist Meindert Fennema.

Marcel van Dam. Beeld anp

Marcel van Dam schreef een scherpe cultuurkritiek naar aanleiding van de explosieve groei van de esthetische chirurgie. Arnon Grunberg beschouwt die mooimaakindustrie als een gezonken cultuurgoed. Vroeger maakte alleen de aristocratie zich mooi, tegenwoordig doet iedereen dat (Volkskrant van 29 oktober).

Maar Van Dam zoekt de oorzaak van die mooimaakindustrie niet in de emancipatie, hij ziet het niet als een vorm van democratisering. Hij wijst de meritocratie als hoofdverdachte aan. 'Niet de wieg waarin je geboren was, werd bepalend voor het maatschappelijk succes, maar het woekeren met je talenten.' Maar als iedereen er naar streeft de mooiste en de beste te zijn, wat gebeurt er dan met de verliezers? Die worden volgens Van Dam afgeschreven.

Amerikaanse droom
De meritocratische cultuur is in de VS tot volledige wasdom gekomen. In een omvangrijk artikel in de Volkskrant van 25 oktober analyseert Joost Zwagerman zijn eigen fascinatie met die cultuur en laat en passant zien dat in de Amerikaanse literatuur Van Dams kritiek al eerder verwoord is. 'De ontmaskering [van de Amerikaanse droom] staat model voor een groter, universeler demasqué: de onvermijdelijke verpulvering van grote verwachtingen, en de pijnlijke aanvaarding van het menselijk bestaan als een keten van desillusies (...) De tragedie (...) is op scherp gesteld door de hoge eisen tot maatschappelijk welslagen die de Amerikaanse samenleving onder het mom van ultieme vrijheid bijna tiranniek oplegt (...)' Is dat niet precies wat Van Dam dwars zit? Is dat niet de bron van zijn mededogen voor de proletarische achterhoede?

'De standenmaatschappij bleek onhoudbaar', schrijft Van Dam. Het meritocratisch denken werd dominant omdat (en niet vóórdat, zoals Van Dam suggereert) de markt als verdelingsmechanisme opkwam. Het was de markt die, in de woorden van Karl Marx, 'alle feodale, aartsvaderlijke, idyllische verhoudingen vernietigd heeft. Zij heeft de bontgeschakeerde feodale banden, die de mens aan de van nature boven hem geplaatste verbonden, onbarmhartig verscheurd en geen andere band tussen mens en mens overgelaten dan het naakte eigenbelang, dan de gevoelloze 'contante betaling'. Zij heeft de heilige siddering van de vrome dweperij, van de ridderlijke geestdrift, van de kleinburgerlijke weemoed in het ijskoude water van egoïstische berekening verdronken. '

Wat er met de verliezers gebeurt, daarover laat Marx ons weinig illusies. Maar ook de Amerikaanse bellettrie is, zo meent Zwagerman, weinig verhullend: 'Het Amerikaanse dictaat is meedogenloos: alleen het beste is goed genoeg. (...). Dat dictaat maakt onvermijdelijk en altijd weer slachtoffer na slachtoffer.' Zwagerman ziet het met afgrijzen aan en vlucht daarom in de kunst.

Een Mexicaanse student houdt een bord omhoog bij demonstraties in de VS over immigratie. Beeld afp

Markt aan banden leggen?
Van Dam daarentegen eist van de overheid dat zij het marktdenken een halt toe roept. Alles van waarde is kwetsbaar. De tucht van de markt heeft daar geen weet van. Maar hoe moet de overheid de markt aan banden leggen? De Marxisten hadden daar wel een antwoord op: planeconomie. Wat dat opgeleverd heeft weten wij inmiddels. Marcel van Dam wil geen planeconomie en komt daarom niet veel verder dan de verdediging van verworven rechten. Dat is fijn voor degenen die die rechten nog bezitten, maar niet voor de nieuwkomers op de arbeidsmarkt en voor immigranten.

De standenmaatschappij had ten opzichte van de prestatiemaatschappij zekere voordelen. Als je voor een dubbeltje geboren was, dan hoefde je geen kwartje te worden. Dat was wel zo rustig. En inderdaad, de oude aristocratie bekommerde zich vaak meer om de maatschappelijke samenhang dan de tegenwoordige geldelite. Hoewel, Marcel van Dam zelf vormt al een uitzondering op deze regel. Zijn nieuw verworven rijkdom heeft hem juist gevoeliger gemaakt voor het lot van de verliezers in onze samenleving.

De economische vooruitgang is meer gebaat bij de tucht van de markt en de preoccupatie met het eigen succes, dan het standsbesef van weleer.

Standenmaatschappij
Van Dam suggereert dat er iets bestaan heeft tussen de oude standenmaatschappij en de nieuwe, liberale meritocratie. Maar de maatschappij waarnaar hij terugverlangt is niet meer dan een overgangsfase tussen de oude standenmaatschappij en de heerschappij van de permanente concurrentie. Van Dam citeert zijn moeder: 'Ook al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een lelijk ding'. Beter uitdrukking van standsdenken is er niet. 'Niets is minder waar' constateert haar zoon spijtig.

Als ondernemer heeft Van Dam een landgoed bij elkaar verdiend. Omdat hij de beste wilde zijn en mede daarom zo goed werd! Omdat de tv-programma's die hij, samen met Tom Pauka, bedacht had bij miljoenen in de smaak vielen. Omdat grote bedrijven hem grif 20.000 gulden betaalden voor een optreden op een personeelsavond. Omdat in een prestatiemaatschappij mensen als Marcel van Dam steenrijk kunnen worden. Dat maakt zijn kritiek sympathiek maar ook gratuit.

Meindert Fennema is oud-hoogleraar en columnist voor Volkskrant.nl. Onlangs verscheen zijn eerste roman Het slachthuis.

 
De economische vooruitgang is meer gebaat bij de tucht van de markt en de preoccupatie met het eigen succes, dan het standsbesef van weleer.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden