Meneer de fiscus

De Belastingdienst heeft weer ruim vijf miljoen aangiftebiljetten de deur uitgedaan, maar het echte werk moet nog beginnen. De directeur-generaal der Belastingen over 'de bietencampagne'....

MIKE ACKERMANS; JOOST RAMAER

Joop van Lunteren, de hoogste belastingambtenaar van Nederland, vroeg eens aan een Chinese collega hoeveel medewerkers deze onder zich had. 'Three hundred thousand' - en dat was dan nog alleen de afdeling omzetbelasting. Verbijsterd vroeg Van Lunteren, zelf baas over zo'n dertigduizend man personeel voor alle soorten belastingen, hoe de communicatie met deze mensenmassa verliep. 'Much by letter', luidde het antwoord.

De Nederlandse belastingheffing, mikpunt van de calculerende burger, is nog heilig vergeleken bij vele andere landen. Van Lunteren toont het Canadese belastingbiljet, dikker dan de Nederlandse toelichting. 'If you use method A, DO NOT use Method B', heet het al op de eerste pagina, zonder dat één van beide methods is uitgelegd.

Dezer dagen is de Belastingdienst weer volop in de weer met wat Van Lunteren 'de bietencampagne' noemt: de jaarlijkse verzending van de aangiftebiljetten. Officieel bekend als de CAVA (Centrale Adressering en Verzending Aangiftebiljetten) begint deze seizoensarbeid steeds in de periode maart-april.

'Een klein ploegje van een man of drie' van de directie Particulieren in Utrecht ontwerpt dan het nieuwe aangiftebiljet. Zij verwerken wetswijzigingen en klachten uit de panels met gebruikers die de belastingdienst ieder jaar houdt.

In september is het biljet min of meer klaar, om uiterlijk begin december definitief te worden vastgelegd. Hoofdaannemer voor het drukken van de ruim vijf miljoen biljetten is nog steeds de voormalige Staatsdrukkerij, al spreekt dat niet meer vanzelf. 'Iedere drie à vier jaar vragen we opnieuw offerte aan.'

De SDU is vier weken bezig. Dan gaan de biljetten op grote rollen naar Apeldoorn, waar de Belastingdienst ze zelf bedrukt met de gegevens van de belastingbetalers. 'Want onze bestanden zullen we nooit aan derden toevertrouwen', legt Van Lunteren uit. Ook dat duurt zo'n vier à vijf weken, evenals de verzending van midden januari tot midden februari.

Het echte werk moet dan nog beginnen, wanneer de biljetten ingevuld en wel weer terugkomen bij de 32 regionale kantoren van de dienst Particulieren. Want de verwerking van de gegevens mag dan sinds enkele jaren zijn geautomatiseerd, ze moeten wel eerst met de hand worden ingevoerd.

Pas dan kan de juistheid van de miljoenen eigen opgaven worden gecontroleerd aan de hand van de zogeheten contra-informatie. De twee voornaamste contra-bestanden komen van de banken (de rente die zij hebben uitbetaald) en van de werkgevers (inhouding van premies en loonbelasting).

De invoering in 1985 van het SoFi-nummer maakte die controle mogelijk. Sindsdien krijgt iedere Nederlandse baby bij de geboorte zijn SoFi-nummer. Pas veertien jaar later wordt het nummer actief, wanneer de Belastingdienst bekijkt of de drager een aangiftebiljet moet krijgen. Deze controle vindt ieder jaar opnieuw plaats aan de hand van twee criteria: de eerdere aangiften en de opgaven van de werkgever. Ontvangers van een biljet zijn, zoals dat heet, 'beschreven'.

Behalve gegevens uit andere bron bevatten de computers ook belangrijke strategische informatie van de Belastingdienst zelf. 'Wij beschikken over een soort vangnet', zegt Van Lunteren. 'Aangiften die niet aannemelijk zijn, blijven daarin steken.' Hoe dat vangnet werkt, houdt hij liever geheim. Wel geeft hij een voorbeeld: 'Wie nog nooit een cent rente op persoonlijke verplichtingen heeft afgetrokken en ineens tienduizend gulden opgeeft, krijgt onze bijzondere aandacht.'

Het aantal verstuurde aangiftebiljetten neemt al jaren gestaag toe, vooral door de groei van het eigen woningbezit en van het aantal looninkomens. 'Want behalve werklozen komen er ook ieder jaar banen bij', aldus Van Lunteren, 'en die worden over steeds meer mensen verdeeld.' Tegelijk is de verwerking belangrijk versneld. 'Als het even meezit, heeft iedereen die op tijd aangifte heeft gedaan, vóór de zomer een aanslag in de bus', aldus Van Lunteren. Tot voor kort lag dat moment in het najaar.

De diskette die dit jaar voor het eerst is verspreid als alternatief voor het papieren biljet, moet het aangiftecircus verder versnellen en voor de Belastingdienst eenvoudiger maken. Tot op heden zijn er zo'n tweehonderdduizend diskettes verstuurd. Van de schijf-aangiften die tot dusver zijn gedaan, ging tweederde per post en eenderde geheel elektronisch, via een modem. 'Dat laatste cijfer ligt veel hoger dan verwacht.'

Voor Van Lunteren en de zijnen is dat een hoopgevende ontwikkeling. Want 'binnen vijf à tien jaar' wil de Belastingdienst de 'interactieve aangifte' hebben gerealiseerd. Net als bijvoorbeeld bij Girotel kan de belastingbetaler dan 'desnoods om drie uur 's nachts op 31 maart' telefonisch inloggen bij een centrale computer, en meteen aangifte doen. Het voordeel van dat systeem is, dat de fiscale computergeheugens meteen kunnen ingrijpen wanneer de eigen opgaven van de belastingbetaler niet blijken te kloppen met de contra-informatie.

Dan kan niet meer gebeuren wat Van Lunteren zelf een keer overkwam. Volgens zijn eigen aangifte zou hij geld terug krijgen van de fiscus. Toen hij dat in december nog steeds niet had ontvangen, belde hij maar eens met de inspectie van zijn woonplaats Den Haag, die zijn dossier lichtte. Van Lunteren bleek te zijn vergeten het beroemde hoekje van zijn biljet af te knippen, waardoor het niet met spoed was behandeld.

'Dat zou jij toch moeten weten, Joop', klonk het droogjes aan de andere kant van de lijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden