‘Megalomaan gedrag niet belonen’

Het imago van corporaties is beschadigd. Ze moeten zich weer richten op hun kerntaak. En dat is: ‘Zorgen voor een fatsoenlijke woonomgeving.’

In een dikke brief van 36 pagina’s heeft minister Eberhard van der Laan (Wonen, Wijken en Integratie) eerder deze maand uitgelegd wat hij van plan is met de 455 woningcorporaties die Nederland telt. Zij bezitten 2,4 miljoen woningen met lage huren. Bij de presentatie van de brief zei de PvdA-bewindsman: ‘Het aanzien van de sector is flink beschadigd. We kunnen niet op de oude voet verder.’ Na een reeks excessen (SGBB, Rochdale, Woonbron met de SS Rotterdam, met als rode draad eigenmachtig optreden en torenhoge salarissen) legt de minister de corporaties een nieuwe leidraad op: minder eigenbelang, meer maatschappelijk belang.

Vandaag spreekt de Tweede Kamer over de brief, die moet uitmonden in enkele belangrijke wijzigingen van de Woningwet. Marc Calon, de nieuwe voorzitter van brancheorganisatie Aedes, en PvdA-Kamerlid Staf Depla, die de voorbije jaren vele moties indiende om de corporaties in het gareel te houden, reageren op de belangrijkste stellingen uit de brief.

Zorg voor een goede balans tussen de maatschappelijke activiteiten van corporaties en hun ondernemerschap.

Corporaties werden, sinds hun oprichting in de 19de eeuw door particulieren, steeds meer de uitvoerders van het volkshuisvestingsbeleid, naast de gemeentelijke woningbedrijven. Dit veranderde in de jaren negentig, toen ze werden verzelfstandigd. Ze zijn zelf verantwoordelijk voor hun financiën en zijn als ondernemers actief. Zo bouwen ze scholen en zorginstellingen en roeren ze zich op de grondmarkt. Tegelijk voeren ze nog steeds een overheidstaak uit; in Calons woorden: ‘ze dragen zorg voor een fatsoenlijke en betaalbare woonomgeving’.

Van der Laan stelt nu dat door de marktwerking het partnerschap tussen overheid en corporaties onder druk is komen te staan. Daarom gaat hij alle corporaties aanmerken als ‘maatschappelijke onderneming’, een rechtsvorm die wettelijk wordt vastgelegd. ‘Heel belangrijk’, vindt Kamerlid Depla. ‘Macht vraagt om tegenmacht, in dit geval van gemeenten en bewoners. Met een beperking op het ondernemerschap wordt het publieke belang beter gewaarborgd.’

Calon: ‘Corporaties zijn gedwongen om scherp te worden, hun eigen broek op te houden, te ondernemen. Dan gaat er wel eens iets fout. Maar op lokaal niveau, waar de corporaties hun basis hebben, zijn de verhoudingen doorgaans goed. In Nederland reageren we op incidenten tegenwoordig zo, als ik het met een Duits woord mag zeggen, genervt (geïrriteerd, red.). Dat is niet effectief. Het uitgangspunt moet zijn dat we een uniek stelsel hebben dat over honderd jaar ook nog overeind staat.’

Verbeter het toezicht door commissarissen en de nieuwe Woonautoriteit.

Van der Laan noemde niet-alerte commissarissen ooit ‘comateuze marmotten’. Nu schrijft hij dat ze ontslagen moeten kunnen worden en dat het interne toezicht bij corporaties ‘in de komende jaren nog forse stappen vooruit moet maken’. Zo wil de minister hogere eisen aan hen stellen voor wat betreft opleiding, ervaring, aantal commissariaten en zittingsduur.

Voor het externe toezicht wordt het huidige Centraal Fonds Volkshuisvesting omgevormd tot een Woonautoriteit. Dit nieuwe zelfstandige bestuursorgaan kan corporaties dwingende aanwijzigingen geven als zij zich niet aan de regels houden, bijvoorbeeld als ze buiten hun domein opereren of hun administratie niet op orde hebben. Maar de minister houdt een stevige vinger in de pap bij kwesties die het bestuur van een corporatie direct raken, zoals fusies of de mogelijkheid om een directie weg te sturen.

Calon: ‘Ik ben voor een sterke autoriteit die losstaat van de sector en flink kan straffen als dat nodig is. Daar moeten dan ook de mandaten liggen, niet bij de minister.’

Ook Kamerlid Depla is op dit punt nog zoekende: ‘De Woonautoriteit moet tanden hebben, maar ook de minister moet iets te zeggen hebben. Waar ligt de grens tussen autoriteit en minister?’

Laat corporaties en gemeenten samen optrekken.

‘Woningcorporaties moeten met hun werkzaamheden naar redelijkheid bijdragen aan de uitvoering van het volkshuisvestingsbeleid dat geldt in de gemeenten waar zij werkzaam zijn’, schrijft minister Van der Laan. De voorbije jaren lag het primaat te veel bij de corporaties. Dat legt gemeenten wel de plicht op een duidelijke ‘woonvisie’ op papier te hebben. ‘Die is er lang niet overal’, zegt Calon. ‘En wat is dan de sanctie voor de gemeenten? Dit is voor mij nog een hersenkraker.’

Depla: ‘Lokale verankering is de essentie van het hele plan. We dwingen corporaties en gemeenten samen op te trekken en als er iets misgaat, staan we niet machteloos.’ Geschillen tussen gemeenten en corporaties kunnen aan de Woonautoriteit worden voorgelegd.

Van der Laan neemt het voorstel over van Depla en CDA-Kamerlid Bas Jan van Bochove voor een verplicht vierjaarlijks visitatierapport waarin het functioneren van een corporatie wordt beoordeeld.

Discussie met Europese Commissie moet worden afgerond.

De Europese Commissie wil dat de groep huurders die bij corporaties terecht kan wordt verkleind, waardoor meer mensen op de vrije markt gaan huren. Van der Laan lijkt hieraan toe te geven. Brussel ‘verlangt een afbakening van de huishoudens aan wie woningcorporaties met staatssteun gebouwde huurwoningen kunnen toewijzen’, schrijft hij. Die steun, meestal in de vorm van een garantie op de financiering, hebben projectontwikkelaars niet en dat is oneerlijk, vinden de vereniging van Institutionele Beleggers in Vastgoed Nederland (IVBN) en de Commissie. Van der Laan wil de discussie snel beslechten. ‘Het werkveld van de corporaties moet breed blijven’, zegt Depla, ‘want een beperking van de doelgroep werkt gesegregeerde wijken in de hand.’

Calon: ‘Het is dom om in deze tijd als een blinde achter Brussel aan te hollen. Nederland gaat over zijn eigen volkshuisvesting. Dit moet uit de brief.’

Maak strengere regels voor bijzondere projecten en fusies.

In de Tweede Kamer is een motie aangenomen om corporaties niet groter dan 10 duizend woningen te laten zijn, maar Van der Laan vindt dat niet nodig. De grootste woningbouwcorporatie beheert op dit moment zo’n 80 duizend woningen. Hij stelt de omvang van deze grootste corporatie als grens. Groter dan nu mag dus niet. Bovendien mag na een fusie vijf jaar lang niet opnieuw gefuseerd worden en komt er vooraf een fusie-effectrapportage. ‘In alle gevallen moeten fusies via visitatie scherp worden gevolgd.’

De regels voor het onderbrengen van activiteiten in dochterondernemingen worden strikter. Marktpartijen moeten voor tweederde meefinancieren in zulke activiteiten, om de risico’s voor corporaties te beperken. Dochters mogen bovendien alleen wat moeders ook mogen. Dit om bizarre avonturen uit het verleden (investeren in schepen, voetbalstadions of bioscopen) uit te bannen.

Calon: ‘Maak niet te veel regels. Het belangrijkste is: megalomaan gedrag niet belonen.’

Beperk de salarissen tot de Balkenendenorm (maximaal 181 duizend euro) en de vertrekpremies tot maximaal een jaarsalaris.

Mark Calon van Aedes: ‘Die discussie hoort vooral bij de Vereniging van Toezichthouders thuis. Die zijn verantwoordelijk voor de salarissen. Ik zeg wel: focus niet alleen op de top, maar bekijk het hele loongebouw en bedenk dat we al een eigen branchecode hebben. Verder ben ik hierin rechtlijnig: als je per se een norm wilt, moet je een wet maken en die handhaven.’

Kamerlid Depla: ‘Goed punt. Geen discussie over mogelijk.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden